Zonder twijfel is Brussel de meest wereldse stad van ons land, uitgestrekt en boeiend door zijn architecturale en etnische variatie, met stadsdelen die opkomen of verloederen, en duizenden cafés en restaurants van uiteenlopend allooi. In deze immer pruttelende sudderpot van culturen kun je heerlijk opgaan in het onbekende, en ook de toevallige passant wordt meegesleurd in het bruisende leven dat op elk uur van de dag of nacht wel ergens oplaait. Een culinaire stadswandeling uitstippelen in zo'n veelzijdige plek is verwarrend, want de nieuwsgierige dreigt onder te gaan in het aanbod.
...

Zonder twijfel is Brussel de meest wereldse stad van ons land, uitgestrekt en boeiend door zijn architecturale en etnische variatie, met stadsdelen die opkomen of verloederen, en duizenden cafés en restaurants van uiteenlopend allooi. In deze immer pruttelende sudderpot van culturen kun je heerlijk opgaan in het onbekende, en ook de toevallige passant wordt meegesleurd in het bruisende leven dat op elk uur van de dag of nacht wel ergens oplaait. Een culinaire stadswandeling uitstippelen in zo'n veelzijdige plek is verwarrend, want de nieuwsgierige dreigt onder te gaan in het aanbod. In de 'oude benedenstad' wachten voor de 'boertjes van de buiten' internationaal bekende uitgaanscentra als de Grote Markt, het Ilot Sacré met de toeristische Beenhouwersstraat, en het Brouckèreplein. De oude glans is hier toch wel goeddeels versleten. Modieuzer gaat het eraan toe op het Sint-Goriksplein en in de Dansaertstraat, hoewel een gedeelte van het ontrouwe trendy volkje alweer heeft afgehaakt en zich elders in de stad verbergt. In de volkse Hoogstraat verschijnen de laatste jaren veel leuke, kleine multiculturele eethuizen en het is er gezellig, zolang je autoruit niet wordt ingeslagen. De 'bovenstad' is er voor echte Brusselaars en mensen die hun weg weten. Het Kasteleinsplein, met zijn kleurrijke markt op woensdagnamiddag, en het pleintje voor de Sint-Bonifaaskerk groeiden de laatste tijd uit tot vaste kernen, waar het zoeken is naar parkeerplaats voor auto en mens. Alles wijst erop dat het lang achtergebleven Flageyplein, dat nu nog een bouwput is, in de toekomst een boeiende uitgaansbuurt zal zijn. De horeca loopt, zoals gewoonlijk, vooruit op de veronderstelde ontwikkelingen en aan de randen van het plein en in de straten rondom verschijnen verfrissende nieuwe formules om de maag op een originele manier te vullen bij een glas Nieuwe Wereld-wijn. Tijdens onze culinaire wandeling stoppen we bij nieuwe eethuisjes waar het uit eten gaan nieuwe dimensies krijgt, maar wij kunnen het ook niet laten om enkele gedegen vaste waardes opnieuw naar voren te brengen. Zo is er voor alle soorten honger een keuze aan steigers om aan te meren, van klein tot groot en van landelijk tot verfijnd. Mooi en ruim is het gloednieuwe Natural Café (1), gelegen op een opvallende hoek van de Louizalaan. Voor deze proefvestiging sloegen de baas van het nabijgelegen, succesvolle restaurant Rouge Tomate en de invoerder van Illy-koffie de handen ineen. Het zuivere ontwerp is van de Illy-architecten van Lucca Design. Glanzend, roestvrij staal en grote vlakken tropisch hout dienen de gepaste atmosfeer te creëren bij een door zorg omringd kopje koffie, zoals een mandorlino espresso met amandelmelk en vloeibare suiker, of een marocchino met warme chocolade. Vanuit de muur komt een aanvullende kleine restauratie in de vorm van groene