Een twintigtal volwassen mensen, blootsvoets, mannen en vrouwen dooreen, doen alsof ze een grasmaaier aan de praat proberen te krijgen. "Ha !" roepen ze in koor, als ze een eerste keer aan de startkabel trekken. "Haha !" Sputterend komt de machine op gang, waarna de twintig volwassen mensen luidkeels lachend door het zaaltje rennen, achter hun imaginaire grasmaaiers aan. "Hahahahahahahaha !"
...

Een twintigtal volwassen mensen, blootsvoets, mannen en vrouwen dooreen, doen alsof ze een grasmaaier aan de praat proberen te krijgen. "Ha !" roepen ze in koor, als ze een eerste keer aan de startkabel trekken. "Haha !" Sputterend komt de machine op gang, waarna de twintig volwassen mensen luidkeels lachend door het zaaltje rennen, achter hun imaginaire grasmaaiers aan. "Hahahahahahahaha !" De nuchtere waarnemer zou niet veel moeite hebben om de sfeer met die van een krankzinnigengesticht te verwarren - met dien verstande dat daar tenminste nog een aantal mensen ernstig blijven en de taak 'Napoleon te zijn' ter harte nemen. Ik ben niet in het dolhuis terechtgekomen maar in een bizarre sessie van wat lachyoga wordt genoemd. Plaats van handeling is de ontspanningstempel Shambho, aan de Gentse watersportbaan, waar een vent die in het echte leven accountmanager is de nobele taak op zich heeft genomen zijn volk weer te leren lachen. De oefeningen die daartoe vereist zijn, behoren niet direct tot het genre dat je morgenvroeg op de werkvloer zou uitproberen. We heffen onze armen gierend van het lachen naar omhoog, om ze dan te laten zakken en een beteuterd gezicht te trekken, als een soortement pierrot. We nemen onze lach in onze handen, om die ten geschenke aan de buurman door te geven. We lachen als kikkers, we lachen als leeuwen, we begroeten elkaar hinnikend en bulderend als maakten we per kajak de afdaling van de Niagara- schatervallen. Eerst voelt het nogal gekunsteld aan, en de aanwezigheid van een ploeg van Studio Brussel (we lachen immers voor water) stelt mij niet meteen op mijn gemak. Van lieverlede gaat de geforceerde grijns echter over in oprecht en heilzaam gelach. Mijn buikspieren doen pijn op een manier die ik lang niet meer heb gevoeld. In mijn studentenjaren lachten we zo, onbedaarlijk, soms met de vuist op knie of tafel kloppend. We lachten om dingen waarvan je je nu niet meer kunt voorstellen wat er zo grappig aan was. De wereld is ernstiger geworden, beklemmender, op een manier die je soms doet verzuchten als die muis in de Kleine Fabel van Franz Kafka. Tussen de oefeningen door crossen we kriskras door de meditatieruimte en roepen luid Hoho hahaha, met een overtuiging als liepen we mee in een politieke optocht tegen een of ander schrikbewind. Wel een grappige gedachte, dat de man die met zijn rooie kop op Santa Claus lijkt en mij ongegeneerd toeschatert, in het echte leven een gerechtsdeurwaarder kan zijn. De vrouw met de spookachtig gemaquilleerde ogen werkt misschien bij de belastingen. Zouden zulke beroepen hier komen ? Zouden zij ook heimwee hebben naar het kind in zichzelf ? Naar de tijd waarin hun wereld nog prettig was en niet overwoekerd door frustraties ? "Er zijn maar twee dingen die ik even lekker vind als dit", zegt een deelneemster achteraf, gepeild naar haar ervaring met de eerste sessie lachyoga. "Klaarkomen en eten als ik écht honger heb." Daar moeten we hard om lachen, het wordt een slechte gewoonte die bovendien erg aanstekelijk is. Mijn lachdrempel is duidelijk verlaagd. Ik zal nog moeten uitkijken niet te gaan schateren als de baas mij op het werk koejonneert, of als een nitwit in een stoere terreinwagen aan mijn bumper meent te moeten kleven. Het werkt zelfs door tot 's avonds, als ik in een te duur sterrenrestaurant op een stel zit te kijken dat veel weg heeft van Jean-Luc en Celie Dehaene, en waarvan de vrouw de gewoonte heeft opgevat luid toeterend haar neus te snuiten en dan in haar zakdoek te kijken, vorsend naar het resultaat. Dan was de lachyoga, met zijn 5 euro welgeteld 47,2 keer goedkoper, mij meer waard dan dit zesgangenmenu. Ik vraag mij zelfs af of het fatsoenlijk is de lapjes hinde op mijn bord naar binnen te spelen, nadat ik een vrouw die ik bemind heb in het verleden meer dan eens met dit ranke diertje vergeleek. Nee echt, ik begrijp de zoekende zielen die hun toevlucht zoeken tot een van de 5000 lachclubs op de planeet, waarvan een dertigtal in België. Het zijn vluchtheuvels van luchtigheid in deze wereld, die voor de rest almaar meer door het chagrijn van racende ratten wordt beheerst. Als u niet bang bent u onsterfelijk belachelijk te maken, dan moet u het zeker ook eens proberen. www.delachvanvlaanderen.be Reacties : jp.mulders@skynet.be Jean-Paul Mulders