In Parijs valt steeds vaker de naam van de flamboyante architect Rudy Ricciotti als er prestigieuze projecten op tafel liggen. Deze Fransman met Italiaanse wortels opereert vanuit Bandol, een idyllisch havenstadje aan de Côte d'Azur. Ricciotti creëerde in die regio tal van projecten, waaronder een reeks strakke, minimalistische villa's op steile rotswanden. Precies zoals zijn eigen woning, die twintig jaar geleden werd opgetrokken op een heuvel in het stadje. "Maar neem dit huis niet té au sérieux, het is niet echt representatief meer voor mijn oeuvre. Het is een jeugdzonde. En bove...

In Parijs valt steeds vaker de naam van de flamboyante architect Rudy Ricciotti als er prestigieuze projecten op tafel liggen. Deze Fransman met Italiaanse wortels opereert vanuit Bandol, een idyllisch havenstadje aan de Côte d'Azur. Ricciotti creëerde in die regio tal van projecten, waaronder een reeks strakke, minimalistische villa's op steile rotswanden. Precies zoals zijn eigen woning, die twintig jaar geleden werd opgetrokken op een heuvel in het stadje. "Maar neem dit huis niet té au sérieux, het is niet echt representatief meer voor mijn oeuvre. Het is een jeugdzonde. En bovendien gebouwd met een héél klein budget, want ik was net afgestudeerd en had geen centen", vertelt hij. Al blijft de architectuur van de woning boeien, met zijn stijl die typisch is voor de late jaren zeventig en begin tachtig, toen Ricciotti opkeek naar Aldo Rossi en Mario Botta. Voor hun project kochten Rudy en zijn vrouw Suzette, een interieurontwerpster die een deel van de inrichting voor haar rekening nam, een lap grond in een bos. Het was een vrij ontoegankelijk en steil perceel. Daardoor bood het wel een uitzicht op de vallei tot aan de zee, dat tegenwoordig belemmerd wordt door bomen. De woning werd op een alternatieve wijze ontworpen, vertelt de architect. Eigenlijk werd er amper rekening gehouden met het uitzicht van de gevels, die vrij gefragmenteerd zijn opgevat. Slechts hier en daar vang je er buiten een glimp van op, tussen de bomen en rotsen door. Centraal is de grote hal opgevat als woon- en communicatieruimte : de plek waar iedereen elkaar ontmoet en die wat weg heeft van een wintertuin. Dit openbare plein bevat onder meer een keuken, een eethoek, een zithoek en de trap naar de mezzanine, waar we de slaapkamers vinden. De open structuur lijkt wel wat op een loft, en heeft bovendien een industrieel karakter. In het midden van de ruimte staat er een grote haard, met een stevige schouw die zo uit een fabrieksinterieur geplukt lijkt. Door de aanwezigheid van een grote glaspartij, pal op het zuiden, is deze plek een soort lichttheater. Zonneschermen temperen het overdadige licht. In het verlengde van de grote woonruimte liggen het terras en iets lager het zwembad, die allebei wat later werden aangelegd. Een echte 'tuinkamer', met vensters waardoor je naar het onderliggende water kijkt. Ook een tweede woonkamer kijkt uit op het zwembad. Er bevindt zich een vleugelpiano, en een gedeelte van de kunstcollectie wordt er geëxposeerd. Ricciotti is immers een vrij vermaarde collectioneur. "We hebben veel meer dan er hier wordt getoond", verzekert ons Suzette. "Rudy koopt graag. Veel werken worden wegens plaatsgebrek opgestouwd. Sommige hangen zelfs in bruikleen in musea !" Via grote vensters worden de kunst en het huis overal met de natuur geconfronteerd, wat helemaal in de geest is van Le Corbusier en Richard Neutra, twee architecten die Ricciotti blijven inspireren. Door Piet Swimberghe / Foto's Jan Verlinde