Twee aan twee staan ze opgesteld, netjes in de rij : 24 grote spuitgietmachines. Bovenaan hebben ze doorzichtige bokalen vol gekleurde plastickorrels. Die worden opgewarmd tot een pasta en vervolgens onder hoge druk in een mal gespoten. De machines spuwen vervolgens producten uit : knalroze, felgroene en zachtgele potjes, boterhamdozen met koeienvlekken, citroenpersen en flexibele taartvormen. We staan in de torenhoge en lichte fabriekshal van Tupperware in Aalst. Jan-Hendrik de Groote, hoofd van de Europese designafdeling van het Amerika...

Twee aan twee staan ze opgesteld, netjes in de rij : 24 grote spuitgietmachines. Bovenaan hebben ze doorzichtige bokalen vol gekleurde plastickorrels. Die worden opgewarmd tot een pasta en vervolgens onder hoge druk in een mal gespoten. De machines spuwen vervolgens producten uit : knalroze, felgroene en zachtgele potjes, boterhamdozen met koeienvlekken, citroenpersen en flexibele taartvormen. We staan in de torenhoge en lichte fabriekshal van Tupperware in Aalst. Jan-Hendrik de Groote, hoofd van de Europese designafdeling van het Amerikaanse bedrijf leidt ons rond. "Precies de aanwezigheid van die machines zijn een groot pluspunt. Dikwijls kom ik naar beneden, naar de machines kijken. Daarvoor doen we het toch als designers ? Om deze machines in werking te houden." Een aanpak die hij ook van zijn team verwacht : "We hebben vooral productontwikkelaars in dienst. Onze producten zijn in de eerste plaats goede, functionele producten. Met een hint of surprise, dat wel. Ons designteam onder leiding van Susan Perkins, telt wereldwijd maar tien mensen. Samen bedenken we jaarlijks zo'n tachtig producten. Soms voor een lokale markt, zoals een beschuitdoos voor Nederland. Maar soms ook werken we met het hele team aan één product. Een kop voor café au lait in Frankrijk kan in Azië als rijstkom dienstdoen." Net voor de zomer kregen de vormgevers van Tupperware de Red Dot Award voor design team of the year. "Niet ontmoedigd door alle ontwikkelingen in de vormgevingsgeschiedenis is Tupperware decennialang consistent functionele producten blijven bedenken die een praktische waarde hadden, die simpel en toch ingenieus waren en met absoluut een karakteristieke vormgeving", verduidelijkt juryvoorzitter prof. Peter Zec. Meer dan zestig jaar geleden bracht de Amerikaanse scheikundige Earl Tupper een reeks polyethyleen kommen op de markt. Die waren flink lichter en steviger dan glas of aardewerk. Om de troeven ervan te verspreiden, begon hij al snel zogenaamde homeparty's te organiseren : demonstraties bij klanten thuis. Een succes. Nu is het merk in meer dan honderd landen present en in bijvoorbeeld Duitsland kent negentig procent van de mensen het merk. "We zijn blij dat Tupperware aanwezig is op onze beurs", zegt Joost Vanhecke, projectmanager van Design at Work ( zie kader) : "Het is innovatief werk voor een breed publiek : zowel in vorm als in de materiaalkeuze en productietechnologie. Ze spelen succesvol in op de behoeften van hun gebruikers of zoeken zelf naar nieuwe toestellen of functies voor de gebruiker. Ze maken eigen prototypes en zoeken naar de juiste materialen (inclusief de levensloopcyclus) en daarbij verliezen ze de intellectuele eigendom niet uit het oog." Door Leen Creve