Sacha Koulbergh is coach van volleybal-titelfavoriet Charleroi én van "Volleybalster van het Jaar" Anja Duyck, met wie hij samenwoont. Een sportieve romance.
...

Sacha Koulbergh is coach van volleybal-titelfavoriet Charleroi én van "Volleybalster van het Jaar" Anja Duyck, met wie hij samenwoont. Een sportieve romance. FRANK BUYSEFOTO : PHILIPPE CROCHET/PHOTO NEWS Sacha Koulbergh : Ik speelde bij Torhout, zij speelde bij Torhout. Zij trainden na ons, wij keken. Je kent dat, mannen onder elkaar. Ik vond die nummer 2 heel mooi, we noemden haar Melle, we hoorden dat ze ginder woonde. Later vertelde ze mij dat ik ooit op een wild volleybalfeest met haar op mijn schouders had rondgehost, maar daar wist ik niks meer van. Ik vond haar wel heel leuk, ook omdat ze altijd lachte. Een sfeermaakster, ik herkende wat van mezelf in haar. Ik zocht een afspraakje, het klikte. Alleen : ik was getrouwd, had een zoontje en een dochter. Ik heb haar dat meteen eerlijk verteld en ze wist het ook, het was geen probleem. Vooral omdat we aanvankelijk niet verder dachten dan een avontuurtje. En ook omdat mijn huwelijk toch in het slop zat. Ik ben niet gescheiden omwille van Anja. Maar uiteindelijk liepen ons avontuurtje en mijn scheiding toch door elkaar. Die beginperiode was heel plezant. Dat we elkaar heimelijk moesten ontmoeten, maakte het nog spannender. Daarom vind ik nog steeds onze mooiste momenten onze eerste reis samen. In Sicilië was dat, ècht samen, terwijl het niet mocht. Ik ben ook 9 jaar ouder, maar dat maakt niks uit : ik blijf jong, zoek nog altijd het amusement van het leven. Anderzijds heb ik dan toch weer meer levenservaring, kan ik haar beschermen indien nodig. Een partner die evenzeer vergroeid is met de volleybalwereld is een voordeel. Door het werk en het volleybal blijft er geen tijd over om elders sociale kontakten te maken, na enige tijd kom je op een eiland terecht. Mijn ex-vrouw voelde zich er helemaal niet in thuis, vaak trok ik alleen naar volleybalfeestjes. Nu nodigt men Anja uit, blijf jij maar thuis, zeggen ze dan (schatert). Zij is nu de vedette. Ze werd intussen ook al twee keer na elkaar verkozen tot Beste speelster van het Jaar, dat is uitzonderlijk voor een Belgische. Dan ben ik wel trots natuurlijk, maar in het volleybal zijn we toch meer trainer/speelster dan geliefden, kunnen we een hele dag naast elkaar optrekken. Bovendien trekt Anja nogal wat mannelijke aandacht, maar ik heb daar geen problemen mee, ben dan zelfs fier. Ook omdat ik altijd in de buurt ben, zeker ? (lacht). Wat er zou gebeuren indien ze een aanlokkelijk aanbod uit het buitenland kreeg ? Ik denk dat ik haar dan gewoon volg, ik kan ook nog ervaring opdoen. Maar ze heeft hier een uitstekende job, ze laat dit niet snel staan, denk ik. Toen ik besliste om te stoppen als speler, heb ik het lang heel moeilijk gehad, we hebben daar veel over gepraat. Ik moest een stuk jeugd opgeven, begrijp je ? Maar trainer worden van de vrouwen van Charleroi was een hele uitdaging. Ik wist niks af van vrouwenvolleybal, ik kende hooguit een paar speelsters, van op café. Ik zei wel meteen : ik zal nooit met Anja werken. Omdat ik niet wist welke invloed dit zou hebben op onze relatie èn omdat ik, gezien de vaak gespannen financiële toestanden in het vrouwenvolleybal, niet wilde dat we allebei van dezelfde klub zouden afhangen. Anja speelde toen bij Herentals, dè topploeg op dat moment. We waren dat eerste jaar tegenstanders, maar dat is nooit een probleem geweest. Het volgende jaar werkte ik dan toch met haar. Charleroi wilde haar per se, zowel het bestuur als de speelsters. En het valt mee. Hoewel het niet altijd evident is : ik kan op het veld keihard zijn, zij is voor mij een speelster als een ander. Vooraf heb ik haar ook duidelijk gezegd : ik wil niks horen over het kleedkamergebeuren. Want ik weet ook wel dat daar wel eens wordt gezeurd over de coach. Het is trouwens ook niet gemakkelijk voor haar : ze kan niet meer zoals vroeger met haar volleybalproblemen bij mij terecht. Dat bleek toen ze al meteen anderhalve maand geblesseerd was. Bij haar terugkeer verwachtte ze duidelijk meer steun, maar ik