Ga aan boord, eikel. Dit is een bevel !" Wie de geluidsopname van het intussen beruchte telefoongesprek tussen bevelhebber De Falcone van de Italiaanse kustwacht en kapitein Schettino van het midden januari gekapseisde cruiseschip Costa Concordia beluisterde, dacht waarschijnlijk net hetzelfde als ik : "Mijn God, wat ben ik blij dat ik Francesco Schettino niet ben."
...

Ga aan boord, eikel. Dit is een bevel !" Wie de geluidsopname van het intussen beruchte telefoongesprek tussen bevelhebber De Falcone van de Italiaanse kustwacht en kapitein Schettino van het midden januari gekapseisde cruiseschip Costa Concordia beluisterde, dacht waarschijnlijk net hetzelfde als ik : "Mijn God, wat ben ik blij dat ik Francesco Schettino niet ben." En je zult maar zoals de burgemeester van Aalst betrapt worden tijdens een nummertje niet bepaald bezielde seks op Spaans historisch erfgoed. Niet dat de situatie nu zo herkenbaar is, maar wie ook maar over een greintje empathie beschikt, kan zich maar al te goed inbeelden hoe het voelt : betrapt worden op een kolossale flater. Omdat we nu eenmaal allemaal blunderaars zijn. Of het nu aan onze onbetrouwbare zintuigen en driften ligt, onze beperkte intellectuele vermogens, ons twijfelachtige geheugen, een labyrint van emoties en botsende loyaliteiten of de ingewikkeldheid van de wereld om ons heen, één ding staat als een paal boven water : in de fout gaan we, stuk voor stuk, keer op keer. Niet voor niets bedacht Sint-Augustinus een paar eeuwen vóór Descartes' beroemde stelling : "Ik denk, dus ik besta", zijn eigen pertinente versie : " Fallor, ergo sum" : ik maak fouten, dus ik besta. In de wandeling vertaald als : missen is menselijk, meestal vergezeld van een vergoelijkend schouderophalen. Toch als het om een bagatel gaat. Zoals van onze staatssecretaris voor asiel en migratie, maatschappelijke integratie en armoedebestrijding Maggie De Block die het in een interview over gangbangs heeft terwijl ze gewoon 'bendes' bedoelt. Voor meer ingrijpende, zogenaamd morele vergrijpen kennen bijna alle religies boete-rituelen. Bij de katholieken is dat - makkelijk zat - de biecht, de joden hebben Jom Kipoer, de Grote Verzoendag, waarbij in het gebed spijt wordt betuigd over de verkeerde daden van mensen in het voorafgaande jaar. En ja, ook ons strafrechtelijk systeem staat met één been in de boetedoening en zelfverbetering. Denk maar aan politierechter D'Hondt die onlangs een snelheidsduivel als extra straf het lezen van Tonio oplegde, het boek waarin de Nederlandse auteur A.F. Th. van der Heijden treurt om zijn enige zoon die bij een verkeersongeval om het leven kwam. Over het wezen van onze feilbaarheid kun je op verschillende niveaus filosoferen. Je kunt het kapseizen van de Costa Concordia wijten aan de roekeloosheid van Schettino of zijn zwak voor Moldavische schoonheden, maar je kunt er ook de erfzonde bijsleuren, of Plato's theorie over de dwaling. De Amerikaanse journaliste Kathryn Schulz schreef een heel boek - slim, erudiet en nog grappig ook - over fouten maken als ons grootste talent, in het Nederlands kernachtig vertaald als Oeps ! Maar boeiender nog dan de aard van onze miskleunen, is de manier waarop we ermee omspringen. Waarom gaf Maggie De Block niet domweg toe dat ze zich versproken heeft, dat doet iedereen toch wel eens. Waarom probeerde Philippe Muyters zijn leugen over de begroting op een zogezegd overijverige kabinetsmedewerker af te schuiven ? Vooral omdat de moderne technologie het argeloze communicators niet gemakkelijk maakt : van zowat alle berichten bestaan tegenwoordig bewijzen in de vorm van mails, geluidsopnamen, sms'jes en tweets, zoals ook ex-premier Leterme mocht ervaren. Is de leugen over de uitschuiver