Op de Beeck heeft vannacht drie uur geslapen. Volgende week vertrekt hij naar Frankfurt om er te starten met de repetities van zijn eerste theaterstuk, en er moeten nog enkele dingen voor tentoonstellingen buiten. "En net vandaag komen jij en de fotograaf langs", lacht hij. "Mij laten fotograferen, ik hou er niet van." We zitten in een loftachtige keuken. Witte druiven op een wit bord, gebroken chocoladerepen op een kleiner bordje, een fles rosé, water en halfvolle glazen. Het lijkt wat op een nature morte van de kunstenaar.
...

Op de Beeck heeft vannacht drie uur geslapen. Volgende week vertrekt hij naar Frankfurt om er te starten met de repetities van zijn eerste theaterstuk, en er moeten nog enkele dingen voor tentoonstellingen buiten. "En net vandaag komen jij en de fotograaf langs", lacht hij. "Mij laten fotograferen, ik hou er niet van." We zitten in een loftachtige keuken. Witte druiven op een wit bord, gebroken chocoladerepen op een kleiner bordje, een fles rosé, water en halfvolle glazen. Het lijkt wat op een nature morte van de kunstenaar. "Mijn tweelingbroer en ik waren de nerds van de klas", vertelt Op de Beeck. "Een ramp in sport, maar de beste in tekenen en opstellen schrijven. De liefde voor taal, tekenen en muziek zat er van huis uit in. Mijn grootvader was een verdienstelijk schilder, mijn vader regisseerde in het amateurtheater, enkele familieleden maakten muziek en mijn nicht Griet is schrijfster." De liefde voor het picturale zit vandaag nog steeds in zijn werk. "Of ik nu aquarellen, foto's, films, installaties, theater of muziek maak, het gaat om het precieze evenwicht, de juistheid van het detail waardoor kunst een venster op de wereld wordt, een beleving." Op de Beeck wil zowel de kunstkenner als de leek aanspreken. Daarin wordt hij soms verkeerd begrepen. "Omdat ik voor een vrij breed publiek werk, neemt men aan dat ik tegen hermetische kunst zou zijn. Dat is een misvatting. Ik vind dat ze allemaal evenveel bestaansrecht hebben, van de animatiefilms van Pixar tot dichtbundels die door twintig mensen worden gesmaakt. Wanneer de beide uitersten van het spectrum en alles er tussenin kunnen bestaan, betekent het dat het goed gaat met de samenleving. We moeten waken over die vrijheid." Op de Beeck wil de toeschouwer een palet van emoties en gewaarwordingen geven. "Ik zoek de dunne lijn tussen het ridicule en het ernstige, het mooie en het lelijke. Ik wil via de beleving aan zowel vredigheid als aan de melancholie raken. Het leven is nooit eenzijdig positief of negatief. Door het tonen van die verschillende aspecten van het leven wil ik troost, diepte en herkenning bieden. We hebben iets gemeenschappelijks, de toeschouwer en ik. Dat zalvende ervaar ikzelf ook wanneer ik een goed boek lees. Het helpt je vooruit, het zet je aan tot introspectie en reflectie over de wereld." "Sommige kunstenaars zeggen dat ze de toeschouwer een geweten willen schoppen. Dan denk ik : kijk in de spiegel en schop eerst jezelf een geweten." Hij lacht luidop wanneer hij het zegt. "De paternaliserende kunstenaar, de ziener, de geniale kunstenaar, dat is flauwekul. Iedereen maakt fouten en we leren niets uit de geschiedenis, daar moeten we mee omgaan. Je moet in het leven vooral doen waar je goed in bent en je daar met volle toewijding op richten. De bakker bij ons in het dorp is altijd vrolijk, wellicht omdat hij weet dat hij goed brood bakt, met ziel en vakmanschap. Dat de mensen zijn brood lekker vinden, dát is bevredigend, voor hem en voor ons." Kunst maken of met je kinderen naar de kermis gaan ? Op de Beeck : "Dat is appelen met peren vergelijken. Als kunstenaar is 'het heilige maken', zonder daarover pathetisch te doen, een roeping die implicaties heeft voor je sociale en familiale leven. Tegelijkertijd zijn de belangrijkste personen in mijn leven mijn vier kinderen