Mijn moeder, een rasechte Gentse, ontmoette mijn vader tijdens een studiejaar in Portugal, en van het een kwam het ander. Ik heb drie broers en een zus. Van de tijd in mijn geboorteland herinner ik me niet veel. Dat verlieten we toen ik drie was, voor de snel evoluerende carrière van mijn ouders, beiden gereputeerde advocaten. Ze hadden elk een succesvolle loopbaan, waren op het juiste moment thuis voor hun kinderen, en ze leken elkaar niet uit het oog te verliezen. Ieder jaar bezochten we tijdens de zomervakantie de familie van mijn vader, en dan kwamen de verhalen boven. Over hoe romantisch het vroeger was. Hoe mijn ouders elkaar door de afstand vaak lang moesten missen, en hoe sterk hun liefde daardoor groeide. Het klonk fantastisch. Ik heb met andere woorden niets dan goede herinneringen aan mijn jeugd en mijn familie. Toen ik op de universiteit zat, was een jaartje naar het buitenland trekken niet meer dan een logisch vervolg van mijn opvoeding. Een paar maanden nadat ik mijn aanvraag indiende, vertrok ik naar Genève om er mijn laatste jaar politieke wetenschappen af te ronden.
...

Mijn moeder, een rasechte Gentse, ontmoette mijn vader tijdens een studiejaar in Portugal, en van het een kwam het ander. Ik heb drie broers en een zus. Van de tijd in mijn geboorteland herinner ik me niet veel. Dat verlieten we toen ik drie was, voor de snel evoluerende carrière van mijn ouders, beiden gereputeerde advocaten. Ze hadden elk een succesvolle loopbaan, waren op het juiste moment thuis voor hun kinderen, en ze leken elkaar niet uit het oog te verliezen. Ieder jaar bezochten we tijdens de zomervakantie de familie van mijn vader, en dan kwamen de verhalen boven. Over hoe romantisch het vroeger was. Hoe mijn ouders elkaar door de afstand vaak lang moesten missen, en hoe sterk hun liefde daardoor groeide. Het klonk fantastisch. Ik heb met andere woorden niets dan goede herinneringen aan mijn jeugd en mijn familie. Toen ik op de universiteit zat, was een jaartje naar het buitenland trekken niet meer dan een logisch vervolg van mijn opvoeding. Een paar maanden nadat ik mijn aanvraag indiende, vertrok ik naar Genève om er mijn laatste jaar politieke wetenschappen af te ronden. De maanden vlogen er voorbij. Een week voor Kerstmis organiseerde de studentenclub een skitrip naar Chamonix. We vertrokken met een twintigtal studenten uit alle hoeken van Europa. Een vrolijke bende. Na drie dagen kuste ik Jörg van onder een dikke wollen muts op de top van een berg. Hij was mij en mijn vriendinnen al snel opgevallen. Een knappe kerel met guitige manieren, die gewoon niet in staat leek om met iemand niét overeen te komen. We waren op slag verliefd, een uitgelaten stel dat onafscheidelijk de bergen en elkaars hart veroverde. Jörg was afkomstig uit Zweden, en maakte er geen geheim van dat hij daar ook zijn toekomst zag, in een chalet aan het haardvuur. Hij voegde eraan toe dat ik absoluut ook in die plannen voorkwam, wat ik een heerlijk vooruitzicht vond. Ik was jong, hoopvol en ik had in mijn ouders het levende bewijs gezien dat een dergelijk avontuur een gelukkig verloop kan kennen. Achteraf gezien was ik nog een kind, naïef, blind en een dromer bovendien. Met mijn diploma op zak vertrok ik naar Zweden, ik had een stage te pakken in de hoofdstad, waar hij woonde. Ik had Jörg sinds onze ontmoeting vooral in Zwitserland gezien, en een enkele keer kwam hij op bezoek in Gent. Het was behoorlijk spannend om in zijn thuishaven aan te komen, vooral omdat ik er een paar maanden zou blijven en we bij zijn ouders zouden intrekken, want geen van ons tweeën had een eigen plek. Ik werd hartelijk verwelkomd in zijn familie, maar ik had van in het begin het gevoel dat ons verblijf er niet als tijdelijk beschouwd werd. Vooral zijn moeder maakte een bezorgde en vooral overdreven zorgende indruk. Ons bed werd dagelijks opgemaakt, we werden elke avond aan tafel verwacht, ons wasgoed lag gewassen en gestreken in de kast. Zelfs de uitstappen in het weekend werden gezamenlijk besproken. Dat is op zich natuurlijk niet zo erg, maar Jörg leek het doodnormaal te vinden en voelde zich comfortabel in zijn ouderlijk