uiteindelijk niet erger dan de uitschuiver zelf ? Wat werd Bill Clinton uiteindelijk het meest aangewreven : zijn gestoei met een mollige stagiaire of zijn ijskoude leugen "I did not have sexual relations with that woman" ? Volgens Kathryn Schultz hangt ons onvermogen om schuld te bekennen samen met onze behoefte om gelijk te hebben. Voor het gemak gaan we er immers van uit dat we slim, handig en betrouwbaar zijn en in harmonie met onze omgeving leven. "Omdat ons hele bestaan nu eenmaal staat of valt met het vermogen om tot accurate conclusies te komen over de wereld om ons heen." Een miskleun is dus een vervelende afwijking van de natuurlijke orde van de dingen. En dat is nog maar een begin, aldus Schultz, "want in ons collectieve bewustzijn wordt fouten maken niet alleen geassocieerd met schaamte en domheid, maar ook met onwetendheid, traagheid, geestelijke afwijkingen en moreel verval." Waarom lopen we weg voor onze verantwoordelijkheid als blijkt dat we een flater begingen ? Waarom hebben we het meteen door als anderen hypocriete beslissingen nemen, maar niet als we dat zelf doen ? "Omdat we een aangeboren talent hebben om onszelf voor de gek te houden", beweert de Nederlandse hoogleraar sociale psychologie Roos Vonk in haar boek Ego's en andere ongemakken. Mensen zijn nu eenmaal geneigd om door een roze bril naar zichzelf kijken en ze beschikken over een heel arsenaal trucs om dat geflatteerd beeld van zichzelf in stand te houden : contact zoeken met mensen die dat zelfbeeld bevestigen, de oorzaak van mislukkingen bij de omgeving leggen of bij tijdelijke factoren : "Tja, ik had echt mijn dag niet." Volgens de psychologen Carol Tavris en Elliot Aronson in het boek met de veelzeggende titel Er zijn fouten gemaakt (maar niet door mij) gaat zelfrechtvaardiging een stap verder dan smoezen verzinnen. Wie een excuus uit zijn duim zuigt, beseft tenminste nog dat hij jokt. Maar bij zelfrechtvaardiging geloof je je eigen leugens, wat een stuk gevaarlijker is. Was het niet juist de ontkenning van de zwaarwichtigheid van zijn daden die de bekentenis van kindermisbruik van bisschop Vangheluwe zo onthutsend maakte ? Met zijn neefjes was het begonnen als een spelletje en het groeide uit tot een gewoonte, legde de geestelijke minzaam uit in een televisie-interview, alsof hij volkomen normaal gehandeld had. In het artikel 'Cocon rond het ego', in het maandblad Bodytalk, heeft Griet Vandermassen het over cognitieve dissonantie. Dat fenomeen doet zich voor als we in onze geest met twee onverenigbare opvattingen geconfronteerd worden. En nee, die spanning kunnen we niet hebben. Door zelfrechtvaardiging streven we naar een coherent zelfbeeld en beschermen we onze zekerheden en gevoel van eigenwaarde. Daarbij krijgen we de hulp van ons geheugen, een bedrieglijke handlanger die de neiging heeft om daden die ons ego in een ongunstig daglicht stellen genadig bij te werken. Nog volgens Vandermassen kan onze behoefte om dissonantie te verminderen een ware kettingreactie veroorzaken, waarbij iemand stap voor stap zijn morele kompas kwijtraakt en zich tot corruptie laat verleiden. "Links en rechts een extraatje opstrijken, creatief zijn bij het invullen van de belastingaangifte, iedereen doet dat toch, zeker." Gêne over persoonlijk falen is van alle culturen, maar er blijken lokale verschillen te zijn. Uit onderzoek blijkt dat er een duidelijke link is tussen assertiviteit en de houding tegenover succes. Zo hebben Japanners de neiging om bij succes de steun van ouders, grootouders, mentors en trainers te benadrukken en mislukkingen aan persoonlijk falen toe te schrijven. Zelfmoord komt relatief veel voor in Japan, als ultieme middel om de eer van het slachtoffer en zijn familie te