Dat Jozef De Veuster, de Grootste Belg en alias pater Damiaan, op 15 april 1889 op het eiland Molokai aan zijn einde is gekomen, is algemeen geweten. Dat de vader van de anatomie, Andreas Vesalius, op het Griekse eiland Zakynthos (Zante in het Italiaans) begraven ligt, is veel minder bekend. Het verhaal van zijn doodstrijd bevat nochtans zoveel smeuïge ingrediënten dat Shakespeare er een tragedie had kunnen aan wijden. Op Zakynthos gaan we op zoek naar de puzzelstukken van het dramatische levenseinde van de op vijf na grootste Belg Aller Tijden en ontdekken een pracht van een eiland waar de Griekse tragedie van vandaag nauwelijks vat lijkt op te hebben.
...

Dat Jozef De Veuster, de Grootste Belg en alias pater Damiaan, op 15 april 1889 op het eiland Molokai aan zijn einde is gekomen, is algemeen geweten. Dat de vader van de anatomie, Andreas Vesalius, op het Griekse eiland Zakynthos (Zante in het Italiaans) begraven ligt, is veel minder bekend. Het verhaal van zijn doodstrijd bevat nochtans zoveel smeuïge ingrediënten dat Shakespeare er een tragedie had kunnen aan wijden. Op Zakynthos gaan we op zoek naar de puzzelstukken van het dramatische levenseinde van de op vijf na grootste Belg Aller Tijden en ontdekken een pracht van een eiland waar de Griekse tragedie van vandaag nauwelijks vat lijkt op te hebben. Shakespeare (geboren in het jaar dat Vesalius stierf) mag dan wel Zakynthos links hebben laten liggen, Edgar Allan Poe en Oscar Wilde waren wild van het eiland en hebben er lieflijke gedichten aan gewijd. Poe, de meester van het horrorverhaal, liet zich door de schoonheid van het eiland verleiden tot een Sonnet to Zante. "O hyacinthine isle ! O purple Zante ! - Isola d'oro ! Fior di Levante !", zo schrijft hij. Je zou er haast aan twijfelen dat het dezelfde pen is die The Murders in the rue Morgue en The Hound of the Baskervilles geschreven heeft. Even lyrisch klinkt het bij Oscar Wilde in zijn Impression de Voyage : "The sea was sapphire coloured, and the sky - Burned like a heated opal through the air ; - We hoisted sail ; the wind was blowing fair - For the blue lands that to the eastward lie. " Dat Poe het over Zante heeft, terwijl Oscar Wilde het eiland Zakynthos noemt, is logisch gezien de datering van de gedichten. Poe schreef zijn sonnet in 1837, Wilde dichtte zijn reisimpressie in 1881. Het eiland werd in 1864 immers verenigd met Griekenland, nadat het achtereenvolgens in handen was geweest van de Venetianen, de Fransen en de Britten. Zante is de oude Italiaanse naam, vandaag is het eiland vooral bekend onder zijn Griekse naam. En ook al heeft het zuidelijkste van de Ionische Eilanden niet dezelfde renommee als Kreta, Rhodos of Korfoe, het is ook zonder Vesalius een bezoek meer dan waard. Zowel Poe als Wilde hebben het eiland nog gekend als de Fior di Levante, de Bloem van het Oosten, met zijn prachtige Venetiaanse huizen en paleizen. Helaas is Zakynthos sedertdien een paar keer door elkaar geschud door verwoestende aardbevingen, met name in 1893 en in 1953. Vooral de laatste grote schok van 7,2 op de schaal van Richter was bijzonder desastreus : de hoofdplaats van het eiland werd met de grond gelijkgemaakt, er vielen meer dan honderd doden. Alleen de Agios Dionysoskerk, vernoemd naar de patroonheilige van het eiland, bleef - alsof een god ermee gemoeid was - overeind. De Santa Maria delle Graziekerk, waar Vesalius verondersteld wordt begraven te liggen, verdween wel voorgoed uit het stadszicht. Omdat het zo vaak rommelt op Zakynthos, voert een onderzoeksgroep van het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden er een grootschalig archeologisch onderzoek. Kleine aardbevingen komen ieder jaar voor, een grote schok gemiddeld om de zestig jaar. Dat is nu dus ongeveer... Ik nip van een ouzo on the rocks op het kleine eilandje Agios Sostis, dat zo'n driehonderd jaar geleden na een aardschok van het hoofdeiland werd losgerukt, en