sandwiches, fruit, salades, taarten en sappen. De nieuwe koffiebar is bedoeld als 'antisnack' en is gemaakt om snel de wereld te veroveren. Binnenkort opent een tweede Natural Café in de Brusselse Dansaertstraat, en als alles volgens plan verloopt, zullen er binnen twee jaar in Brussel en Antwerpen vijf vestigingen zijn. Mary Fehily kwam als au pair van Dunmanway in West-Cork naar Brussel. Omdat koken haar leven was, begon the cook from Cork met een kleine catering business. Lachende Mary houdt van Brussel en Brussel van haar. Haar eenvoudige snackbar The Fresh Company (2) heeft op de geboende plankenvloer een eettoog en enkele kleine tafels met natuurhouten blad. Tijdens het lunchuur staan achttien schalen klaar met warme en lekkere, mediterraans en Aziatisch getinte bereidingen, altijd met veel groenten en olijfolie. Je mag zelf aanwijzen waarmee je een groot bord wilt vullen en dan betaal je 9,50 euro. Meeneemkommen komen op 7,80 euro. Mary is begonnen als hulpje in restaurant Scheltema en was leerling aan de Ritz-kokschool in Parijs. Na twaalf jaar vindt Mary dat de formule aangepast mag worden. Zij schreef zich in voor een cursus bij Ducasse en pakt na de zomer uit zonder toog maar met enkele tafels extra. Oups (3) is de leuke soepbar die door Nathalie Massoud met beperkte middelen werd ingericht. Aan de ingang is het soepcentrum, waar men tijdens het lunchuur geduldig in de rij staat voor een kom soep en een homp in huis gebakken brood. In het achterhuis kan men rustig zitten en daar zijn vrouwen in de meerderheid. Nathalie stelt aan de mensen voor om twee soepen in halve porties te proeven in plaats van één. Haar repertoire is internationaal : ze bereidt Marokkaanse harira met lam, kikkererwten, linzen en tomaat (5,50 euro en 4,90 euro als meeneemprijs), Griekse fassolada met tuinbonen, tomaten en olijven (5,30 / 4,70 euro), veloutésoep met wortel en komijn (5,30 / 4,70 euro), Libanese chorba met linzen, snijbiet, koriander en citroen (5,30 / 4,70 euro) of Chinese zoetzure soep met groenten, varkensvlees en paddestoelen (5,50 / 4,90 euro). Chez Marie (4) is een intieme kwaliteitsbistro met kosmopolitische aanhang. Volk dat niet op een euro meer kijkt, laat zich hier, te midden van een nostalgische omgeving met foto's van vrouwen aan de muur, verwennen door de zuiderse bereidingen van de Franse chef-kok Lilian Devaux en het wereldomvattende wijnadvies van de Canadese sommelier Daniel Marcil. Zijn kaart vermeldt 400 referenties, die gaan van klassiekers tot persoonlijke ontdekkingen uit een vijftiental verschillende landen. Zo'n 35 wijnen worden ook per glas geserveerd. Virginie en Christian Vanhée oogsten na Soho en Chelsea voor een derde keer succes met Tribeca Kitchen & Bar (5). Voor dit project koos het duo een monumentaal negentiende-eeuws herenhuis aan de deftige Louizalaan. Men komt binnen via een koetspoort in smeedijzer. Op de benedenverdieping wordt gegeten in een opulent, warm en huiselijk decor. De bereidingen stellen soms een beetje teleur. Men kan ook doorlopen naar hoger gelegen ruimtes. Boven aan de brede trap wachten de stemmigste loungevertrekken waar men lui onderuit gezeten in fauteuils kan genieten van een cocktail of een glas wijn. De sierlijke Coralie Mouge weet veel over wijn. Deze jonge sommelier gebruikt al haar kennis om de klanten van haar wine barUn des Sens (6) een goede wijn voor te stellen. Er wachten zo'n 120 verschillende flessen in de voorraad. Vraagt men naar