We zitten samen in het Vlaams-Afrikaans huis Kuumba in de Congolese wijk Matonge, op een boogscheut van het Europees Parlement. Tussen de van Primus genietende Congolezen en een enkele eurocraat ontvouwt zich een gesprek over de mooie cultuur van het land waar nog een groot deel van de familie van Ronny en Esaie woont. Ze tasten af. Want hoewel ze dezelfde Congolese vader hadden, ontmoetten ze elkaar pas onlangs voor het eerst. "Een klein jaar geleden zaten Esaie, zijn moeder en ik in Brussel voor de eerste keer samen aan tafel en aten we poulet à la Moambé en gebakken rupsen met pilipili. Ik was zenuwachtig", zegt Ronny. "Al een paar jaar verdiep ik me in de afkomst en het leven van onze vader en daardoor besloot ik om ook mijn halfbroer Esaie op te zoeken. We hadden dezelfde Congolese vader, maar Esaie heeft in tegenstelling tot mij ook een Congolese moeder en opvoeding. Dus ik vermoedde dat hij een rasechte Congolees zou zijn, dat hij Lingala zou spreken. Ik dacht dat het cultuurverschil misschien te groot zou zijn om een soort van band op te bouwen."
...

We zitten samen in het Vlaams-Afrikaans huis Kuumba in de Congolese wijk Matonge, op een boogscheut van het Europees Parlement. Tussen de van Primus genietende Congolezen en een enkele eurocraat ontvouwt zich een gesprek over de mooie cultuur van het land waar nog een groot deel van de familie van Ronny en Esaie woont. Ze tasten af. Want hoewel ze dezelfde Congolese vader hadden, ontmoetten ze elkaar pas onlangs voor het eerst. "Een klein jaar geleden zaten Esaie, zijn moeder en ik in Brussel voor de eerste keer samen aan tafel en aten we poulet à la Moambé en gebakken rupsen met pilipili. Ik was zenuwachtig", zegt Ronny. "Al een paar jaar verdiep ik me in de afkomst en het leven van onze vader en daardoor besloot ik om ook mijn halfbroer Esaie op te zoeken. We hadden dezelfde Congolese vader, maar Esaie heeft in tegenstelling tot mij ook een Congolese moeder en opvoeding. Dus ik vermoedde dat hij een rasechte Congolees zou zijn, dat hij Lingala zou spreken. Ik dacht dat het cultuurverschil misschien te groot zou zijn om een soort van band op te bouwen." "Die onzekerheid was lang een obstakel tussen ons", vult Esaie aan. "Ik ben meer Congolees dan Ronny. We groeiden allebei op in België, maar ik heb herinneringen aan de grootse kleurige feesten met traditionele, elegante kleren, de intense geuren en de excentrieke dansmuziek, omdat ik met mijn moeder en zus vaak binnen de Congolese gemeenschap vertoefde. Ronny niet. Dat ik nog een broer had, wist ik wel, maar er was niet zoveel behoefte om elkaar op te zoeken. Het is niet omdat je in theorie familie bent, dat je je ook familie voelt." "Dat is ook wel vreemd," bevestigt Ronny, "familie is eigenlijk erg belangrijk in de Congolese samenleving. Tijdens de zoektocht naar het verhaal van onze vader ben ik naar Congo getrokken. Toen ik in zijn geboortedorp aankwam, overviel me er een groot gevoel van solidariteit. Een die ik in België nog niet was tegengekomen. In de Congolese gemeenschap heeft elk lid van de familie, hoe jong of oud ook, een zekere autoriteit die gerespecteerd wordt. Ik vind dat mooi. Die instelling maakt ook de band tussen mij en Esaie bijzonder. Esaie is de oom van mijn kinderen, maar in Congolese ogen is hij ook een soort van papa. Dat is iets om over na te denken. Mochten we samen in Congo wonen, dan zou hij mijn kinderen mee opvoeden." Esaie Elonge Bitumba : Dat zorg voor elkaar sterk zit ingebakken. Dat komt omdat Congolezen openstaan voor mensen en voor wat het leven brengt. Mijn moeder is daar een mooi voorbeeld van. Wanneer je haar ontmoet, geeft ze je zeer rap het gevoel dat er een soort van vriendschapsband ontstaat, ook al kent ze je niet. Als je respect toont, zul je respect en vriendschap terugkrijgen en je snel op je gemak voelen. Ronny Mosuse :Dat is waar. Ik heb dat zelf ervaren. Ik noemde de mama van Esaie bij onze eerste ontmoeting "madame Rose". Ze corrigeerde me direct : het is niet "madame Rose", het is "mama Rose". Dat klinkt onwennig voor mij. In het geboortedorp van mijn vader noemde iedereen mij "papa Ronny". Dat voelde ook gek, maar tegelijk ook wel speciaal, respectvol. Het zijn vormen van waardering die in de taal zijn doorgedrongen en dus een belangrijke uiting zijn van een diep geworteld cultureel verschijnsel. Esaie Elonge Bitumba : Ja. Congolezen zijn open en expressief. Ze leven gewoonweg echt graag. Loop eens rond in de Congolese wijk Matonge in Brussel en je voelt dat direct aan. Kijk naar de klederdracht, de stoffen in de winkels van de couturiers. Er is zoveel kleur en overal hoor je muziek. De Congolese muziek is fantastisch. Ik houd van de