nu via een loopbrug bereikbaar is van op het strand van Laganas. De Griekse nationale drank zet bij het eerste glas aan tot mijmeren, drink je er meer van dan ben je klaar voor een feest, zegt mijn Griekse compagnon Dionysos en hij kan het weten. Dit onbewoonde eilandje is overigens een schitterende plek waar 's zomers het White Party-circuit halt houdt. De lange witte vlaggenslierten rond het eiland getuigen van de wilde LGBT-feesten (de letters staan voor Lesbian, Gay, Bisexual & Transgender), overgewaaid uit Miami. Van op Agios Sostis heb je een prachtig zicht op het eiland Marathonissi dat als een reuzenzeeschildpad uit het water oprijst. Het eiland is beschermd omdat de Caretta caretta er komt broeden. Deze Caretta caretta, ook wel onechte of valse karetschildpad genoemd, draagt een schild van meer dan een meter lang en kan tot vijfhonderd kilogram wegen. Gelukkig ligt Marthonissi ver uit de buurt van het strand van Laganas, waar ik aan de andere kant van Agios Sostis op uitkijk. Tijdens het hoogseizoen wordt dit strand door jonge Britten herschapen tot één grote beachparty, maar in deze zalige lentemaand ligt het er verlaten bij. Op dit strand van Laganas is volgens de overlevering in 1564 Andries van Wesel aangespoeld, zich vastklampend aan het wrakhout van het schip waarmee hij vanuit Jeruzalem richting Venetië voer. In de klassieke oudheid wisten de Grieken al dat Aeolus, de god van de winden, hier in de bocht rond de Peloponnesus en de Ionische Eilanden lelijk huis kan houden. Een storm werd Vesalius fataal, althans dat is het meest plausibele verhaal. In mijn verbeelding zie ik de driemaster kapseizen in de woelige zee en de drenkelingen zich hulpeloos aan het wrakhout vastklampen. Een van hen wordt door de golven op het strand geworpen en sleept zich in veiligheid. Een goudsmid snelt ter hulp en tracht de ongelukkige in leven te houden. Helaas, de zorgen mogen niet baten, de schipbreukeling blaast zijn laatste adem uit. Een scène die smeekt om verfilmd te worden, zeker als je weet dat de ongelukkige een van de belangrijkste figuren van het humanisme is. Zakynthos draagt vandaag nog vele sporen van die dramatische ontknoping. Het strand Laganas is een aaneenschakeling van bars en nachtclubs. Tussen al dat neongeweld staat, enigszins verborgen, een marmeren gedenksteen voor Vesalius, opgericht in 1964 door de Vereniging van de Alumni van de Belgische universiteiten. De naam Vesalius is in Laganas nog permanent aanwezig. De Vezal Beach Bar wacht op de zomer en de feestvierders. Uiteraard is er de André Vezal's Street in Pantokrator, waar Vesalius waarschijnlijk aangespoeld is. Je vindt er zelfs een Vezal Super Market en - meer vanzelfsprekend - een Vezal Greek Tavern, waar we plichtsgetrouw even halt houden. "Je mag hier aan eender welk kind van twaalf vragen wie Vesalius is, en je zult een correct antwoord krijgen", zegt Katerina Demeti, directeur van het historische Solomos Museum in de hoofdplaats van het eiland, die ook Zakynthos heet. Het museum laat een wat verouderde maar daarom niet minder charmante indruk. Ik ben de enige bezoeker, en vermoed dat ze voor mij het licht hebben aangeknipt. Het bezoek is de moeite waard, één om zich een beeld te vormen van de geschiedenis van het door aardbevingen getroffen eiland, twee om sporen te vinden van Vesalius eeuwige aanwezigheid. In oude geschriften wordt gewag gemaakt van zijn noodlottige schipbreuk, er hangt ook een prachtige gravure van een Engelse tekenaar, een zekere Miller, die de agonie van Vesalius op het paradijselijke strand voorstelt. "Vesalius was een belangrijk wetenschapper", zegt Katerina Demeti. "We zijn heel fier dat zijn naam verbonden blijft met ons eiland. Zelfs al is hij hier alleen maar gekomen om te sterven, soms heb ik het gevoel dat zijn geest hier nog steeds aanwezig is." Van het schip dat Andreas Vesalius 450 jaar geleden vanuit Jeruzalem weer thuis had moeten