haar lievelingsexemplaar, dan kiest Coralie een Arbois Chardonnay, Overnoy / Houillon 1990 (40,8 euro ter plekke of 24,50 als meeneemprijs). Un des Sens heeft een tiental tafeltjes en, in het achterhuis, enkele barkrukken voor een toog, waarachter wordt geschonken en gekokkereld. Coralie vraagt haar bezoekers van welk type wijn ze houden en stelt er vervolgens eentje voor. Een tiental is er beschikbaar per glas. Voor de kleine honger wachten een gevulde kaasplank, tapas met rillettes van gans, ham met peterselie of warme geitenkaas met truffelolie. Voor de fijnproever is er een salade gourmande met krullen ganzenlever, gedroogde eendenborst met olie van witte truffels en gekonfijte tomaten (15,90 euro). Een bord met gemengde hapjes met drie verschillende glazen wijn kost 17,95 euro. Bistro en wijnbar Delecta (7) heeft zijn onderkomen in een oude kruidenierswinkel. Niet alleen de naam maar ook de inrichting van de buurtwinkel uit de jaren vijftig bleef grotendeels gehandhaafd. Op de schappen staan flessen wijn en bier en achter het glas van de koeltoog wachten broodjes met vleeswaren van eerste kwaliteit. Een bord met Serrano-ham komt op 4,5 euro, een bord met rillettes uit Anjou op 3,1 euro. De eigenaar komt uit de wijnwereld en ontwierp het concept voor mensen die ook van die drank houden en een hekel hebben aan stijf gedoe. Jong en oud komt zich hier ontspannen bij een goed glas. Het aanbod omvat zo'n tweehonderd verschillende wijnen, waarvan er vijftien ook per glas worden geschonken. Er zijn kranten beschikbaar en er worden regelmatig concerten rond de potkachel georganiseerd. Voor warme dagen wacht een terras voor de deur, op het voetpad. Voor liefhebbers van zuiders eten, die niet zijn vastgeroest en iets nieuws durven ontdekken, is er het eethuis Les Pyramides (8). Het Egyptische restaurant koos de vroegere sportzaal van Jean-Claude Van Damme als locatie. De inrichting van de grote, schemerige ruimte is Egyptisch zonder veel franjes en, naar onze begrippen, een beetje ongezellig. De kwaliteit van de geserveerde gerechten en de prijzen maken alles goed. Een mezze met dertien verschillende lekkere bereidingen komt voor twee personen op 20 euro : wie doet dat na ? Eenvoudige humus met een snuif paprikapoeder en komijn, ful mesdames met bruine bonen, baba chanouke van puree van aubergines en koeskoes van gestoomd kafferkorenmeel met gestoofde groenten : het is allemaal heerlijk en gezond ! Helemaal nieuw is Café des Spores (9), een in het zwart gedecoreerde wijnbar met, voor de plotse honger, hapjes op basis van paddestoelen. Het is een project van sommelier Philippe Emanuelli en 'paddestoelenfreak' Pierre Lefevre. De laatste heeft pal aan de overkant van de straat in een nostalgisch betegelde beenhouwerij zijn handeltje Champignac, La Maison du Champignon ondergebracht. Pierre was voorheen boekhandelaar gespecialiseerd in komische strips. Als kind trok hij reeds met zijn vader de bossen in om paddestoelen te rapen, die zij aan restaurants verkochten. Philippe is een leerling van wijnkampioen Eric Boschman. Voor het Café des Spores stelde hij een repertoire samen van zo'n 350 flessen. Het accent ligt op Spaanse soorten. Een twintigtal is er beschikbaar per glas. Voor de plotse honger staan er tafeltjes op de tussenverdieping waar men tapa-achtige hapjes serveert en enkele eenvoudig bereidingen, zoals geitenkaas met gebakken oesterzwammen en raketsla (6,50 euro), en haan in wijn (14,50 