Ah, de lente ! Wij doken de voorbije weken echter plichtsbewust onder in Londen, Milaan en Parijs om alvast de trends (in de vrouwenmode) voor winter 2010 te noteren. In drie woorden ? Beestenboel, fiftiesnostalgie en doe-het-zelfmode.
...

Ah, de lente ! Wij doken de voorbije weken echter plichtsbewust onder in Londen, Milaan en Parijs om alvast de trends (in de vrouwenmode) voor winter 2010 te noteren. In drie woorden ? Beestenboel, fiftiesnostalgie en doe-het-zelfmode. Karl Lagerfeld stuurt voor Chanel zijn mannequins verkleed als ijsberen en dito blokjes door een bijna levensecht Arctisch landschap, compleet met ijsschotsen (alleen de Titanic ontbreekt, maar de 76-jarige Lagerfeld maakt wel een verschijning als kapitein). Het bont, zo blijkt, is geheel fake, en dat is uiteindelijk nog de grootste verrassing. Groen-zwarte, en felrode pluimpjes zitten verwerkt in Ann Demeulemeesters collectie die verder bouwt op edwardiaanse esthetiek. Bij Jean-Charles De Castelbajac lopen bambi's en eenhoorns mee (en een echte hond). De handtassenfabrikant Longchamp heeft jassen met een print van wolvenvacht, en Max Mara Atelier pakt uit met een jas in kamelenvacht waarop giraffenstippen zijn gedrukt - dokter Frankenstein ahoy. Het populairste beest van de week ? Ongetwijfeld het schaap, al dan niet geschoren (maar liever niet), dat echt wel opvallend vaak te zien is in Milaan en Parijs. Van de showroom van Anna Heylen tot in de finale van Sonia Rykiel, waar de vrolijkste schapen blèren (in samenzang met Kurt Cobain). De meeste ontwerpers en merken opteren, in tegenstelling tot Chanel, voor echt bont. Dat zegt veel over de politieke overtuiging van de modesector, en de nieuwe trend is een slag in het gezicht van dierenvrienden aller landen. Maar er zijn tergender taferelen in Parijs. Zoals bijvoorbeeld de lange rij daklozen voor de ingang van de Restos du C£ur, door een hek gescheiden van de ongeveer even lange rij fashionista's voor de show van Hermès (één en al leder, met een Emma Peel-thema) in het verre dertiende arrondissement van Parijs. Bij Louis Vuitton verwijst Marc Jacobs naar Brigitte Bardot : zijn collectie heet Et dieu créa la femme. Jacobs, die elk seizoen met een geheel nieuw verhaal afkomt, toont dit keer vrouwen met borsten en heupen, onder wie Laetitia Casta en Elle, The Body, MacPherson. Maar uiteindelijk zijn de vo-luptueuze lichamen van de dames, en de frivole fiftiesjurkjes waarin ze gepropt zitten, bijzaak. Jacobs heeft dit seizoen het hardst gewerkt aan de productcategorie die voor Vuitton uiteindelijk het belangrijkst is : handtassen. Ook Dries Van Noten, waar een stralende Jane Birkin op de eerste rij zit, heeft enigszins ouderwetse jurkjes in zijn collectie. Maar Van Noten graaft dieper dan Jacobs. Hij gebruikt sjofel jersey, tijgerstippen, en militaire elementen - legergroene broeken en jassen waarvan je, met wat geluk, goedkopere versies kunt vinden in de dichtstbijzijnde stock américain. Waar het dit keer om gaat bij Van Noten, is de mix. Malcolm McLaren, die de soundtrack voor de show maakte, huwde in een ver verleden de opera Madame Butterfly met een discobeat. Deze collectie, een nieuw hoogtepunt in de carrière van Van Noten, doet iets soortgelijks. Prada in Milaan en Rochas in Parijs lijken al even nostalgisch naar de jaren vijftig en zestig. Marco Zanini zet Rochas stilaan naar