Ook de tweede avond van mijn verblijf in Yangon trek ik naar Shwedagon Pagoda, het spirituele centrum van het land. De negentig meter hoge gouden stoepa, een gigantische glimmende klok op een heuvel, domineert de skyline én het sociale leven van de grootstad. Anders dan gisteren klim ik niet langs de lange overdekte trap naar het heiligdom, maar volg de forenzen in de lift. Van de drukte van de parking naar het bedevaartsoord in enkele seconden. Opvallend : dit is een van de armste landen ter wereld, maar de vestiaire, waar bezoekers verplicht hun schoeisel achterlaten, biedt gratis wifi. In wijzerzin volg ik de mensenstroom, slenterend door een bos van vergulde stoepa's, alsof rond de centrale schrijn talloze scheuten als uivormige paddenstoelen uit de grond schieten. "Al jaren geldt hier nu een bouwstop", verduidelijkt gids Shine, een opgeschoten jongeman met zwart sluikhaar en een aanstekelijke lach. "Iedereen wil zo dicht mogelijk bij het reliek een eigen bouwwerk oprichten."
...

Ook de tweede avond van mijn verblijf in Yangon trek ik naar Shwedagon Pagoda, het spirituele centrum van het land. De negentig meter hoge gouden stoepa, een gigantische glimmende klok op een heuvel, domineert de skyline én het sociale leven van de grootstad. Anders dan gisteren klim ik niet langs de lange overdekte trap naar het heiligdom, maar volg de forenzen in de lift. Van de drukte van de parking naar het bedevaartsoord in enkele seconden. Opvallend : dit is een van de armste landen ter wereld, maar de vestiaire, waar bezoekers verplicht hun schoeisel achterlaten, biedt gratis wifi. In wijzerzin volg ik de mensenstroom, slenterend door een bos van vergulde stoepa's, alsof rond de centrale schrijn talloze scheuten als uivormige paddenstoelen uit de grond schieten. "Al jaren geldt hier nu een bouwstop", verduidelijkt gids Shine, een opgeschoten jongeman met zwart sluikhaar en een aanstekelijke lach. "Iedereen wil zo dicht mogelijk bij het reliek een eigen bouwwerk oprichten." Als een Belg geboren wordt met een baksteen in de maag, dan draagt elke Birmaan zeker een pagode in zich. Gids Shine lacht : "Een heuvel is pas perfect als een heiligdom de top bekroont." Vrouwen offeren melk en bloemen, mannen mediteren in het familieschrijn en her en der zitten vrienden of familie samen. Felgekleurde ledlampjes flikkeren als een opzichtige doornenkroon rond Boeddha's hoofd, nieuwe verlichtingstechnologie tot glorie van de Verlichte. Anachronistische kitsch of religieuze kunst ? De vrolijke vredigheid op het tempelplein schept de ideale omstandigheden om te verbroederen met de locals, steeds klaar om hun Engels te testen. Binnen de kortste keren willen nieuwsgierige studenten en monniken weten waar ik vandaan kom. "Hoe heet jouw land ?" repliceer ik. "Myanmar of Birma ?" Ooit was dit koninkrijk aan de Irrawaddy een onderdeel van Brits-Indië, tot Birma (net als India) na de Tweede Wereldoorlog onafhankelijk werd. Het moeilijke pad naar democratie liep aan het eind van de jaren tachtig vast in het bloed van de dictatuur. Myanmar, zo luidt sinds de militaire staatsgreep de naam van het land. Sedertdien belichaamt Aung San Suu Kyi - de nu 67-ja- rige dochter van een legendarische onafhankelijkheidsstrijder - de mensenrechtenstrijd in Birma, zoals ze haar vaderland consequent blijft noemen. Terwijl het een jaar geleden nog taboe was haar naam of de historische naam van het land te gebruiken, prijkt de afbeelding van de oppositieleidster, die jarenlang onder huisarrest leefde, tegenwoordig op de T-shirts waar straatverkopers mee leuren. Een koopje, net als de pasta van vermalen boomschors, een natuurlijke zonnemelk waarmee de vrouwen hun kaken insmeren, of de pocketversie van Burmese days, het dagboek van George Orwell (die tussen 1922 en '27 in dienst was bij de Britse bezettingsmacht in Birma, de Indian Imperial Service). Nergens komt de vervlogen vooroorlogse grandeur zo tot leven als tijdens high tea in The Strand, een pareltje van koloniale architectuur, een elegant monument tussen de afgebladderde gevels van downtown Yangon. Even legendarisch als het Raffles Hotel in Singapore of The Peninsula in Hongkong, maar nog niet overspoeld door toeristen. Ook wie er niet overnacht, kan genieten van de vergeelde foto's, houten lambriseringen, obers als knipmessen en copieuze torens sand- wiches & scones met een kopje afternoontea. Orwell was hier, net als Somerset Maugham en Rudyard Kipling, auteur van het onsterfelijke gedicht Road to Mandalay. Luidkeels zingt Shine de hymne, tot de Britse dames kirren van vreugde. " Come you back you British soldier, come back to Mandalay." Niets kan je voorbereiden op Bagan, de indrukwekkendste archeologische site van het land. "Ons Angkor Wat", pocht Shine. Mijn gids heeft een