Essaouira, Marokko. In een open kelder gooien donkere silhouetten houtblokken en zaagsel in een laaiend vuur. Het is de onder- en achterkant van een badhuis, waar vrouwen met kleurrijke emmers in de hand naartoe kuieren. In die emmer zitten toiletspullen die hun voorouders drieduizend jaar geleden ook al ge- bruikten : een kessa (een geitenwollen massagehandschoen die in Essaouira, een havenstad, vaak wordt vervangen door een stuk visnet), zwarte zeep, rassoul, arganolie, puimsteen...
...

Essaouira, Marokko. In een open kelder gooien donkere silhouetten houtblokken en zaagsel in een laaiend vuur. Het is de onder- en achterkant van een badhuis, waar vrouwen met kleurrijke emmers in de hand naartoe kuieren. In die emmer zitten toiletspullen die hun voorouders drieduizend jaar geleden ook al ge- bruikten : een kessa (een geitenwollen massagehandschoen die in Essaouira, een havenstad, vaak wordt vervangen door een stuk visnet), zwarte zeep, rassoul, arganolie, puimsteen... Oorspronkelijk waren die publieke baden bedoeld voor mensen die geen eigen badkamer hadden. Maar ook nu velen daar wel over beschikken, blijft men wekelijks de hamam bezoeken. Om de traditie in ere te houden, om te voldoen aan de islamitische voorschriften van zuivering, voor de sociale contacten en de gezelligheid... Vrouwen krijgen er een schoonmaakbeurt, maar kunnen zich ook tot in de punt- jes laten soigneren : haren kleuren, benen en oksels harsen, lichaamsmassages, pedicure... Als dat allemaal achter de rug is, trekken de dames zich terug in een kamer met ligbedden en kussens om thee te drinken. Dat is uiteraard een variëteit van muntblaadjes die in de Marokkaanse straatjes en steegjes met stootkarren en kruiwagens worden aangevoerd. Harems en hamams spreken al eeuwen tot de verbeelding, maar het Westen ontdekt nu pas echt de geneugten van oriëntaalse schoonheids- en wellnessrituelen, maar om heel andere redenen dan mos- lims : wij genieten van de hamam als het summum van luxe, calme et volupté, om het met Baudelaire te zeggen. Hamam betekent in het Arabisch 'bron van warmte'. Je brengt een twintigtal minuutjes zittend of liggend door in de vochtige hitte (draaglijk : 45-50 graden) die je huid voorbereidt : het stoombad opent de poriën en voert toxines af. Maghrebijnse vrouwen gaan sans gêne om met hun eigen naaktheid en die van andere vrouwen. Ze zepen elkaar in, schrobben, boenen en spoelen elkaar schoon. Inzepen doen ze met zwarte zeep : een aftreksel van olijven in zout, dat rijk is aan vitamine E. Zwarte zeep - zo zacht als groene zeep - is honderd procent natuurlijk en reinigt zeer grondig. Ze kan zowel voor het lichaam als voor het gezicht gebruikt worden, want ze is vriendelijk voor elk huidtype, ook voor het delicaatste velletje. Zwarte zeep is ook zeer geschikt voor een peeling. Hiervoor moet u de pasta aanlengen met water, aanbrengen, enkele minuten laten inwerken en stevig wrijven met een massagehandschoen of beter nog met de traditionele kessa : een handschoen van geitenwol. Of met een gebreide kei : een puimsteen in een gebreid katoenen jasje. Dan gaan de vrouwen aan de slag met rassoul, letterlijk 'materiaal dat wast'. Rassoul is een poeder dat afkomstig is van een gesteente dat zeer rijk is aan ijzeroxide en magnesium, en dat alleen te vinden is in Noord-Afrika, meer bepaald in Djebel Ghassoul. Rassoul is een ontstekingswerende klei, die onzuiverheden uit de opperhuid haalt, de talgproductie regelt en de huidkorrel verfijnt, de huid