Op 13-jarige leeftijd leerde hij het klassement van de Bordeauxse Grand Crus Classés uit het hoofd. Toen las hij al elke avond over wijn, met de zaklamp onder de dekens. Vanaf zijn 15de begon hij het land te doorkruisen met trein, tram en bus om degustaties, cursussen en stages te volgen. Gerd Brabant, vandaag 21, had de passie voor wijn al heel vroeg te pakken.

"Toen ik 12 was, startten mijn ouders, beiden actief in de verpleegkundige sector, een kleine natuurvoeding- en wijnzaak als bijberoep. Bij de opening kreeg ik enkele flessen wijn cadeau, waaronder de 3ième Grand Cru Classé Château La Lagune van 1990 en een Hautes Côtes de Nuits van Alain Verdet, eveneens van 1990. Voor later, zeiden ze. Ik heb ze nog altijd niet geopend, maar ik wilde wel meteen weten wat ik precies gekregen had. Zo is het begonnen."

Gerd Brabant bouwde tot zijn 16de vooral theoretische kennis op, om zich vervolgens toe te leggen op het wijnproeven. Elk schoolwerk trachtte hij te benaderen vanuit de wijn: "Voor godsdienst had ik het over de religieuze betekenis van wijn, voor geschiedenis schetste ik de historiek van de wijnbouw, en voor de les chemie maakte ik wijn van appelsap uit de Aldi." Tweemaal per jaar ging hij op vakantie naar het Weingut Geil in Duitsland, waarvan zijn ouders de wijn importeerden: "Telkens keerde ik met spijt in het hart terug naar huis."

Nog meer spijt kreeg hij toen zijn ouders op zijn 16de beslisten om te stoppen met de wijnzaak. Hun levensdroom was immers in vervulling gegaan: ze kregen de licentie van het ministerie om hun woning om te vormen tot een gezinsvervangend tehuis voor verwaarloosde kinderen.

"Mijn wereld stortte in", zegt Gerd over die periode. "Hoe kon ik nu met wijn bezig zijn, als de bron was opgedroogd?" Dat was het startsein voor een jarenlange odyssee met trein, tram en bus naar proeverijen, cursussen en stages. Al zijn zakgeld ging op aan wijn. Zijn wijnkeldertje, dat een beetje verloren ligt tussen de therapeutische ruimten voor de kinderen van het tehuis, groeide gestadig aan: op zijn 18de bezat hij al 150 tot 180 flessen. Bovendien kreeg hij van zijn ouders een passend verjaardagsgeschenk: een reis naar Bordeaux. Het werd een twee weken lange wijnvakantie, waar hij per fiets en bus de hele streek uitkamde, bij wijnbouwers logeerde, en een driedaagse stage volgde aan de Ecole du Vin, waar alle bordeauxwijnen intensief en kritisch werden geproefd en besproken.

Gerd wilde daarop de oenologische studie aanvatten in Bordeaux, maar zijn ouders zagen dat niet zitten. Hij begon Toegepaste Economische Wetenschappen te studeren en vervolmaakte zich tussendoor verder in de wijn. Op VTM won hij een wijnkwis tegen 150 volwassen kandidaten, hij won er ineens 100 wijnen, waaronder 2 flessen Le Montrachet van 1992. Dit jaar raakte hij in de finale van de wedstrijd Wijnkenner van het jaar 2000.

Intussen werd hij almaar vaker gevraagd door bedrijven en verenigingen om over wijn te komen vertellen. Hij schreef ook verscheidene informatieboekjes. En hij begon kooklessen te volgen: "Koken hoort bij wijn. Ik ben zeker nog geen volleerde kok, maar het is wel een tweede passie geworden."

Zijn favoriete druif is de riesling, al houdt hij ook van de chenin: "Omdat die vooral in de Loirestreek schitterende droge, halfdroge en zoete wijnen voortbrengt, die je bovendien lang kunt bewaren." In rood verkiest hij de syrah: "Ik hou van de kruidigheid ervan, en de zwoele smaak waar toch voldoende aciditeit in zit om de wijn prachtig gestructureerd te houden. Ook in bepaalde Italiaanse wijnen en in wijnen van de pinot noir vind je die fijne aciditeit. Ik beschouw edele zuren trouwens als een betere indicator voor het bewaarpotentieel dan tannines."

Gerd heeft ook iets met biologische wijnen: "Niet omdat die altijd beter zouden zijn, maar omdat ze de vrucht zijn van een harmonieuze samenwerking tussen mens en natuur." Het absolute einde vindt hij botrytis-wijnen: "De complexiteit die je hierin terugvindt, is werkelijk grandioos. Niet in sauternes, omdat die wijnen dikwijls door hun te hoge alcoholgehalte uit balans werden gebracht. Geef mij maar Duitsland of Oostenrijk."