brengen, is geen spoor overgebleven. Het toeval wil dat Zakynthos vandaag zijn wereldwijde bekendheid dankt aan een ander schip, de Panagiotis die op 1 oktober 1980 gestrand is in een idyllische baai in het noordwesten van Zakynthos. Het strand, beschut door hoge kalkstenen rotspartijen zodat het slechts per boot kan bereikt worden, kreeg meteen de naam Navàgio, wat Grieks is voor scheepswrak en is vandaag het meest gefotografeerde strand van heel Griekenland. Bovendien hangt er nog steeds een waas van geheimzinnigheid rond het schip. Algemeen wordt aangenomen dat de Panagiotis sigaretten smokkelde van Turkije naar Italië, in barre weersomstandigheden opgejaagd werd door de Griekse kustwacht en zo gestrand is in de baai vlak bij Porto Vromi. De bemanning wist te ontsnappen en de smokkelwaar verdween spoorloos. Volgens sommige bronnen zou de kapitein van de Panagiotis zelfs een nieuw leven begonnen zijn in Antwerpen. Terwijl op Zakynthos weleens smalend beweerd wordt dat het schip daar is neergezet door de minister van Toerisme omdat het wereldwijd heeft bijgedragen tot de faam van het eiland. Zakynthos is overigens best een zeer aardig eiland, dat zo goed als ongerept is gebleven, op enkele druk bezochte zandstranden na. Het biedt een mooie natuur, prachtige rotsstranden en een schitterende zee die varieert van kobaltblauw tot appelblauwzeegroen. Eeuwenoude olijfbomen, prachtige wijngaarden en pittoreske dorpjes verraden een geringe menselijke aanwezigheid. Het eiland heeft ook een rijke geschiedenis, al werden de sporen daarvan herhaaldelijk door aardbevingen weggevaagd. Tijdens de Venetiaanse periode bevatte Zante, zoals het eiland en de hoofdstad toen heetten, een grandeur zoals je vandaag niet meer mogelijk acht. Het oude theater en de vismijn herinneren nog aan de Italiaanse hoogdagen. In het lokale dialect herkent men nog Italiaanse klanken. Maar ook de plaatselijke gastronomie heeft Italiaanse invloeden ondergaan. Toerisme, visvangst en scheepvaart vormen de belangrijkste industrieën van Zakynthos. Het eiland heeft zich nog redelijk door de crisis kunnen worstelen, al hebben veel jongeren, vooral diegenen met een diploma, de sprong naar West-Europa gewaagd. Elke toeristische opportuniteit wordt echter door het autonome stadsbestuur aangegrepen om Zakynthos op de kaart te zetten. Zo ook, vanzelfsprekend, het Vesaliusjaar 2014. Samen met de Belgische ambassade in Griekenland heeft de stad Zakynthos een pracht van een brochure uitgegeven waarin de link tussen Vesalius (Besalios in het Grieks) en het Griekse eiland extra in de verf wordt gezet. "Zakynthos heeft jaarlijks circa 450.000 toeristen, goed voor 2,5 à 3 miljoen overnachtingen", zegt Panos Kolyris, de voorzitter van het Tourism Committee van Zakynthos. "De helft van de bezoekers zijn Britten, gevolgd door Nederlanders, Duitsers, Oostenrijkers, Tsjechen, Russen én Belgen. Met de herdenking van de vijfhonderdste geboortedag van Andreas Vesalius in het najaar van 2014, hopen we de link met België verder aan te halen." Kolyris is een man van de wereld, hij was jarenlang in Brussel als toerismespecialist voor de Griekse vertegenwoordiging in de EU. Wanneer ik die avond van op het terras van het Balcony Hotel - als een adelaarsnest op een klif boven de zee gebouwd - de zon zie onderduiken, een gloed van vuur over de zee spreidend, denk ik onverwijld terug aan Andreas Vesalius, de grote humanist en wetenschapper, die daar volgens de documenten van ooggetuige en overlever van de schipbreuk, Georg Boucher, veertig dagen als in een okkernoot heeft rondgedobberd, alvorens te sterven. "Geschiedenis kan soms dodelijk ironisch zijn", schrijft de Belgische consul Theo Dirix in de brochure voor het Vesaliusjaar 2014 : "He, who in the beginning of his career went out 'looking for bones' to study the human body, had his own skeleton lost on a beautiful Ionian island."TEKST EN FOTO'S HENK VAN NIEUWENHOVE