Michel Vandenbosch is voorzitter van de dierenrechtenorganisatie Gaia (Global Action in the Interest of Animals). Hoeveel tegenwind de man ook krijgt (en dat zijn af en toe bijzonder krachtige windstoten, weten we intussen), Vandenbosch blijft zijn idealen en zijn doel hondstrouw.

"Gaia bestaat dit jaar 15 jaar. En als ik er zo op terugkijk, dan kan ik eerlijk zeggen dat België er dankzij Gaia minder wreed uitziet dan in 1992. Maar het land kan nóg veel diervriendelijker, en dat besef houdt me gaande. De trouw aan mijn doel motiveert me, dag in dag uit. Of misschien beter : de trouw aan dieren in nood. Mocht ik het nu opgeven, dan zou ik me een vreselijke verrader voelen tegenover al die dieren die lijden door menselijk toedoen. Want anders dan mensen, hebben dieren niet zelf het vermogen om voor hun rechten op te komen. Om zich te verenigen, te groeperen en in opstand te komen."

"Het begon toen ik aan de Brusselse Universiteit samen met professor Roland Corluy het schandaal ontdekt had over de drie babychimpansees die koning Boudewijn in 1985 had gekregen, op staatsbezoek in Zaïre. Eentje stierf ter plaatse, de twee andere werden in jutezakken naar België overgevlogen. Een tweede overleed hier, het derde haalde het net in de Antwerpse Zoo. In een mum van tijd verzamelde ik wereldwijd 50.000 handtekeningen (onder meer van Jane Goodall). Gevolg : in het Belgische protocol werd opgenomen dat staatshoofden "geschenken van die aard" niet meer mochten aannemen. Die actie heeft in mij een vuur aangewakkerd, dat nooit meer is geblust. Ik ben thuis gekomen en heb mijn moeder gezegd : 'Vanaf nu zet ik me in voor dieren.' Haar antwoord : 'En brengt dat iets op ?' Tja."

"Ik krijg veel tegenwind, dat klopt. En ja, ik heb al gevreesd voor mijn leven. In 2000 is de politie me officieel komen vertellen dat een harde kern van veehandelaars een plan had beraamd om mij uit de weg te ruimen. Ik heb toen een tijd moeten leven volgens een specifieke beschermingsstrategie. En ja, dat doet een mens al eens wankelen. Maar nog eens : nooit in die mate dat ik de strijd zou opgeven."

"Ik weet dat mij nogal eens starheid wordt verweten. Maar mensen die met mij werken, weten dat dat niet klopt. Ik ben gedreven, ja, een doorzetter. En trouw aan mij idealen. Maar zelfs mijn tegenstanders, de integere dan, weten dat ik niet star ben. Ik probeer altijd de juiste synthese te vinden tussen beginselvastheid en haalbaarheid. Een eerbaar compromis sluit ik niet uit, maar tegelijk geef ik niet toe op mijn ondergrens. In je middelen moet je doel vervat zitten, zie Gandhi ooit. En daar geloof ik in. Met blinde koppigheid blijf je eeuwig in de loopgraven vechten. En welke duurzame resultaten zijn ooit vanuit loopgraven bereikt ?"