verheldert en glans geeft. In een dikke laag op het gezicht of het lichaam aanbrengen. Tien, vijftien minuten laten inwerken, spoelen. De (verdunde) klei wast ook normaal en vet haar en verzorgt het van de wortels tot de punten. Maar rassoul is te mijden als je droog of sterk krullend haar hebt. In dat geval krijg je het er maar zeer moeilijk uitgespoeld. Een peeling doet men op oosterse wijze met keukenmiddeltjes als suiker of zout, waaraan soms bloemblaadjes of een geurtje zijn toegevoegd, maar altijd olie. Op die manier is de huid na een peeling ook gevoed en voldaan. En harsen of ontharen doet men met karamel : een mengsel van water, suiker en citroen. Het geklieder valt best mee : het product lost gewoonweg op in water. Na schrobben en boenen volgt het zachtere werk. Bijvoorbeeld een pakking met bijenwas en honing, waarna je babyzacht bent en om van te snoepen. Of een drainerende massage, die één lange streling is. Welke massage je ook kiest, ontspannend, revitaliserend, ayurvedisch, lymfedrainerend, altijd komt er olie aan te pas. En één waaraan magische krachten worden toegeschreven : arganolie, de olie van duizend-en-een-nacht. Sinds de oudheid is het heil ervan bekend, al bleef het zeer lang een goed bewaard geheim van berbervrouwen die de olie gebruikten in medische, culinaire en cosmetische toepassingen. In 1219 werd arganolie al geroemd door de Egyptische arts Ibn al-Baytar om de therapeutische werking bij wondheling en het vervagen van littekens. Nu weet men dat arganolie dubbel zoveel vitamine E bevat als olijfolie en bovendien boordevol omega 3-vetzuren zit. Arganolie bestrijdt ook een te hoog cholesterolgehalte, en één koffielepeltje per dag zou een uitmuntend voedingssupplement zijn. Het traditionele Marokkaanse ontbijt is een pannenkoek met amlou beldi : een pasta van arganolie met gemalen geroosterde amandelen en vloeibare honing, die de smeerbaarheid heeft van pindakaas én de faam van een miraculeus afrodisiacum. Is het daarom dat men in de Arabische keuken al eeuwen bij feestelijke gelegenheden er enkele druppeltjes van op couscous sprenkelt ? Maar nu kennen ook westerse topkoks de fijne notensmaak van arganolie. Ze benoemen die als een samenstelling van hazelnoot, sesam en warm, versgebakken brood. Ook zij gebruiken de olie in hun recepten. Maar zuinig aan : als een condiment dat een gerecht op smaak brengt, zoals een kruid of een specerij. Een paar drupjes arganolie maken van een doordeweekse aardappelpuree een delicatesse, geeft geitenkaas iets extra's, en maakt een vinaigrette bijzonder. De zeldzame olie is dermate opgewaardeerd dat hij in 2001 de prijs van Slow Food kreeg toegekend. Maar arganolie is vooral een schoonheidsserum dat voor àlles kan dienen. Een ideaal biologisch antirimpelmiddel, bij voorkeur 's avonds te gebruiken op gelaat, hals en decolleté omdat de olie vlekken kan veroorzaken in de zon. Arganolie herstelt ook het evenwicht in een droge of gekloofde huid. De olie beschermt tegen huidveroudering door weer en wind, stress of natuurlijke veroudering, verlicht zonnebrand, verstevigt de huid, werkt tegen reuma, is prima voor droog haar en voor nagelverzorging en... perfect voor massages. En waar komt dat wondermiddel vandaan ? Uit Marokko. En dan nog uit een bepaald gebied van dat land. In het zuidwesten, in de driehoek tussen Agadir, Marrakech en Essaouira, en nergens anders ter wereld. Daarom is de boomsoort sinds 1998 beschermd door de Unesco. Op ongeveer 800.000 hectare staan twintig