Het moet toch intrigerend geweest zijn om 's ochtends deze tuin in te lopen en met eigen ogen te kunnen zien hoe Nicole de Vésian - althans volgens het verhaal dat de ronde doet - met een nagelschaartje een weerbarstige plant bijwerkte!
...

Het moet toch intrigerend geweest zijn om 's ochtends deze tuin in te lopen en met eigen ogen te kunnen zien hoe Nicole de Vésian - althans volgens het verhaal dat de ronde doet - met een nagelschaartje een weerbarstige plant bijwerkte! Na een glansrijke carrière als hoofdontwerpster bij Hermès vestigde Nicole de Vésian zich in 1986 in het plaatsje Bonnieux in de Luberon. Zeventig was ze toen, en nog tien jaar lang zou ze zich vol overgave wijden aan haar tuin die sindsdien als een juweeltje in het landschap schittert. Nu, twintig jaar later, wordt La Louve, deze erfenis van de ontwerpster, in stand gehouden door Judith Pillsbury. Inmiddels alweer tien jaar lang werpt zij zich op als beschermvrouw van deze plek. Waar of niet, het 'manicureverhaal' doet niets af aan de essentie van de tuin die opgevat is als een hulde aan de omringende natuur met haar vallei, de heuvels aan de horizon, de rolkeien, de vele bomen en struiken. Het eerste dat opvalt, zijn de vormen. Nicole de Vésian heeft duidelijk wel wat meer dan een nagelschaartje in de hand gehad. Het groen is zorgvuldig gesnoeid en geknipt, nu eens om er een persoonlijke vorm aan te geven, dan weer om beweging te suggereren of grafische scènes, door bijvoorbeeld lavendel of heiligenbloemen te planten als een knopenrij op een buste. Organisch is deze tuin zeker. Er wordt gespeeld met rondingen die uitnodigen om te strelen, terwijl toch het droge, ruige van het landschap niet wordt verdoezeld. Groen en steen vormen een geheel. De mooiste manier om deze tuin te ontdekken is bij het ochtendgloren als je samen met de eerste zon het berijdbare weggetje volgt dat uitmondt op het 'bovenste' pleintje voor het huis. De woning, die nauwelijks zichtbaar is vanaf de straat, oogt ingetogen en is bescheiden van omvang. Tegen de oostelijke zijgevel tekenen zich enkele gesnoeide vormen af. Als je verder loopt, merk je dat de grond volledig met steen bedekt is. Keien, ronde tegels en plavuizen vormen de ondergrond waaruit - net als in het dorre Provençaalse struiklandschap - groepjes planten omhoogschieten, met daartussen, naast bloeiende soorten zoals bosjes heiligenbloem en salie, ook groenblijvers als cipres, klimop, buxus, mirte en rozemarijn. Hoe dichter je het huis nadert, hoe meer vorm de planten krijgen. Je krijgt de indruk dat ze niet alleen zo geknipt zijn om ze een vorm te geven, maar dat hun silhouetten die zich tegen het landschap aftekenen, net daarop de aandacht vestigen en een voorbode vormen van de rest van de tuin. Deze tuin is aangelegd op drie niveaus en doemt voor je op als je de zuidelijke gevel van het huis achter je laat. Even weet je niet waar je heen moet. Doorlopen naar het westen, tot aan het eind van het smalle terrein vol planten, waarvan sommige hun fraaie bloesems tonen ? Of meteen afbuigen naar de weelderig bloeiende lavendel, waaruit her en der stokrozen oprijzen ? Dit kleurenfestijn, dat samenvalt met de bloeiperiode van de rozenstruiken, van verschillende vaste planten en van een perkje grasgewassen met vlokkige sprieten, zal nog maar even duren. Erg is dat niet, want de tuin blijft een feest voor het oog door de overvloed aan vormen en de rijke kleurschakeringen van de bladeren, uiteenlopend van donker tot zilverachtig over het grijswit van de stenen. De perfect natuurlijk lijkende integratie van deze stenen in het groen is overigens een van de mooiste realisaties van Nicole de Vésian. Vaak wordt deze tuin geroemd om zijn verwevenheid met het omringende landschap. Dit langgerekte terrein diep in de vallei kan inderdaad niet zonder zijn natuurlijke omgeving worden gezien, waar het dan ook haast letterlijk de armen naar uitstrekt. Toch is het ook weer niet de omgeving die deze plek haar karakter geeft. In het hoogseizoen dient het landschap als een horizon, als een groene, beboste achtergrond, of liever nog als een ruig element van contrast dat het precisiewerk van Nicole de Vésian nog scherper doet uitkomen. Het is die zorg voor het detail die bepalend is en die aan de tuin een grote intimiteit geeft. Of zoals Issey Miyake, een trouw bezoeker, het ooit mooi verwoordde : "Telkens als ik er terugkom, voel ik de sterke ziel van deze tuin." Al de rest is bijkomstig. Tekst en foto's Jean-Pierre Gabriel