heb lang gewacht om te zeggen je speelt weer goed. Als vriend wilde ik dat wel, als coach kon ik dat niet. En dat moet gescheiden blijven. Aanvankelijk reden we zelfs apart naar de training. Zij werkt full-time op een architektenbureau terwijl ik overdag niet zoveel werk heb, wat langer kan slapen ook, daar heeft ze het wel eens moeilijk mee. Verder wordt hier echt niet de hele dag over volleybal gepraat. Hoewel we er tijdens onze vrije zomerdagen ook mee bezig zijn, dan trekken we naar zee, spelen beachvolleybal. Haar minst goede karaktertrek ? (na heel lang nadenken) Ze kan soms heel gevoelig zijn, verdrietig, zonder dat daar voor mij een onmiddellijk aanwijsbare reden voor is. Maar dat gebeurt slechts sporadisch, eigenlijk is ze weinig gekompliceerd. Ik vind haar een enorm sterke vrouw : elke dag om acht uur op haar werk, om halfzes gaan trainen naar Charleroi, pas om elf, twaalf uur thuis. En ze zal in de cafetaria nooit de eerste zijn die zegt : ik wil naar huis. Precies de vrouw die ik nodig had (lacht). Bovendien wil ze ook nog huisvrouw spelen : het huis zo netjes mogelijk houden, zo vaak mogelijk eten klaarmaken, terwijl dat voor mij helemaal niet hoeft. Ik zou natuurlijk wel meer aan het huishouden kunnen doen, maar ik moet toegeven dat dit niet mijn sterkste kant is. Ik doe wel boodschappen, maar voor de rest blijft mijn inbreng nogal beperkt. Overigens lijkt Anja mij ook een perfekte moeder, ze gaat schitterend om met de kinderen (7 en 4 jaar). Daarom geloof ik dat we er later ook nog krijgen, hoewel ze aanvankelijk dacht dat het moederschap niks voor haar zou zijn. Alleen moet ik uitkijken dat ik geen oude vader word (grijnst). Trouwen ? Voor mij hoeft het niet meer. Anja weet dat, maar als zij echt heel graag wil... Ik moet zeggen dat ik mezelf een geluksvogel vind : ik kan leven van het volleybal en woon samen met de beste en mooiste volleybalspeelster van het land. Anja Duyck : Ik heb het lang afgehouden, maar schuldgevoelens had ik niet. Ik vond wel dat hij zijn verantwoordelijkheid moest nemen, hij moest mij overtuigen dat hij niet scheidde voor mij, dat ik het hooguit wat versneld had. Overigens was zo'n playboyke helemaal mijn type niet, ik viel vroeger meer voor magere jongens dan voor zo'n stoere bink (lacht). Eigenlijk had iedereen kommentaar, maar ik trok mij daar niks van aan. Ik denk ook dat het allemaal werd opgeblazen, niet in het minst door hemzelf. Maar bij mij deed hij nooit zo patserig, ik vond hem heel lief. Ook wel streng, maar zo iemand had ik nodig, denk ik (lacht). Ik ben speciaal voor hem naar Brussel komen wonen, ik liet iedereen achter. Ik ben nogal een gemakkelijk mens, denk ik. En ook nogal een fuifnummer (grijnst). Vroeger meer dan nu, pas toen ik bij Herentals speelde, geraakte ik bijna even geobsedeerd door volleybal als Sacha. Hoewel hij er full-time mee bezig is, ik heb gelukkig nog mijn werk. Niet dat we er dag en nacht over praten, maar volleybal maakt toch minstens tachtig procent van ons leven uit. Ook in de zomer, we zijn allebei gek op beachvolleybal. Ik besef wel dat we het nu nog heel gemakkelijk hebben. Later, met kinderen, zullen we minder vrij kunnen leven. Natuurlijk wil ik kinderen. Zo rond mijn dertigste, liefst een manneke. Maar geen volleyballertje, liever een mooi voetballertje, zoals Georges Grün (lacht). Maar nu ben ik er nog niet klaar voor, leven we nog te snel. Toch komt er stilaan verandering, we kijken zelfs al uit om een huis te kopen of te bouwen. Hoewel we geenszins overeenkomen, hij wil een fermette... (grinnikend) met geraniums op het balkon, stel je voor... Ik had ook gezegd dat ik nooit met hem zou willen werken. Ik heb er dan ook een jaar over nagedacht. Ik geef toe dat ik zonder de Sach nooit voor Charleroi had getekend, maar ik was ook wel toe aan een nieuwe uitdaging. Toch vreesde ik dat onze relatie er kon onder lijden, daarom werd meteen de afspraak gemaakt : als we door het volleybal te veel ruzie maakten, zou hij veranderen van klub. Wat niet wil zeggen dat hij mij spaart, ik krijg nu veel meer kritiek dan vroeger. Aanvankelijk had ik het wel moeilijk met zijn tirades, nu