miljoen arganbomen in een zinderend en onvruchtbaar gebied, waar de naaldboom overleeft in een klimaat waarbij de temperatuur makkelijk 50°C overstijgt. De boom wordt tot vierhonderd jaar oud, heeft een brede, wijd uitgezette kruin, is acht tot tien meter hoog, en heeft wortels tot dertig meter diep. En meer dan de ochtenddauw of wat mist heeft hij niet nodig. Eén boom levert jaarlijks veertig kilo vruchten, genoeg voor één liter olie. En de maat van die vruchten ligt tussen een dikke olijf en een kleine pruim. Ze heeft een groene bolster, zoals een walnoot en bevat één tot drie blanke pitten waar het allemaal om te doen is. En het is een heel gedoe. De rasperige aard van het blad en de doornige takken maken het plukken van de vruchten onmogelijk. Men moet wachten tot ze afvallen en geraapt kunnen worden. En daar houden zo'n drie miljoen mensen zich mee bezig. En die worden flink geholpen door de geitenpopulatie. Het is een vreemd gezicht, dat klein vee in de toppen van de bomen. Nee, hier lusten niet alleen oude bokken groene blaadjes : àlle geiten dragen hun steentje bij. En ze eten niet alleen de blaadjes, ze slokken de vruchten in hun geheel op. Hun spijsvertering verwerkt de bolster en het vruchtvlees, en scheidt de onverteerbare pitten weer uit. De aldus 'gepelde' noten worden geraapt en verwerkt. Ze worden ambachtelijk gekraakt tussen twee keien, een grote als aambeeld, een langwerpige als hamer. Daarna worden ze gemalen tussen twee platte stenen. Vervolgens wordt het mengsel met de hand gekneed, twaalf uur aan een stuk. Pas dan komt de amberkeurige vloeistof tevoorschijn : een delicatesse én het nec plus ultra voor huid en haar. Marktwaarde in Europa : bijna tweehonderd euro per liter, maar het is dan ook de enige olie ter wereld die met de hand wordt geperst. In de keuken wordt arganolie puur gebruikt. Voor cosmetische doeleinden wordt er een en ander aan toegevoegd, afhankelijk van de behoefte of de voorkeur. Ik laat me bijvoorbeeld een voetverzorging met arganolie met cipres, geranium en pelargonium welgevallen. En een lymfedrainage met warme arganolie waaraan muskus, amber en jasmijn zijn toegevoegd. Dan weer is het ceder, citroen of tijm. De Karima's, Fatima's en Naijma's zijn bedreven masseuses. Ze zijn elk vleesgeworden lief- en zachtheid, met een fluisterstemmetje en een eeuwigdurende glimlach. Maar, indien nodig, beschikken ze over een ijzeren greep. Karima bijvoorbeeld, met haar dikke zwarte haarvlecht die zo lang is dat ze erop kan zitten, doet me in het begin echt pijn. Krachtige mepjes, gemene kneepjes, hardhandig kneden alsof er uit dit gekwelde lijf ook arganolie zal komen... Pas later wordt het aangenaam, met vluchtige strelingen en drukkende handen, vol arganolie en oranjebloesem. Ze bewerkt mijn chakra's en daaraan moet ik actief meewerken door me bij haar aanrakingen allerlei dingen in te beelden. Bij het staartbeen moet ik me rood voorstellen, bij de zonnevlecht geel, bij hart en longen groen, hemelsblauw bij de nek, bij het voorhoofd moet ik wit licht op me zien afkomen. Ik gehoorzaam gedwee : baat het niet dan schaadt het niet. En dan weet ik het niet meer. Ik lijk wel van de wereld af, niet in slaap, en ook niet wakker. Ik bevind me in een soort van trance, een ander niveau van bewustzijn. Karima lacht als ik haar dat achteraf vertel. "Goed zo", glimlacht ze. Vind ik ook. Ik loop op wolkjes. Zelfs twee dagen later ben ik superenergiek, op het hyperkinetische af. Heerlijk. Door Griet Schrauwen