De bus brengt je niet helemaal ter plekke. De weg ook niet, blijkt. Als je naar Cabo Polonio gaat, dan moet je het laatste eind met een terreinwagen afleggen of met paard en kar. Cabo Polonio, enkele hutjes verspreid tussen de duinen van een uitgestrekt, eenzaam strand aan de Uruguayaanse kust, is de woonplaats van een handvol vissers, een paar overjaarse hippies en enkele habitués die er de zomer komen doorbrengen.
...

De bus brengt je niet helemaal ter plekke. De weg ook niet, blijkt. Als je naar Cabo Polonio gaat, dan moet je het laatste eind met een terreinwagen afleggen of met paard en kar. Cabo Polonio, enkele hutjes verspreid tussen de duinen van een uitgestrekt, eenzaam strand aan de Uruguayaanse kust, is de woonplaats van een handvol vissers, een paar overjaarse hippies en enkele habitués die er de zomer komen doorbrengen.Een van hen is Andres Ferreira. Er is nog niet veel veranderd sinds hij hier 13 jaar geleden strandde. "Ik werkte als architect en had net mijn baan opgegeven. Ik herinnerde me dat een vriend een oude winkel had gekocht in Cabo Polonio. Dus pakte ik ook mijn spullen en stapte op de bus, en wat later op een vrachtwagen vol dorpelingen en kippen en aardappelen. Daarna op een boot om de rivier over te steken en ten slotte op een kar getrokken door drie paarden, die me door de duinen voerde. Ongelooflijk! Enkele eenvoudige huisjes, prachtige stranden en geen telefoon, stromend water of elektriciteit." Een luxe die de huidige bewoners nog altijd genieten. "Voor mij is Cabo Polonio iets wat uit een verhaal van Gabriel García Márquez lijkt te komen", zegt Andres. "De vissers maken zelf hun boten en netten. Het is een uiterst sobere levensstijl. Je moet met weinig tevreden zijn. Alles is waardevol, van een nageltje tot een stukje drijfhout." Toen Andres besloot zijn eigen huis te bouwen, huldigde hij diezelfde principes. "Ik stak vier stokken in de grond, 11 meter van elkaar en zorgde ervoor dat de voorkant van het huis zo gericht was dat ik de maan kon zien opkomen boven de zee. De basiselementen van het huis waren cement, zand en schelpen. Daarvan werden de stenen gemaakt, hier ter plekke." De stenen werden vervaardigd in de winter. In de zomer kwam Andres terug en begon te bouwen. Dat duurde een jaar. Intussen verzamelde hij drijfhout en alles wat de zee hem aanreikte. "De tafel is gemaakt van drijfhout. De sofa is een verbouwde boot die ik ruilde met een visser. Zo begon het huis vorm te krijgen." De rekken in de keuken bestaan uit platte stenen en stevige planken uit een boomstam, opgehangen met touw dat hij op het strand gevonden had. Niets ging verloren. Zelfs het stuk dat Andres uit de boot zaagde om een sofa over te houden, hangt nu als een sculptuur aan de muur. Andere stukken drijfhout werden ook tot sculpturale vormen geassembleerd. Een sakevat is een handig tafeltje. Gasten komen langs en laten uit dank schilderijen achter.Het was mijn bedoeling iets praktisch en harmonieus te maken met wat de omgeving mij bood", zegt Andres Ferreira. "Wat handigheid, een beetje gereedschap en veel verbeelding... en zie het resultaat! Mijn huisje aan het strand! De enige regel is 's morgens opstaan, een beetje zwemmen in de zee, ontbijten en dan uitzoeken welke vis we bij de lunch te eten krijgen."Rodney Bolt / Foto's Mirjam Bleeker