Ooit was ik een giraffe. Vóór u een psychiatrisch zorgcentrum belt of de Koninklijke Maatschappij voor Dierkunde : het ging om een onnozel spelletje onder studenten, waarbij we via het uiterlijk naar het dier in onszelf peilden. Zo trok ik op met een hamster, een bordercollie en een zwarte goudvis, en zelf was ik dus een giraffe. Iets wat ik lang verdrongen had, tot ik onlangs tijdens het zappen op een realityprogramma stootte waarin een uit zijn krachten gegroeid jongmens zich aldus tot...

Ooit was ik een giraffe. Vóór u een psychiatrisch zorgcentrum belt of de Koninklijke Maatschappij voor Dierkunde : het ging om een onnozel spelletje onder studenten, waarbij we via het uiterlijk naar het dier in onszelf peilden. Zo trok ik op met een hamster, een bordercollie en een zwarte goudvis, en zelf was ik dus een giraffe. Iets wat ik lang verdrongen had, tot ik onlangs tijdens het zappen op een realityprogramma stootte waarin een uit zijn krachten gegroeid jongmens zich aldus tot de camera richtte : "Op persoonlijk, integraal en onnatuurlijk vlak ben ik een wolf." Om te tonen dat het hem menens was, had hij een wolvenmuts opgezet en aan zijn jeans bungelde een voluptueuze rosse staart, "de meest cartooneske uit mijn collectie, maar het is mijn kleur en hij zit het gemakkelijkst." Bleek dat het hier om een therian of otherkin ging, een lid van een groeiende wereldwijde subcultuur van individuen die aan species dysmorphia lijden : ze zien er misschien uit als mensen, maar eigenlijk zijn het dieren. Veelal identificeren ze zich met meer tot de verbeelding sprekende soorten als tijgers, luipaarden, vossen en wolven, maar er zijn ook wasberen, huiskatten, kevers en vliegen bij. In Buffalo, New York had een clubje therians een eigen radioprogramma, waar gelijkgestemden hun hart konden luchten : "Ik ben een ruwharige zwartbruine herdershond en biseksueel. Hoe vertel ik dat aan mijn ouders ?" Het zal je kind maar wezen, dacht ik, maar merkwaardig genoeg namen de meeste ouders de coming-out van hun animale kroost nogal filosofisch op. Eén boerin uit Essex, moeder van een menselijke wolf, leek mij wel enige wrok te koesteren tegenover haar schoondochter, een wild mokkel dat graag tegen de maan mocht huilen en dan haar bril afzette. En ja, als het jonge stel bronstig was, kwamen daar wel eens vechtwonden van. De Amerikaanse rode wolf Caleb kon thuis dan weer op veel begrip rekenen. Zijn moeder had pluimen in haar oren en was sjamaan, dat hielp. Op lange winteravonden placht het gezin met zielsverwanten in een grote kring te zitten en op trommen te roffelen en met belletjes te rinkelen. "Iedereen moet zijn eigen pad gaan en wij respecteren dat", zei de moeder / sjamaan. Gelijk had ze. Sommigen willen politicus of journalist zijn en anderen wasbeer of coloradokever. Wat scheelt het ? Hoog tijd dat ik mijn innerlijke giraffe de ruimte geef. LINDA ASSELBERGSZE ZIEN ER MISSCHIEN UIT ALS MENSEN, MAAR EIGENLIJK ZIJN HET DIEREN