U kunt er momenteel niet naast kijken : het seizoen van de zomerfestivals is weer aangebroken. Onze collega's van Focus pakken deze week uit met hun festivalspecial en in alle kranten is er aandacht voor Werchter & co.
...

U kunt er momenteel niet naast kijken : het seizoen van de zomerfestivals is weer aangebroken. Onze collega's van Focus pakken deze week uit met hun festivalspecial en in alle kranten is er aandacht voor Werchter & co. Ik zal het allemaal lezen, ook de verslagen achteraf en u dus kunnen vertellen wie waar optrad en hoe de sfeer was. Maar zelf gaan ? Voor geen geld van de wereld. Ik heb nochtans nogal wat collega's en vrienden die die hard festivalgangers zijn. Eentje die na een festivalweekend vanuit een tent rechtstreeks naar zijn bureau kwam bijvoorbeeld. Gelukkig hebben wij douches op kantoor. De jongste van ons team bekende onlangs dan weer dat ze een examen verknalde door festivalkoorts. Goed, ze was nog wel naar het examen gegaan, maar ze zat met haar hoofd al op de weide. Wat een idee ook van die proffen, vond ze, om nog examen af te nemen als Werchter al begonnen was. Want zo'n festival dat is volgens haar pure magie, daar kan geen cursus tegenop. Een andere collega zal een zomer lang niet thuis geven : de Zomer van Antwerpen, de Lokerse Feesten, Jazz Gent en dan vergeet ik er ongetwijfeld nog een pak. The day after zit ze steevast energiek achter haar computer te stralen. Festivallen is een discipline waar ze uitstekend in getraind is. Ik heb het lang geleden ook geprobeerd. Zo lang geleden dat ik het over Seaside heb, het new-wavefestival dat indertijd in De Panne werd gehouden. Met een delegatie van ons studentenhuis reden we in een pastelblauwe Opel Ascona naar zee. Allemaal van top tot teen in het zwart. Het was dus niet eenvoudig om iemand terug te vinden, want iedereen was helemaal in het zwart. Ik voelde dan ook een steek van jaloezie toen ik tussen die zwarte mensenzee een slimmere vriendin ontdekte : als een bleke godin trok ze onvermijdelijk de aandacht in haar zachtbeige outfit. Aan de muziek heb ik weinig herinneringen. Fad Gadget stond op het programma en Siouxsie and the Banshees. Wel herinner ik mij de ellenlange rijen aan de toiletten en het feit dat we niet meer thuis raakten. Onze chauffeur had een passionele ruzie met haar vriendje en verdween met de noorderzon in haar Opel Ascona, zonder ons. Festivaltreinen bestonden nog niet. Gelukkig was er die gastvrije studiegenoot uit De Panne. Zijn ma was niet weinig verbaasd toen haar zoon met drie vriendinnen aan de ontbijttafel verscheen. Later heb ik mij één keer aan Werchter gewaagd, in comfortabele omstandigheden zelfs want met een backstagepasje. Ik kon op een terras blijven zitten en hoefde niet per se de weide op. Alles verliep min of meer goed, tot ik, die avond gepromoveerd tot Bob, met de auto van een vriend op de geïmproviseerde parking vastreed in een diepe put. Het kostte een vol uur getrek en gesleur eer we wegraakten. Wat mij bovendien de geheel onterechte reputatie opleverde dat ik niet kan parkeren. Genoeg is genoeg. Ik heb toen besloten nooit nog een voet op een festivalweide te zetten. Geef mij maar een concertzaal en een pluchen stoeltje. trui.moerkerke@knack.beTrui Moerkerke