Sinds een tijdje woon ik niet meer echt alleen in mijn huis. Een paar dagen per week zijn we er met ons tweeën. Dat is een ingrijpende gebeurtenis voor iemand die zo gesteld is op haar privacy en op haar territorium als ik. De jongste jaren heb ik mij erop betrapt dat ik er maniakaal mee begon om te springen, met die ruimte en met dat territorium. In de keuken, in de badkamer, in de woonkamer zette en legde ik de dingen neer zoals ik dat wou, hing ik aan de muur wat ik mooi vond. De tuin liet ik verkommeren, tot ik en ik alleen het niet meer kon aanzien. De ideale temperatuur was degene die mij paste. Kortom, ik was zo stilaan een vrijgezel met een aantal eigenaardige en eigenzinnige trekjes aan het worden. Ik betrapte mezelf erop alles keurig op zijn plaats te zetten en te leggen, zodra gasten het huis hadden verlaten. Ik...

Sinds een tijdje woon ik niet meer echt alleen in mijn huis. Een paar dagen per week zijn we er met ons tweeën. Dat is een ingrijpende gebeurtenis voor iemand die zo gesteld is op haar privacy en op haar territorium als ik. De jongste jaren heb ik mij erop betrapt dat ik er maniakaal mee begon om te springen, met die ruimte en met dat territorium. In de keuken, in de badkamer, in de woonkamer zette en legde ik de dingen neer zoals ik dat wou, hing ik aan de muur wat ik mooi vond. De tuin liet ik verkommeren, tot ik en ik alleen het niet meer kon aanzien. De ideale temperatuur was degene die mij paste. Kortom, ik was zo stilaan een vrijgezel met een aantal eigenaardige en eigenzinnige trekjes aan het worden. Ik betrapte mezelf erop alles keurig op zijn plaats te zetten en te leggen, zodra gasten het huis hadden verlaten. Ik ging ook steeds op dezelfde stoel zitten voor het ontbijt en op een andere vaste stoel bij het avondmaal, met wisselend uitzicht op de tuin, meedraaiend met de zon. Niet verbazingwekkend dus dat ik in het begin met veel omzichtigheid om die nieuwe medebewoner heen sloop. Je houdt angstvallig zijn reacties in de gaten. Misschien vindt hij het bed wel veel te zacht. Je gaat driftig de al maanden sputterende douchekop ontkalken en je durft geen vaat van drie dagen meer te laten staan in de open keuken, zuchtend worstel je je de avond voor zijn komst door een berg afwas. Je betrapt jezelf erop dat je de volumeknop van de cd-speler niet zover meer opendraait als hij er is, dat je gegeneerd bent over het gras in de tuin dat niet meer gemaaid werd voor de winter. Altijd heb ik gedacht dat mijn huis eigenlijk te klein is voor twee mensen. Alweer vertrekkend vanuit mijn eigen oneindige behoefte aan ruimte, letterlijk en figuurlijk, fantaseerde ik - in de zeer voorwaardelijke wijs dat er ooit nog eens een man door mijn leven zou lopen en willen blijven - over een veel groter huis met " a room of my own" om Virginia Woolf te parafraseren. En het liefst nog een hele etage voor mijzelf, met een eigen werkkamer en ja misschien zelfs wel een eigen slaapkamer. Want er is immers maar één iemand, een goede vriendin, met wie ik in de jongste jaren heel af en toe - op reis - het bed heb gedeeld en zelfs dan kon ik moeilijk de slaap vatten. In al die andere kamers zou ik me er dan toe verbinden om mijn solitaire ik weer op te leren tot een gezelschapsdier. Maar dat bescheiden huis van mij blijkt zich gewillig te plooien naar de nieuwe parttime medebewoner. Meer zelfs, er zijn lege dagen, waarop het de zachte stap op de trap of het neuriën in de badkamer mist. Ik schreef het al eerder, volgens mij hebben huizen een ziel, ze kunnen zich tegen je verzetten of je de toestemming geven om je leven binnen hun muren een goede wending te geven. Drie jaar nadat het mij heeft omarmd, doet dat huis van mij hetzelfde met de man in mijn leven. Hij mag van de muren en het dak en van de nog kale vlierstruiken en de es in de tuin een stuk van zijn verhaal hier verder schrijven. Het huis zit hem als gegoten. Terwijl ik toekijk hoe hij hier rondloopt, constateer ik dat het lijkt alsof hij het huis al jaren kent. Ze plooien zich naar elkaar, het huis en de man. En zoals het huis dat jaren geleden deed, plooit hij zich rond mijn leven. Elk nieuw verhaal heeft een huis nodig en zo krijgen huizen op hun beurt een eigen geschiedenis. Hun muren worden beschreven als de bladen van een boek, maar met onzichtbare tekens. Met klanken en geuren haken mooie en minder mooie momenten zich vast aan de bakstenen en in de plankenvloer. Dat is misschien waarom ik zo veel hou van huizen die al eerder bewoond werden. Een nieuw gebouwd huis is in mijn ogen te veel showcase en te weinig schrijn van gebeurtenissen. Dingen die geleefd hebben, krijgen een patina. Ze zijn schatplichtig aan handen, voetstappen, stemmen, adem. Special mannen Een breed zomers modepanorama voor hem ; een inkijk in de typische jongensclubs en wie we daar hebben : de überseksueel. Verder interviews met onder anderen modemaker Alexander McQueen en Gerard Mulder (59), die struikelde over een groen blaadje. www.weekend.bereacties : TRUI.MOERKERKE@knack.beTessa Vermeiren