Daarmee komen we op het terrein van zijn grote liefde, de vaak onderschatte Duitse wijnen: "Ze behoren tot de fijnste en zuiverste ter wereld. Nergens anders worden elegantie, finesse, kracht, volheid, fruitigheid en fris zuur zo harmonieus gecombineerd. De prijs-kwaliteitverhouding is bovendien nergens zo gunstig." Op dit ogenblik verricht hij voor het Duits Wijninstituut een nationaal marktonderzoek over Duitse wijn, tevens zijn eindwerk voor zijn economische studie.

Als klap op de vuurpijl vroeg het Weingut Geil enkele maanden geleden of hij de exclusieve vertegenwoordiging van zijn wijnen wilde verzorgen in België. Nadat Gerds ouders hun wijnimport hadden stopgezet, vond Geil immers niemand meer in België die zich met hart en ziel voor zijn wijnen inzette. Nochtans is Weingut Geil een topdomein. Het werd in Duitsland overladen met onderscheidingen en werd in 6 jaar liefst 24 keer vermeld in het boek De 300 beste wijnen, de hoogste score die een domein ooit behaalde.

Gerd beschouwde het aanbod dan ook als een grote eer en ging er gretig op in. In één week tijd vestigde hij zich als zelfstandig wijnimporteur, onder de naam Vinikus (Latijn voor wijnbouwer), hoewel hij nog één jaar moet studeren. Zijn depot installeerde hij in de vroegere hooischuur van zijn peter, vlak bij het ouderlijke huis.

Hoewel hij al verscheidene aanbiedingen heeft gekregen van Belgische wijnbedrijven, wil Gerd zijn eigen droom waarmaken: "Tegen juli 2001 ben ik afgestudeerd en dan wil ik klaarstaan om Geil definitief te lanceren in België. Nu al bezoek ik restaurants om hen op de wijnkaart te krijgen. Maar het is echt pionierswerk, want Duitse wijnen blijven hier ondergewaardeerd. Dat is jammer. Het komt wellicht door Hitler, Liebfraumilch, het glycolschandaal en door Parker ( de gerenommeerde Amerikaanse wijnrecensent) die geen liefhebber is van riesling. Ik wil mij dan ook in de eerste plaats inzetten om de Duitse wijnen meer aanzien te geven in België, want ze verdienen het."

Via zijn professionele activiteiten wil Gerd ook zijn visie op wijn verspreiden: "Ik wil af van het wijnsnobisme. Pronken met je zogezegde wijnkennis, je superieur voelen omdat je wat van wijn kent: hoe is dat mogelijk? Laat het ons interessant, leerrijk en aangenaam maken voor de mensen. Een tweede aspect waar ik niet van hou, is de industrialisering van de wijn. Ik vind bijvoorbeeld niet dat er in de Nieuwe Wereld zoveel goede wijnen gemaakt worden. Technisch zijn ze wel in orde, maar ze zijn ook vaak saai en vertonen geen eigen karakter. Als ik dan eens een schitterende wijn proef, is die meestal onbetaalbaar. De inheemse cépages kunnen mij nog wel bekoren, maar in het algemeen is er te weinig wijntraditie en doet men te weinig moeite om er op te bouwen."

Hij haalt de uitspraak van een Franse château-eigenaar aan: Goede wijn maken is niet moeilijk, behalve de eerste 150 jaar. "Ik zweer bij kleinschaligheid en wil mij dan ook alleen met die domeinen bezighouden waar ik voor 200 procent achter kan staan. Domeinen waar de eigenaar zijn zin doet en eigen creatieve keuzen maakt. En die zich niet te veel op Parker richt, want die heeft jammer genoeg een tendens gestimuleerd van overrijpheid, van overgeconcentreerde kleur en smaak."

Gerd praat met veel vuur over wijn en heeft een bijzonder ontwikkeld smaakpalet. Hij kan ook heel zorgvuldig verwoorden wat hij proeft. Maar vooral blijft hij onwaarschijnlijk gepassioneerd. "Wijn geeft zin aan het leven", zegt hij. "Want het is leven. Wijn evolueert zoals de natuur. Dat ruik en proef je. En wat is er mooier in het leven dan ruiken, proeven en genieten?" Als we afscheid nemen, zegt hij: "Als ik later een dochter krijg, zal ze Syrah heten. Ik kan haar toch niet met de naam Riesling door het leven laten gaan?"

Wijnimport Vinikus, Linthoutweg 5, 1785 Brussegem, Tel. en fax: 02-460 19 45, gsm: 0478-34 69 84, e-mail: gerd.brabant@worldonline.be

Bruno Vanspauwen / Foto's Lies Willaert