Ze neemt hand over hand toe, de noodzaak in herbergen en koffiehuizen te schrijven. Thuis vind ik geen rust meer, er is geen "thuis" meer momenteel. Er is alleen een plek waar spullen staan die mij toebehoren, waar kleren hangen die naar mij ruiken. Ik beweeg mij door de kamers als een passagier derde klasse die nog haastig enkele handelingen moet verrichten voor het schip definitief zinkt, de Titanic, eerst nog een halve minuut fier rechtop als de penis van een puber in erectie, om dan obsceen het water in te glijden.
...