punt. Marco Polo roemde de middeleeuwse hoofdstad van de Bamar als een van de mooiste plekken op zijn reizen. Ruim drieduizend pagodes, tempels en reliekschrijnen klein of groot liggen kriskras verspreid over de savanne, een versteend veld van naar de hemel reikende heiligdommen. "Vanaf het terras op de top van de Shwesandaw stoepa genieten we vroeg in de ochtend van een verstild panorama, terwijl de nevel optrekt tussen de talloze tempels. In de velden en tussen de boomtoppen glimmen de puntige piramides, witgekalkt, in ruwe rode baksteen of met bladgoud bedekt. Toen de koning van Bamar zich bekeerde tot het Theravada boeddhisme, halfweg de elfde eeuw, deed hij dat met absolute overgave. Bekeerling Anawrahta roofde religieuze teksten en voorwerpen van de Mon (een naburig volk in het zuiden van het land) en voerde hun koning Manuha in gevangenschap mee. De tempel die de gekidnapte vorst mocht bouwen, met drie gigantische boeddha's in evenveel te kleine ruimten, provoceerde de diepgelovige Anawrahta. "Net als de gevangen Mahuna voelt Boeddha zich benauwd in zijn gouden kooi," vertelt Shine, "met als enige ontsnappingsmogelijkheid de dood, uitgebeeld door de liggende Boeddha aan de achterzijde van het heiligdom." Kwam de boodschap over ? Koning Anawrahta en zijn opvolgers ontketenden in de vlakte tussen de rivier en de heuvels een ongeziene bouwwoede. Op een oppervlakte van veertig vierkante kilometer, destijds zesmaal groter dan het middeleeuwse Londen, lieten de heersers van de elfde tot de dertiende eeuw een koningsstad met duizenden pagodes bouwen. Elke vorst wou zijn voorganger overtreffen. Ananda, een klassiek meesterwerk met trapsgewijze terrassen versierd met stukwerk en fresco's, functioneert nog steeds als pelgrimsoord. Werkelijk alomtegenwoordig zijn de stoepa's ! Drijvend in het zwembad van mijn hotel, tel ik er een goed dozijn. De weg naar Mandalay bezong Kipling zo treffend, maar zelf bezocht hij de stad nooit. Weinig reizigers komen er tegenwoordig aan per boot, maar nog minder bezoekers verlaten de laatste koninklijke hoofdstad zonder een cruise op de Irrawaddy. Als een slang kronkelt de stroom door rijstvelden en langs bosjes palmbomen, een intens groene vlakte met glimmende stippen, de gouden stoepakoepels die weerkaatsen in de zon. Volgens de overlevering bezocht Boeddha de Mandalayheuvel en voorspelde hij dat hier ooit een metropolis van wijsheid zou floreren. En zie, in het midden van de negentiende eeuw stichtte koning Mindon aan de voet van de heuvel zijn hoofdstad, een gouden stad voor het boeddhisme. Van zijn schitterend paleis restte na de Tweede Wereldoorlog alleen de imposante slotgracht en de omwalling met twaalf poorten. Eeuwigheidswaarde heeft 'het grootste boek ter wereld', de 729 marmeren tabletten boeddhistische teksten, of de pagode van Mahamuni, waar gelovigen voortdurend flinterdunne laagjes bladgoud kleven op het meest vereerde beeld van het land. Anders dan het slaperige Bagan, is Mandalay een drukke metropool, een centrum van ambachts-lui en kunstenaars. Een shop-pingronde leidt langs beeldhouwers en houtsnijders, langs weefgetouwen en koperslagers. Opmerkelijk zijn de bladgoudslagers, die met voorhamers een klomp goud vermorzelen tot er ragfijne, tengere blaadjes overblijven. Binnen de kortste keren zullen gelovigen het fijne goud prevelend en voorzichtig op een Boeddha of stoepa kleven. Een bochtige rit door heuvels en langs de wijngaarden van Red Mountain Vineyard leidt van Heho naar Nyaung Shwe, de toegangspoort tot het meer van Inle. Hier leven de Intha op en rond hun meer, 160 vierkante kilometer moerassen en open water, drijvende tuinen en paalwoningen. In een kano met een buitenboordmotor verkennen we de dorpen, houten huizen hoog boven het water. Met platbodems verzamelen de Intha waterhyacinten, riet en modder, een aangevlochten compostlaag die met palen verankerend wordt in de bodem. In hun drijvende tuinen kweken de waterboeren bloemkolen, tomaten of bonen. Even opmerkelijk als hun landbouwmethode is hun roeitechniek. Staand op hun kano peddelen de vissers met één been rond de roeispaan, als elegante flamingo's glijdend over het gladde watervlak waarin de omliggende bergen reflecteren. Buiten het toeristische seizoen vertonen de katten van het Jumping Cat klooster hun kunstjes niet, maar terecht prijkt Inle op elke reisroute. Bruno Chagon, de Franse manager van het Inle Resort, ziet vol vertrouwen de toekomst tegemoet. "Dit land heeft zoveel potentieel. Hopelijk kan de regering de ontwikkeling van het toerisme in goede banen leiden. De bouwstop voor hotels rond het meer is alvast een goed begin." TEKST EN FOTO'S JO FRANSEN"Een heuvel is pas perfect met een heiligdom op de top" Voorzichtig kleven pelgrims bladgoud op de Boeddha of stoepa