In hartje Manhattan rond het Flatirongebouw, een van New Yorks eerste wolkenkrabbers, ligt Flatiron District. Deze wijk werd in de negentiende eeuw aangelegd rond vier pleinen die naar Europees model waren ontworpen : kleinschalig en intiem. Een daarvan, Gramercy Park, ligt op een steenworp van de loft van John Cheim die samen met Howard Read de directie vormt van Cheim & Read Gallery, een van de toonaangevendste galerieën voor hedendaagse kunst in New York. Zijn loft, waar vroeger handschoenen en portemonnees werden gemaakt, ligt recht tegenover het geboortehuis van oud-president Theodore Roosevelt en is bovendien ingeklemd tussen het theatrale en drukke Broadway en het gedistingeerde en boulevardachtige Park Avenue. Heel wat binnen handbereik dus, maar Cheim verkoos deze plek om andere redenen. In deze klare ruimte zou zijn kleurrijke vazencollectie en zijn modern retromeubilair namelijk perfect t...

In hartje Manhattan rond het Flatirongebouw, een van New Yorks eerste wolkenkrabbers, ligt Flatiron District. Deze wijk werd in de negentiende eeuw aangelegd rond vier pleinen die naar Europees model waren ontworpen : kleinschalig en intiem. Een daarvan, Gramercy Park, ligt op een steenworp van de loft van John Cheim die samen met Howard Read de directie vormt van Cheim & Read Gallery, een van de toonaangevendste galerieën voor hedendaagse kunst in New York. Zijn loft, waar vroeger handschoenen en portemonnees werden gemaakt, ligt recht tegenover het geboortehuis van oud-president Theodore Roosevelt en is bovendien ingeklemd tussen het theatrale en drukke Broadway en het gedistingeerde en boulevardachtige Park Avenue. Heel wat binnen handbereik dus, maar Cheim verkoos deze plek om andere redenen. In deze klare ruimte zou zijn kleurrijke vazencollectie en zijn modern retromeubilair namelijk perfect tot uiting komen. Wie zijn huis of appartement een retrotoets geeft, doet dit niet zozeer uit nostalgie naar het verleden. Liefhebbers van interieurs uit de jaren twintig tot zeventig hebben vooral de boodschap begrepen dat meubels van toen weer de meubels van nu zijn. Trendgevoelig en hedendaags. Deze loft is daar een duidelijk voorbeeld van. "De heruitgave van begeerde meubels, zoals onlangs die van Jean Prouvé, hebben ervoor gezorgd dat het modernisme herleeft en opnieuw een grote afzetmarkt heeft", zegt Cheim. "De nieuwe versies van oude klassiekers zijn nu tenminste betaalbaar, in tegenstelling tot de originele exemplaren die aan zeer hoge prijzen op de internationale veilingen worden aangeboden. Bij veilingshuizen Christie's en Sotheby's is tegenwoordig zeer veel vraag naar stukken van Le Corbusier, Charles and Ray Eames of Eileen Gray maar ook modellen van George Nelson, Warren McArthur, Robsjohn Gibbings en Edward J. Wormley gaan er regelmatig onder de hamer." Vooral de twee laatstgenoemde Amerikaanse ontwerpers uit de jaren vijftig zijn erg populair. Geïnspireerd door Italiaanse en Scandinavische vormgeving vertaalden ze de laatste designtrends voor de grote Amerikaanse markt. Ze ontwierpen modellen met een simpele, elegante belijning die een zekere verfijning en luxe uitstraalden. Cheims loft leent zich perfect voor dit strak meubilair. Nadat de fabriek met oude naaimachines en toestellen voor leerbewerking was leeggemaakt, bleef een aaneenschakeling van verschillende ruimten over met een neutraal witte, bijna museale sfeer. De glanzende witte gietvloer verdubbelt dit effect. Living, eetgedeelte, keuken en de intieme bibliotheek vloeien in elkaar over zonder tussenkomst van deuren. De grote ramenpartij aan de voorkant brengt dagelijks het zonlicht binnen. Futiele details, zoals de gietijzeren zuilen en oude elektriciteitsleidingen aan het plafond, herinneren aan de ambachtelijke historie van vlijtige dames achter hun naaimachine en werktafel. De open en eenvoudige ruimte doet recht aan Cheims grote verzameling van moderne retromeubels maar voornamelijk aan de kunstcollectie en uitgebreide vazenverzameling uit de Arts and Craftsperiode. "Ik geniet nog dagelijks van een rondwandeling in deze loft", vertelt hij. "Het helpt me om mijn gedachten te ordenen. Het is als wandelen doorheen een museumzaal, maar met een huiselijkere sfeer dankzij de meubels. Het zou nog knusser worden als ik de vloeren zou bekleden. Maar door dit niet te doen, staan de meubels solitair en spreken ze meer voor zich waardoor de bijzondere vormgeving in deze ruimtes centraal komt te staan. Ik hou van een changement de décors. Momenteel bestaat mijn living uit het Daybed van Robsjohn Gibbings, een met blauw fluweel beklede art decosofa in empire revivalstijl, een verzameling McArthurstoelen en Knollmeubilair rond de eettafel." Maar ook moderne kunst heeft haar aandeel in deze loft. Wie rondkijkt, ziet werk van Pat Steir, Joan Mitchell en het mysterieuze schilderij van David Salle dat naast de keuken hangt. Naast de vele Arts and Craftsvazen is het onmogelijk kijken. John heeft ze in alle kleuren en vormen. Na het honderdste exemplaar is hij gestopt met tellen. In de kleine bibliotheek die naast de living achter de piano schuilt, is de sfeer volledig gewijd aan rusten, lezen en genieten. Op de biedermeiersofa lig je op een soort schateiland, met boeken en klassieke muziek binnen handbereik. "Ik kan moeilijk uitleggen waarom ik net deze voorwerpen en schilderijen mooi vind", zegt John. "Maar ze vertellen verhalen over de verscheidenheid van de mens. Persoonlijke emotie, daar draait het om."Door Marc Heldens