muziek van de jaren tachtig waarmee ik ben opgegroeid, Papa Wemba bijvoorbeeld, die echte rumba. De muziek zit vol verhalen en ritme. Als je de muziek hoort, kun je bijna niet anders dan dansen. Het is voor Congolezen een manier om zich uit te drukken, tijdens een begrafenis, een huwelijk, een feest of gewoon wanneer je zin hebt. Altijd eigenlijk. Ronny Mosuse :Congolezen organiseren een feest, enkel en alleen omdat ze dan kunnen dansen. Ik leer de Congolese muziek nu pas kennen. Ze is fantastisch. De voorliefde voor kleur en voor muziek vertelt zoveel over de cultuur. Ik heb een nieuwe levensadem meegekregen uit Congo : een droom en mooie ideeën die het grijze Belgische leven toch meer pit geven. Ik leerde wat echte solidariteit is, wat genieten is en vooral dat het leven meer is dan werken alleen. Dat geef ik mee aan mijn kinderen : dat er andere manieren van leven zijn dan de onze. De Congolezen plukken de dag. Esaie Elonge Bitumba : Dat is waar, maar Congolezen zijn van nature heel fiere mensen. Afrikanen in het algemeen zien het leven als een groot geschenk. Niet als een gegeven om veel over te lopen klagen. Ronny Mosuse :Congolezen kennen hun land en hun geschiedenis veel beter dan dat wij de onze kennen. Ze weten dat het voor hen niet simpel was en is. Toch hebben ze zo veel zin in het leven. Elke dag zoeken de Congolezen een manier om te overleven en toch is elke dag een geschenk. Esaie Elonge Bitumba : Er was een tijd in de geschiedenis dat de 'zwarte man' niet als een mens werd gezien. En dat maakt dat Congolezen nog veel meer het menselijke aspect van het leven vieren. Tuurlijk zijn we wel allemaal mensen. Dat moeten we op een mooie, positieve manier omarmen. Ronny Mosuse :Ik ga akkoord met Esaie. Ik vind ook dat wij in het Westen niet helemaal klaar zijn met onze houding tegenover andere culturen. De media schilderen de Congolese gemeenschap nog altijd af als 'iets aparts'. Het blijft iets 'speciaals' terwijl die gemeenschap zo Belgisch is als maar kan zijn. Voor de Congolese jongeren is dat moeilijk. Esaie en ik hadden het daar vroeger zelf moeilijk mee, we hadden weleens te maken met racisme. Bovendien hadden we geen rolmodel, want onze vader was er voor ons beiden van jongs af aan niet. Congolezen in het algemeen missen soms ook wel een beetje identiteit. Door het gebrek aan respect en aanvaarding, maar ook door de geschiedenis waarin de kolonisatie een aantal zwarte bladzijden beslaat. Esaie Elonge Bitumba : Zeker. In die zin dat de Congolezen door het koloniale verleden veel van hun cultuur, tradities en waarden verloren hebben. Stilaan wordt nu wel geprobeerd om de prekoloniale waarden, een soort van roots terug te vinden. Er zijn meer en meer Congolezen die zoeken naar wat er was voor de kolonisatie. De sterke wortels van de Congolese cultuur zijn niet uitgeroeid, maar moeten opnieuw gewaardeerd worden. Ook ik ben nieuwsgierig. Ik merk dat er heel wat oude talen weer naar boven komen en ook religieuze waarden worden opnieuw geëvalueerd. Ronny Mosuse :Het is fascinerend. Voor de kolonisatie geloofden Congolezen bijvoorbeeld heel sterk in de natuur. De doorgedreven kerstening tijdens de kolonisatie heeft dat omvergegooid. Ik heb in het geboortedorp van mijn vader gezien wat de kolonisatie heeft teweeggebracht. Onze familieleden in Congo kennen de natuur niet meer. Ze hebben geen voeling meer met het oerwoud waarin ze wonen. Het woud biedt van oorsprong zoveel wat zingeving en overleving betreft. En toch eten de dorpelingen elke dag hetzelfde en geloven ze maar half in de kracht van de natuur. Een tante van ons is tachtig jaar en zij kan nog overleven in de brousse, omdat ze nog de prekoloniale opvoeding meekreeg. Maar haar kennis gaat verloren. Onze vader kreeg nooit een volwaardige Congolese opvoeding, het was eerder een Belgisch-Congolese. Het verhaal van onze vader heb ik inmiddels ontrafeld, maar ik wil ook de grotere geschiedenis leren kennen, het verhaal van de kolonisatie en de Congolese cultuur en waarden. Ik heb Congolees bloed, mijn kinderen ook, een minimale kennis over onze afkomst is voor mij meer en meer belangrijk. Ik wil hen de schoonheid van de Congolese cultuur meegeven. Esaie Elonge Bitumba : Dat is goed. Want schoonheid is puurheid en puurheid is authenticiteit. Ronny Mosuse :En ik heb veel zin om nog eens terug te gaan naar Congo. Samen met Esaie.Tekst Tine Maenhout & Foto's Wouter Van VaerenberghEsaie: "Als je de muziek hoort, kun je niet anders dan dansen. Tijdens een begrafenis, een feest of gewoon wanneer je zin hebt. Altijd eigenlijk" Ronny: "Congolezen kennen hun geschiedenis veel beter dan wij de onze. Ze weten dat het voor hen niet simpel was en is"