huis. Dat bleek des te meer toen ik begon aan te dringen op een eigen appartementje. Het bedrijf waar ik stage liep, had me een vast contract aangeboden, dus niets stond ons in de weg om aan een toekomst te beginnen denken : het waarmaken van het soort dromen waarvan ik altijd gedacht had dat hij ze ook had. Maar Jörg had geen haast, onze situatie paste voor hem perfect in het plaatje dat hij in de Zwitserse bergen had beschreven. Hij voelde zich op zijn gemak thuis, onder moeders vleugels, en die moeder vond dat prima. Het kwam tot een conflict waar ik niet op voorbereid was. In mijn ogen was Jörg altijd een flexibele en open persoon. Ik had niet kunnen inschatten welke discussies we zouden voeren. Jörg bleek niet echt de intentie te hebben om zich met mij elders te settelen. Hij had er geen behoefte aan, was er niet klaar voor, en hij had geen begrip voor de argumenten die ik op tafel legde. Dat dat tot een breuk tussen ons zou kunnen leiden, leek niet eens bij hem op te komen. Misschien kon het hem ook niet veel schelen, hij is het type man dat de wereld aan zijn voeten ziet liggen. Maar ik kon me echt niet voorstellen dat ik bij hem en zijn familie bleef inwonen tot hij van mening veranderde. En zelfstandig gaan wonen, een paar kilometer van hen vandaan, leek me nog absurder. In grote verwarring en heel verdrietig ben ik teruggekeerd naar België. Onze relatie was niet voorbij. Geen van ons beiden heeft het toen zover doorgedreven, maar hoe het verder moest, wisten we niet. Sindsdien is mijn leven op zijn zachtst gezegd een uitdaging. Ik leef en werk in België, heb een boeiende job op het kabinet van een Vlaamse minister. Jörg werkt als freelancejournalist voor een Zweedse nationale krant en reist naar alle hoeken van de wereld. Dat is voor hem een goed argument om niet alleen, noch samen te wonen. Hij wil me mijn vrijheid niet ontnemen door me te laten wachten op een huisgenoot die meer afwezig is dan thuis. Voor mij is het een goedkope smoes om nergens thuis te horen, behalve bij zijn moeder in Stockholm. Eigenlijk woont hij nergens, hij is praktisch altijd onderweg. Tussen verschillende opdrachten door verdeelt hij zijn tijd tussen mij en zijn familie. Ik zie hem ongeveer om de twee weken gedurende een paar dagen. Wat hij doet als hij niet bij mij is, weet ik niet precies. We spreken elkaar regelmatig maar voor mij is dat niet genoeg. Ook al doet hij zijn best om contact te houden tijdens zijn afwezigheid, ik kan niet ontkennen dat ik vaak erg eenzaam ben. Er zijn geen verdere plannen dan voor de volgende vakantie samen. Ik zit in een constante tweestrijd. Ik ontmoet veel boeiende mensen op het werk en daarbuiten, ook mannen die niet onder stoelen of banken steken dat ze mij aantrekkelijk vinden. Zoals bij veel vrouwen tikt bij mij de biologische klok, ik wil graag kinderen. Maar de man die ik nog steeds oprecht graag zie, lijkt resistent voor mijn dilemma's en blijft volharden in zijn keuzes. Als we erover praten, lijkt het vooral angst te zijn die hem de das omdoet. Angst om definitieve beslissingen te nemen, angst om zich te engageren of om verantwoordelijkheid op te nemen. Ik vraag me vaak af wat ik uit het leven van mijn ouders heb geleerd als het op relaties aankomt. Waarschijnlijk beoogde ik, naar hun voorbeeld, een romantisch streven over alle grenzen heen. Ik heb niet beseft dat een 'internationaal tintje' een relatie niet noodzakelijk beter of exotischer maakt. Voor Jörg is ons verhaal er waarschijnlijk een zonder grenzen, omdat hij die simpelweg niet verdraagt. Maar mijn klokje tikt, en het lijkt steeds meer op een tijdbom. Een definitieve beslissing over onze relatie ligt niet veraf, en dat jaagt me flink wat angst aan. Ik weet heel goed dat als Jörg uiteindelijk toch voor mij en een stabieler leven zou kiezen, dat ook geen garantie voor de toekomst biedt. Ik hoop alleen dat, als de bom barst, ik een duidelijker beeld van onze relatie zal krijgen. Omwille van de privacy worden namen soms veranderd in deze rubriek. DOOR TINE MAENHOUT"Ik ontmoet veel boeiende mensen, ook mannen die niet onder stoelen of banken steken dat ze mij aantrekkelijk vinden"