euro). De la Vigne à L'Assiette (10) is qua uiterlijk een bescheiden wijkbistro. In dit decor zonder franjes met kale tafelbladen verkopen wijnkampioen Eddy Dandrimont en kok Eric Van den Bergen hoogstaande hedendaagse fijnkost aan bodemprijzen. De chef-kok werd in Korea geboren, liep koksschool in België en ging in de leer in Brusselse topeethuizen, zoals L'Ecailler du Palais Royal en Inada. Zijn fijne gerechten tonen respect voor de intrinsieke waardes van de topproducten. Eddy Dandrimont behaalde de titel van Eerste Sommelier van België, werkte bij Romeyer en werd eveneens opgeleid door wijngoeroe Boschman. De door hem met zorg geselecteerde wijnen worden verkocht aan inkoopprijs plus een vaste en veeleer bescheiden winstmarge. Er is een ruime keuze wijnen per glas. De lunch komt op 12,30 euro en er zijn menu's voor 19,60 en 32,20 euro. Op de hoek van de Stassartstraat en het Stefaniaplein ligt Tea & Eat (11), de fijnkostwinkel van het wat hogerop in de Stassartstraat gelegen gelijknamige theesalon. Tea & Eat bezet de benedenverdieping van een prachtig herenhuis. Wij werden verwelkomd door een kwispelende grote zwarte hond, die zijn plaats normaal gesproken in de hoek van de winkel heeft. Hoe lief die hond ook is, hij hoort niet thuis in een delicatessenwinkel. Stephanie spreekt Frans en stelde het repertoire samen. Zij vermeldt met trots dat zij de alleenverdeler is van het uitgebreide gamma theesoorten van de Parijse Betjeman and Barton, fabrikant sinds 1919. Nieuw is Gentleman à Deauville : thee geparfumeerd met chocolade, mandarijn en voorjaarsbloemen (4,75 euro per 100 gram). Op de schappen van Tea & Eat staan producten als tapenade, linzen, truffelolie en andere olies, pesto, pasta, koffie en confituur. Er is een toonbank met koelvitrine voor de bereide gerechten, zoals gevarieerde samengestelde salades met veel verse kruiden, en sandwiches met gegrilde groenten, raketsla en Parmezaanse kaas. Ook de theesalon op nummer 121 van dezelfde straat heeft een prachtige oude woning als onderkomen. Men kan er in een elegante, rustgevende omgeving, te midden van chic en stijf volk, genieten van een verzorgd ontbijt, een lichte lunch of high tea met scones, slagroom, confituur en een sandwich met gerookte zalm (12,50 euro). Saburo Inada koos voor een nieuwe inrichting van zijn gastronomisch restaurant Inada (12). Het resultaat mag gezien worden en de grootmeester ziet het weer helemaal zitten. De vriendelijke Japanner wilde als jongetje de wereld zien en de horeca moest hem overal brengen. Stapje voor stapje besteeg hij de ladder. In Europa leerde hij de kwaliteiten kennen van ganzenlever, truffel en frambozen. De grote gastronomie leerde hij in tempels zoals L'Oustau de Baumanière in Frankrijk. Dertien jaar terug nam Saburo een verlaten viswinkel over, die hij inrichtte als gerieflijk restaurant. Het recente nieuwe decor is wat meer zen, zonder kaal te zijn. Via een glazen wand is de kok zichtbaar in de keuken. Op de muur staat in het Japans en het Engels : "We seek to serve you food for culture, joy and peace." Zijn bereidingen zijn Italiaans getint en dragen hier en daar een Aziatische toets. Succesnummers zijn : gekarameliseerde palingfilet op z'n Japans (16 euro) en gestikte duif met gebakken eendenlever (25 euro). De lunch komt op 22 euro (30 euro met wijnen) en een menu van vier gangen kost 40 euro (55 euro met wijnen). Om te ontspannen in een behaaglijke omgeving bij een wereldse