Een greep uit een jaar vol cd's. Grote namen waarover werd gepraat, die soms de meningen verdeelden. Maar ook ontdekkingen, discrete dingetjes die men te snel vergeet.
...

Een greep uit een jaar vol cd's. Grote namen waarover werd gepraat, die soms de meningen verdeelden. Maar ook ontdekkingen, discrete dingetjes die men te snel vergeet. Van A to Z. Arcado String Trio Mark Feldman, Ernst Reijseger en Mark Dresser maken wilde, grappige, ontroerende kamermuziek, die alle genres aan haar laars lapt. (Avan/Dureco) Ornette Coleman ?Sound Museum?. Twee gelijknamige albums met dezelfde 13 titels als elkaars muzikale spiegelbeeld. Colemans alt klinkt even fris en snedig in dit akoestische kwartet als bij zijn ophefmakende debuut, bijna 40 jaar geleden. Alle kenners die sindsdien beweren dat piano bij Ornette niet kàn, worden door Geri Allen op meesterlijke wijze de mond gesnoerd. (Harmolodic/Polygram) Dave Douglas ?In Our Lifetime?. Een beetje de man van het moment, die Dave Douglas. Bij Zorn, met het Tiny Bell Trio en andere eigen ensembles, de trompettist lijkt overal tegelijk. Hier brengt hij met een sextet een rijk georkestreerde hommage aan een vergeten collega, wijlen Booker Little. Voor je het merkt, vormen eigen stukken en nummers van Little een volwassen suite. (New World/Import) Fred Hersch ?Point inTime?. De Oscar Wilde van de jazzpiano kiest voor eigen stukken en een paar standards in een afwisseling van trio en kwintet. Tegen het pastel van Hersch zetten de blazers een felle, soms onverwachte toets. De saxofonist is Rich Perry, de trompettist Dave Douglas (ja, daar is hij weer). (Enja/Coda) Joe Lovano ?Live at the Village Vanguard?. Zoals alle grote saxofonisten moest ook Lovano zijn album in de oudste en beroemdste club van New York hebben. Meteen een dubbele zelfs. De kwartetstukken met piano mogen er wezen, die met Tom Harrell overtuigen niet helemaal. Lovano neemt risico's, wat niet van alle prijswinnaars kan worden gezegd... (Dat saaie big band-album van Joe Henderson.) En dat siert hem. (Blue Note/Emi) Greg Marvin ?Wake Up Call?. Dat je ook met een klassiek repertoire en de gebruikelijke kwintetformule nieuwe dingen kunt doen, bewees saxofonist Greg Marvin met dit pittige, originele album. Marvin en trompettist Tom Harrell verweven hun sololijnen tot een spannend geheel, stukken beginnen midden in een solo, zoals een film in een flitsende actiescène. Iets bijzonders. (Planet X/Solo Music) René Thomas & Bobby Jaspar ?Thomas & Jaspar Quintet?. Een klassieker van de Belgische jazz, opgenomen in 1961, toen de gitarist en de saxofonist uit Luik hun tijd zoek maakten in Rome. Zoveelste stop in een nooit echt gelukte internationale carrière, die wel mooie muziek opleverde. (Rca Victor/Bmg) Lennie Tristano & Warne Marsh ?Intuition?. Het titelstuk ging de geschiedenis in als de eerste totale improvisatie in de jazz. Samen met de andere Capitol-opnamen van pianist Lennie Tristano staat het op één monumentale cd met de even obscure als briljante lp ?Winds of Marsh?, opnamen uit de jaren vijftig van saxofonist Warne Marsh. Ooit heette dit koele muziek voor intellectuelen. In feite is het jazz, die alles op de melodie zet, zonder emotionele trucjes. Onmisbaar. (Capitol/Emi) James Blood Ulmer ?Odyssee?. De jaren tachtig voor jongemannen die in driedelige pakken opnieuw de jazz zouden uitvinden. De gitarist en zijn trio borstelen een hallucinant en naïef portret van de VS, de clichés uit de rock, folk, punk, funk en fusion vliegen vrolijk in het rond. (Columbia/Sony) Cassandra Wilson ?New Moon Daughter?. De nieuwe Stem van de jazz, als we de rockpers mogen geloven. Een sensueel, diep geluid, slimme arrangementen, een breed repertoire, en heel clever geproduceerd. Charmant, innemend, smaakvol maar toch nog even wachten voor we stem met een hoofdletter schrijven. (Blue Note/Emi) John Zorn ?Bar Kokhba Masada Chamber Works?. Zeker niet het meest gewaagde werk van de grote meester. Maar Zorn was alomtegenwoordig met memorabele concerten, filmmuziek, platenproducties. En de slepende melancholie van deze joods-Arabisch geïnspireerde kamermuziek heeft haar eigen charmes. (Tzadik, dubbele cd/Dureco) ADIEU Ella Fitzgerald (1917), Jimmy Rowles (1918), Gerry Mulligan (1927), Eddie Harris (1934) en Barney Wilen (1937).