en mijn vrouw. Maar je moet als kunstenaar toegeven dat creëren zoals eten en drinken is, misschien nog wezenlijker dan die vijf mensen. Anderzijds : wanneer er ooit iets misgaat met een van mijn kinderen en ik mijn carrière zou moeten opgeven, dan doe ik dat meteen." "Streven naar onsterfelijkheid vind ik wanstaltig ijdel. Ik hoef niet herinnerd te worden, ik wil nú met een publiek communiceren. Met alles wat ik in me heb, wil ik een zo sterk mogelijk beeld maken. Ik ben goed in beelden maken, of beter gezegd, daar kan ik goed in zijn, want ik maak ook veel ruis. Als er ergens een oud werk wordt opgesteld, dan denk ik wel eens : dat is de slechtste sculptuur die ik ooit heb gemaakt. Zelfkritiek is belangrijk, want iemand die elke scheet die hij laat een meesterwerk vindt, heeft een probleem. Die begrijpt het niet. Ik ben de laatste om over mezelf te zeggen dat ik een groot kunstenaar ben. Dat is geen valse bescheidenheid. Ik weet dat ik een fucking goed kunstwerk kan maken, ik heb dat potentieel. Maar het blijft vallen en opstaan." 's Mans handen zijn niet de zachte handen van een klaviertikker : gebarsten nagels, littekens en vlekken. Nochtans heeft hij al enkele kortverhalen op zijn palmares staan en gaat zijn eerste theaterstuk op 19 september in première in Frankfurt, in het Duits. "Ik ben geen conceptuele kunstenaar zoals bijvoorbeeld Jeff Koons, die alles laat uitvoeren. Ik sta in het atelier, tussen mijn medewerkers. Ik heb dat maken, dat schaven en onderweg zijn met een werk nodig. Mijn team levert prachtig werk, maar overal waar mijn subjectieve hand nodig is, doe ik het zelf : aquarelleren, tekenen, schrijven,..." Als auteur stelt hij zich nederig op, zo blijkt. "Ik ben geen echte schrijver. Tot dusver schreef ik maar een zeshonderdtal pagina's. Onlangs schreef ik mijn eerste theaterstuk en meteen voor een professionele opdrachtgever. Ik werd uitgenodigd door Schauspiel Frankfurt om een stuk te schrijven, het te regisseren en er de decors en de kostuums voor te ontwerpen. Wellicht zal ik ook de muziek componeren. Zo probeer ik mezelf steeds opnieuw uit te vinden. Ooit wil ik een langspeelfilm draaien." Op de Beeck is een druk man, maar hij blijft er rustig onder. "Per jaar heb ik tien solo- en twintig groepstentoonstellingen. Dat impliceert dat we de klok rond werken om die projecten parallel voor te bereiden." Daarnaast begeleidt hij doctoraalstudenten en schrijft hij aan een theatervoorstelling voor kinderen die hij in 2016 in Het Paleis zal regisseren. In de States had hij de afgelopen jaren vier museale solotentoonstellingen. Recenter was er ook interesse van de Sammlung Goetz in München. "Net als bij Kunstverein Hannover kreeg ik in München een grote totaalexpo van mijn werk. Beide tentoonstellingen hadden een retrospectief karakter, met grote installaties, sculpturen, fotowerken, video's en aquarellen uit de afgelopen vijftien jaar. Ze dompelden de toeschouwer zaal na zaal in verschillende sferen onder en lieten zien waar het bij mij als kunstenaar over gaat : over onderdompeling, over tastbaarheid, over een zintuiglijkheid die de toeschouwer meevoert naar een raadselachtige fictie die spreekt over onze moeizame omgang met de wereld." Deze zomer valt zijn werk te bewonderen in Venetië. Op de Biënnale staat in het Palazzo Franchetti een grote glassculptuur en in de Palazzo Fortuny draait er een animatiefilm van hem. In eigen land bezit de abdijsite Herkenrode in Hasselt sinds kort een monumentale permanente installatie: Het Stille Uitzicht/The Quiet View. Bovendien kunt u in het kasteel van Chimay nog tot eind juli van de expo Décors et figurants genieten. Komt die Belgische retrospectieve er dan toch nog eens van ? Info : www.hansopdebeeck.com, www.abdijsiteherkenrode.be, www.chateaudechimay.be. DOOR STEVEN GRAAUWMANS & PORTRET CHARLIE DE KEERSMAECKER