zijn hand. De inspiratie komt van Cactus Flower, een obscure komedie uit 1969 met Goldie Hawn en Ingrid Bergman in de hoofdrollen, en dus drijft ook de collectie ergens tussen Amerikaans dom blondje en hautain Zweeds. De wederopstanding van het huis Vionnet, met ontwerper Rodolfo Paglialunga aan het roer, is ook gebaseerd op nostalgie, met een mooie presentatie in het voormalige appartement van Jean Cocteau in Palais-Royal. De jongens van Peter Pilotto hebben het veeleer voor de bruin-oranje interieurs uit de jaren zeventig, en tonen een volwassen collectie met aandacht voor vakmanschap. Militaire invloeden zijn er ook veel in Londen, Milaan en Parijs, zij het dat de glitzy generalissimojasjes met eindeloze epauletten van Balmain stilaan wijken (en dat werd tijd) voor het functionele minimalisme van de uniformen van soldaten met een lagere graad. Die stijl werd vorig seizoen geïntroduceerd, met overweldigend succes, door Phoebe Philo bij Céline, die haar signatuur nu nog versterkt (Philo is uitstekend, al herinnert haar werk soms sterk aan de collecties van Martin Margiela voor Hermès). De collectie van Christopher Bailey voor Burberry Prorsum, die voor de tweede keer in bakermat Londen showt in plaats van Milaan, is een ode aan de vliegeniersvrouw. A.F. Vandevorst, wat ons betreft met Van Noten een van de absolute hoogtepunten in Parijs, heeft Ramses Shaffy op de soundtrack, en de mooiste soldaten van het seizoen, met kartonnen schilden. En Haider Ackermann boetseert verder aan zijn moderne amazones. Met succes. Beide ontwerpers zijn in de ban van een visie die ook omschreven kan worden als volwassen doe-het-zelfmode. Volgende winter komen leren jasjes met talrijke asymmetrische ritsen, waardoor kragen naar eigen smaak dicht te ritsen zijn, of net niet. Laarzen en jurkjes zijn bezaaid met drukknoopjes waardoor extra lappen leer of stof op het kledingstuk gedrukt kunnen worden. Mantels en truien zijn binnenstebuiten draagbaar, zoals ook de Braziliaan Gustavo Lins demonstreert in zijn showroom in Parijs. Niet toevallig is Lins een architect van opleiding. De ingenieuze doe-het-zelfcollecties vergen niet alleen creativiteit en durf van de consument, ze staan ook symbool voor intellectuele mode : een heropleving van vakmanschap en kleermakers-talent. De tientallen zwarte smokingvestjes die Dolce & Gabbana in Milaan over de catwalk sturen, zijn daar eveneens een knap voorbeeld van. John Galliano bij Dior en Alber Elbaz bij Lanvin gebruiken, tot slot, allebei tribal als codewoord, en doen er elk hun eigen ding mee : een stammenoorlog in modeland. Is de crisis voorbij, zoals hier en daar wordt geopperd ? Dat valt nog af te wachten. In de eindeloze stroom shows en presentaties valt het niet echt op dat een aantal ontwerpers (al dan niet voorlopig) forfait heeft gegeven, de Belgen Bruno Pieters en Kris Van Assche bijvoorbeeld. Andere merken zien de economische ruïnes als een perfecte lanceerbasis. Delvaux, dat bezig is aan een grote inhaalbeweging, defileert voor het eerst in Parijs, met een reeks eerder klassieke handtassen, ontworpen door Veronique Branquinho. En Damir Doma, die de voorbije seizoenen veel waardering oogstte met zijn mannencollectie, waagt zich nu ook aan dameskleren die de vergelijking met Haider Ackermann of Rick Owens aankunnen. DOOR JESSE BROUNS EN ELKE LAHOUSSE - FOTO'S ETIENNE TORDOIR