moet ik binnenin altijd even lachen : je zou dat thuis eens moeten proberen, jongen (schatert). Ik moet zeggen dat we die dingen heel goed kunnen scheiden, ik zal ook nooit kritische opmerkingen van andere speelsters doorvertellen. Maar een klankbord voor mijn eigen volleybalproblemen is hij niet meer. Uitzonderlijk wijst hij op een goede wedstrijd van mij. Toen ik uit blessure kwam, stelde hij mij wel opvallend snel terug op, ik dacht meteen wat zal men nu zeggen ? Hij wilde per se dat ik sfeer in de ploeg bracht, zo was hij zelf ook altijd. Dat probeer ik wel, maar zo agressief als hij zal ik toch nooit zijn. We hebben trouwens over volleybal nogal verschillende ideeën, ik zal later nooit zijn assistent-trainer worden, vrees ik. Ik vind trouwens dat ik op dat vlak tegenover hem nog niet veel voorstel. Hij is een monument in het volleybal. Heeft hij jou verteld van onze eerste reis ? Dat wàs serieus spannend. We moesten apart vliegen, toen ik in Palermo landde, wist ik niet eens of hij er wel zou staan. Een schitterend avontuur. Door hem ben ik wel anders gaan reizen. Ik zou even graag liften, met een tentje, maar hij wil wat meer luxe. Er zijn nog wel verschillen. Ik zou tien dingen tegelijk doen, hij niet. Hij neemt voor alles zijn tijd maar werkt heel grondig, ik heb daar veel respekt voor. En hij doet alleen wat hij graag doet. In het huishouden is dat alleen het machine-gebeuren : hij leegt de vaatwasmachine, vult wasmachine en droogtrommel, zet koffie... Maar verder doet hij, behalve boodschappen, niks. Ik vind het ook niet belangrijk wie wat doet. Hij heeft trouwens overal een oplossing voor : de strijk kan zijn moeder doen, voor schoonmaken bestaan er schoonmaaksters... Dat is zijn grootste charme : hij lacht altijd. Daarom is hij ook overal graag gezien. Voor het volleybal zet hij zich 120 procent in, alleen speelt hij het al zijn hele leven klaar alleen die dingen te doen die hij graag doet. Dat hij wat langer in bed ligt, ergert mij niet meer : ik ga graag werken. Een hele dag samen thuis zouden we nooit uithouden : ik wil altijd bezig zijn, hij voelt zich geenszins schuldig wanneer hij urenlang voor de televisie ligt. In die zin vullen we elkaar goed aan. Ik ben blij als ik hem terugzie, altijd. (lacht) Hij maakt zich nooit zorgen. Behalve toen hij in zijn laatste jaar bij Zellik nog nauwelijks mocht spelen, toen had hij het moeilijk, werd hij heel stil. Toen leerde ik dat ik hem dan beter gerust laat. Hij is thuis helemaal anders dan in het volleybal. Op het veld is hij heel impulsief, thuis is hij heel rustig. Hij kan ook veel beter beslissingen nemen, in het volleybal kan niemand hem ompraten. Alleen is hij veel te goedgelovig, soms bijna kinderlijk onschuldig, wil voor iedereen het beste. Ik kan mij niet meer voorstellen dat het volleybal onze relatie kan beschadigen. Een slippertje ook niet. Ik zou het heel erg vinden en ik geloof niet dat het kan gebeuren, maar uitzonderlijk moet dat toch te vergeven zijn, vind je niet ? Ik ben maar één keer jaloers geweest, heel stom was dat, er was geen enkele aanleiding toe. Ik heb hem toch meteen ondervraagd (lacht). We maken ook niet snel ruzie, ik ben niet zo'n roeper. Dan ga ik eerder wenen, daar kan hij helemaal niet tegen. Niet dat ik daar misbruik van kan maken, hij blijft dan gewoon weg. Neen, het enige waar we het ooit moeilijk mee zouden hebben, zijn financiële problemen. De dag dat we niet meer zouden kunnen léven, worden we zot, denk ik. Bon vivants, ja. We worden nooit rijk, maar geld is nooit belangrijk geweest voor mij. Ook niet voor hem, anders had hij niet voor mij gekozen (grinnikt). We zullen wel altijd zo'n onbezorgde types blijven. Zelfs op zijn zestigste zal Sacha nog steeds met een jongenshart rondlopen, dat weet ik. Hij wordt wel wat dikker, maar ik vind hem toch nog steeds leuk om zien. Als hij tenminste zijn hemdje niet te ver open zet (grinnikt). Geluksvogels ? Ik bedenk toch geregeld dat ik geluk heb gehad. Niet alleen in mijn werk of volleybal, of omdat ik samenwoon met een toffe gast en een zogenaamd volleybalbeest. Vooral omdat ik samenwoon met iemand die ik heel graag zie.