redden. Zo benamen de laatste vijf jaar zowel de minister van Landbouw Toshikatsu Matsuoka als de minister van Financiën Shoichi Nakagawa zich van het leven, de eerste omdat hij een aandeel zou gehad hebben in schandalen rond illegale politieke donaties, de tweede nadat hij in opspraak kwam wegens vermeende dronkenschap op een persconferentie van de G7 in Rome. Hopelijk zijn er in Japan geen You Tube-filmpjes van de toespraken van Michel Daerden in omloop. Uit hetzelfde internationale onderzoek naar de houding tegenover persoonlijk falen bleek trouwens dat de Israëli net omgekeerd reageren : succes wordt gezien als het resultaat van individuele ondernemingsgeest, bij falen wordt de schuld gemakkelijker op anderen afgeschoven. Hoe desoriënterend, moeilijk te verteren of vernederend onze fouten ook mogen zijn, uiteindelijk is het ons ongelijk en niet ons gelijk dat ons kan leren wie we zijn, meent Kathryn Schultz in Oeps ! Het levende bewijs daarvan is de Amerikaanse mediamagnate en lifestylegoeroe Martha Stewart die in 2002 beschuldigd werd van handel met voorkennis en daarvoor in 2004 tot een gevangenisstraf werd veroordeeld. Iedereen voorspelde dat de godin van de huishoudelijke perfectie in het Federal Prison of West-Virginia in elkaar zou storten, maar nee, ze zat moedig haar straf uit, deed er nog een paar maanden huisarrest onder elektronisch toezicht bovenop en stortte zich daarna opnieuw in het zakenleven. In 2006 maakte haar imperium opnieuw winst. Nog iemand die zijn aanvankelijke vernedering tot een overwinning omboog was de Britse acteur Hugh Grant die in 1995 net voor de release van de film Nine Months in Hollywood gearresteerd werd terwijl hij zich oraal liet verwennen door de prostituee Divine Brown. In plaats van zich in schaamte terug te trekken, hield Grant zijn afspraak met Jay Leno in de Tonight Show en deed hij een publieke biecht : " I think you know in life what's a good thing and what's a bad thing. I did a bad thing and there you have it." Het leverde hem veel sympathie op en na een paar jaar in de luwte dook hij opnieuw op in succesfilms als Notting Hill, Bridget Jones' Diary en About a boy.Laat het een voorbeeld zijn voor Roos Vonk. Want ja, ironisch genoeg kwam de Nederlandse hoogleraar sociale psychologie en schrijfster van scherpe stukjes over grote ego's en zelfbedrog zelf onlangs in nauwe schoentjes. Zij was namelijk betrokken bij een onderzoek van de Nijmeegse Radboud Universiteit dat onder andere zou uitwijzen dat vleeseters 'egoïstische hufters' zijn. Bleek dat Vonks collega, hoogleraar Diederik Stapel, de resultaten doodleuk verzonnen had, wat Vonk, aanhanger van de Partij van de Dieren, aanvankelijk bij hoog en laag ontkende. Waaruit je alleen maar kunt afleiden dat werkelijk niemand immuun is voor blunders. Maar kijk, volgens Kathryn Schultz is er nog hoop. "Van alle dingen waarover we het bij het verkeerde eind kunnen hebben, is onze visie op fouten maken misschien wel de belangrijkste misser. Het vermogen om fouten te maken is allerminst een teken van intellectuele inferioriteit, maar juist een onderdeel van het menselijk cognitief vermogen. Dankzij onze vergissingen kunnen we tot een ander zelfbeeld komen en onze ideeën over de wereld om ons heen bijstellen." Waarvan akte. 'Oeps ! Waarom fouten maken ons grootste talent is', Kathryn Schultz, Maven Publishing, 429 p., 22 euro. 'Er zijn fouten gemaakt (maar niet door mij)', Carol Tavris en Elliot Aronson, uitg. Nieuwezijds, 280 p., 19,95 euro. DOOR LINDA ASSELBERGSWIE EEN EXCUUS UIT ZIJN DUIM ZUIGT, BESEFT TENMINSTE NOG DAT HIJ JOKT. JE EIGEN LEUGENS GELOVEN IS EEN STUK GEVAARLIJKER ONS GEHEUGEN, DIE BEDRIEGLIJKE HANDLANGER, HELPT ONS OM UITSCHUIVERS GENADIG BIJ TE WERKEN