Op het eerste gezicht lijkt ?Notre-Dame de Paris?, de al vaker verfilmde onsterfelijke roman van Victor Hugo uit 1831, een vreemde keuze voor een Disney-tekenfilm. Het is tenslotte een terneerdrukkend verhaal over een onmogelijke liefde, de held is laf en het eind tragisch. Logisch dus dat de studio van de knuffelbare wezens een en ander drastisch heeft moeten wijzigen om een muzikale cartoon te kneden uit de calvarie van een mismaakt schepsel dat opgesloten zit in een gotische kathedraal.
...

Op het eerste gezicht lijkt ?Notre-Dame de Paris?, de al vaker verfilmde onsterfelijke roman van Victor Hugo uit 1831, een vreemde keuze voor een Disney-tekenfilm. Het is tenslotte een terneerdrukkend verhaal over een onmogelijke liefde, de held is laf en het eind tragisch. Logisch dus dat de studio van de knuffelbare wezens een en ander drastisch heeft moeten wijzigen om een muzikale cartoon te kneden uit de calvarie van een mismaakt schepsel dat opgesloten zit in een gotische kathedraal. In Disney's ?The Hunchback of Notre Dame? heeft Quasimodo, de gebochelde klokkenluider van de beroemde Parijse kerk, dan ook een koosnaampje Quasi en wordt zijn ellendig bestaan in zijn akelige gevangenis geregeld opgevrolijkt wanneer drie waterspuwers, rondhuppelend op hun voetstuk, uitbundige zang- en dansnummers ten beste geven. Eenzaam in zijn klokkentoren dorst de afzichtelijke Quasi naar de verkenning van het Parijs dat aan zijn voeten ligt, maar hij mag van zijn meester-mentor, de verderfelijke rechter Frollo, de kathedraal niet verlaten. Op een feestelijke dag knijpt hij er toch tussenuit, wint hij per abuis de hoofdprijs van het Narrenfeest en wekt hij het medeleven op van Esmeralda, een zigeunerdanseres met groene ogen. Quasi zou wel meer willen dan haar sympathie, maar ze heeft haar hart en lijf verpand aan de onstuimige kapitein Phoebus. Met de steun van dit droompaar komt Quasi uiteindelijk in opstand tegen de schabouwelijke schurk die zijn moeder doodde. Wat allemaal uitmondt in een spectaculaire belegering van de Notre-Dame waarbij Quasi en kornuiten grote potten kokende olie op het Franse gepeupel gieten (de wraak van de studio op het Euro-Disney-fiasco ?). De animatie van de menselijke figuren is briljant, maar het meest imponerende ?personage? uit de tekenfilm is de Notre-Dame zelf. De studio-tekenaars die hun faam te danken hebben aan de kunst van het antropomorfisme het weergeven van dieren onder menselijke gestalte geven nu op eenzelfde weergaloze manier ziel en karakter aan een verpletterend stenen momument. Het dreigend, onheilspellend en majestatisch bouwwerk komt overrompelend tot leven, de gotische details accuraat gereproduceerd, de gebrandschilderde ramen, slanke torens en spitsbogen maximaal geëxploiteerd voor schitterende grafische effecten met kleur, verticaliteit, schaduw en volume. Puur filmtechnisch en tekenkundig bevat ?The Hunchback of Notre Dame? misschien wel de meest virtuoze taferelen uit de geschiedenis van de vermaaksfabriek uit Burbank. Kwaliteiten, die de meer ergerlijke aspecten van de ?Disneyficatie? doen vergeten, zoals de arrogantie en agressiviteit waarmee het concern klassiek materiaal tot familie-entertainment vulgariseert. De songs, in pure Broadway-stijl sentimenteel en uitbundig zijn van componist Alan Menken en liedjesschrijver Stephen Schwartz. ?The Hunchback of Notre Dame?van Gary Trousdale en Kirk Wise, stemmen van Tom Hulce, Demi Moore, Tony Jay, Kevin Kline, Paul Kandel.The Hunchback of Notre Dame : muzikale cartoon.