3Hoe volhardend je ook bent, het pad naar een behendig gebruik van het open scheermes is bezaaid met voetklemmen en wolfsangels. Soms scheer je een stuk van je opperhuid weg, soms staat je gezicht na afloop van een scheerbeurt tot je ontzetting vol rode vlekken. Gelukkig voor de minder handigen onder ons, bestaan er natscheeralternatieven die gemakkelijker zijn.
...

3Hoe volhardend je ook bent, het pad naar een behendig gebruik van het open scheermes is bezaaid met voetklemmen en wolfsangels. Soms scheer je een stuk van je opperhuid weg, soms staat je gezicht na afloop van een scheerbeurt tot je ontzetting vol rode vlekken. Gelukkig voor de minder handigen onder ons, bestaan er natscheeralternatieven die gemakkelijker zijn. Het krabbertje, om te beginnen. Een wat oneerbiedige naam voor wat ze in het Engels DE noemen : Double Edge, omdat het snijdt aan twee kanten. Onze vaders gebruikten ze en ook nu nog worden ze volop geproduceerd, de houdertjes waarin de klassieke veiligheidsscheer- mesjes passen. Ze komen per tien stuks in een doosje en je gooit ze weg als ze bot zijn. Ze kosten maar een schijntje van wat je betaalt voor de vervanging van een cassette (genre Mach III of Fusion, zie hierna). Bovendien scheren ze bijna even glad. De DE is aangenaam retro, want het originele model dat nog altijd te koop is, dateert van 1903. Er bestaan tal van varianten op. Het ideale compromis tussen zuinigheid, scheercomfort en stijl. En dan zijn er de cassettescheermessen, de voorlopig laatste generatie. We hebben het hier over systemen als de Mach III, de Wilkinson Quattro en de Fusion van Gillette. De mesjes moeten hier niet meer met de hand worden vastgepakt om ze te vervangen ; de kop wordt meteen helemaal gewisseld. Nadeel is dat dit telkens 2 à 3 euro kost. Zo glad als deze systemen scheren, zo gespeend zijn ze van elke charme of nostalgie. Soms zijn ze ronduit lelijk. De vraag kan worden gesteld of het opbod aan mesjes het scheerresultaat nog wel ten goede komt. De fabrikanten zullen niet nalaten te vernieuwen, want het cassettesysteem is voor hen een kip met gouden eieren. Sinds de jaren zeventig is het aantal mesjes dat de fabrikanten in zo'n cassettesysteem gebruiken hand over hand toegenomen, op een manier die bijna hilarisch is te noemen. Eerst zat er maar één mesje in. Waren dat er in de jaren tachtig al twee, dan liep dat in de jaren negentig op tot 3 (Mach III) en later zelfs tot 4 (Wilkinson Quattro). Tegenwoordig zit Gillette aan 5 mesjes met de nieuwe Fusion (6 eigenlijk, als je het enkele mesje aan de achterkant meerekent, bedoeld als trimmer om op moeilijke plaatsen te scheren). Kostprijs voor de ontwikkeling van dit hyperge- sofisticeerde scheerwapen : 800 miljoen euro. Een mooi compromis tussen gebruiksgemak en vormgeving zijn de talrijke houders die voor cassettesystemen à la Mach III ontworpen zijn. Ze combineren modern comfort met een zekere elegantie.