maaltijd is er bar-lounge Kolya (13), het elegante restaurant van het opulent gedecoreerde vijfsterrenhotel Manos Premier Brussels. Men zakt er weg in kussens van banken en fauteuils en men geraakt er snel in de ban van het comfort, van het prachtige decor, de vriendelijke bediening en de chique, kosmopolitische sfeer. De eetzaal heeft een glazen dak en is omgeven door een groene tuin met eeuwenoude bomen. De spijskaart vermeldt zowel traditionele als fusionbereidingen. Via het Globe Trotter Menu is het mogelijk om op culinaire excursie te gaan. De lunch kost 15 euro en dat is geen geld voor zo'n uitverkoren plaats ! Easy Tempo (14) heeft in een mum van tijd de harten van Italiaans gezinde Brusselaars veroverd. De eigenaars Sebastiano en Benedetto maakten iets met hart en ziel en staan zelf perplex van het succes. Dit pretentieloze en eenvoudige Italiaanse pasta- en pizzarestaurant pur sang heeft zijn onderkomen in een uit 1905 daterende beenhouwerij. Het sierlijke tegeltafereel aan de muur dateert nog uit die periode. Achter een lange toog werken Italiaanse koks behendig met dunne lappen deeg, die zij rijk beleggen en als smakelijke dunne pizza's uit de oven halen. Schalen met antipasta, zoals gegrilde groenten met olijfolie, vormen het voorgerecht. Daarna is er keuze uit een breed repertoire pizza's of pastabereidingen. Vlees- en visgerechten moet je hier niet vragen. De bediening is vriendelijk en de prijzen zijn licht. Het publiek is gemengd en uitbundig, waardoor het er soms lawaaierig aan toe kan gaan. Easy Tempo is een echte aanrader ! La Manufacture (15) is een klassieker onder de trendy brasserieën. Het restaurant is ondergebracht in de voormalige werkplaatsen van de marokijnfabrikant Delvaux. Het fraaie decor is opgebouwd uit edele materialen, zoals hout, metaal en steen. De omgeving blijft dertien jaar na de opening nog steeds boeien, en dat kan ook worden gezegd van de bereidingen. De gerechten van chef-kok Philippe Peerebooms zijn van een constante kwaliteit, gaan mee met de tijd en tonen Aziatische invloeden. Succesnummers zijn : grijze garnalenkroketten in brickdeeg (12 euro), zeebrasem in sesamkorst (16,80 euro) en ragout van kalfszwezerik, gebakken okra's en basmatirijst met verse koriander (18,50 euro). De tweegangenlunch kost 13 euro en er zijn menu's aan de prijs van 29 en 50 euro. Aan het einde van de Antoine Dan- saertstraat, op de benedenverdieping van een oud woonblok met uitzicht op het kanaal, ligt eetcafé De Walvis (16). Het is een van de recentste projecten waarmee Frédéric Nicolay een vergeten stadsdeel weer in de kijker plaatst. De kok en designer ontwierp een inrichting geïnspireerd op de jaren vijftig, die eruitziet alsof ze er altijd is geweest. De Walvis is overdag een gemoedelijk in- en uitloopstation voor trendy volk, Arabieren uit de wijk en vrouwen die hier de krant of een boek komen lezen. 's Avonds kan het druk zijn, vooral wanneer een dj muziek draait of er een groepje speelt. Voor de plotse honger is er een vitrine met salade en broodjes met een schijf gehakt of Sardische droogham, roastbeef met in huis gedraaide mayonaise. Kok van dienst is Eva Swinnen en zij kan veel. Ze heeft gedegen horeca-ervaring en dat proef je aan de dagschotels, zoals lamsragout uit de grote pot (7 euro). n Tekst Pieter van Doveren I Foto's Charlie De KeersmaeckerAlle soorten honger komen hier ruimschoots aan hun trekken : van klein tot groot, van landelijk tot verfijnd.