PIERRE DARGE
...

PIERRE DARGEVandaag rijden we met twee nieuwe Jaguars. De eerste is het elegante, met een V6 van 2 liter gemotoriseerde X-type, de andere is het S-type R, de krachtigste Jaguar die ooit in Coventry op wielen werd gezet. Jaguar heeft een reputatie van luxe en sportiviteit te verdedigen, gekoppeld aan een gevoel voor exclusiviteit. Sinds de aankoop van het Britse merk door de Ford Motor Company wil de nieuwe eigenaar daar iets aan toevoegen: een grotere oplage. Dat streven leidde de voorbije jaren tot de lancering van de S (bedoeld als concurrent voor de Mercedes E en de BMW 5-serie) en de X (de concurrent van de Mercedes C en de BMW 3-serie). Om de kosten binnen de perken te houden, werd de eerste modellenreeks van de Lincoln LS afgeleid, de tweede van de Mondeo. Het X-type kreeg in eerste instantie wel vierwielaandrijving mee, maar er staat ook een instapmodel met voorwielaandrijving. De 2.0/V6 is de eerste voorwielaandrijver van het merk ooit, en de puristen zuchten en kreunen, maar moeten beseffen dat die wagen niet voor hen is bedoeld. Met zijn scherpe prijs wil het basismodel een nieuwe cliëntèle veroveren - al zal het ontbreken van een dieselmotor voorlopig een breed succes in de weg staan. Niettemin blijkt die 2.0/V6 een aardige Jaguar om mee kennis te maken. Hij mag dan de sportiviteit missen, dat euvel wordt ruimschoots goedgemaakt door zijn elegantie en exclusiviteit. De zelfverzekerde klant, die geen behoefte heeft aan grootse wegprestaties, komt er aardig mee voor de dag en dat voor een prijs van 29.850 euro, wat een hap onder die van een BMW 320 of een Mercedes C ligt - wagens die door hun grote oplage een deel van die exclusiviteit van Jaguar moeten missen. Aan de andere kant van het firmament staat het robuuste, maar toch elegant ogende S-type, dat nu een potente V8 aluminiummotor met een slagvolume van 4.2 liter mét compressor meekreeg en daarmee zo'n 398 pk op de achterwielen kan overzetten. Genoeg om de degens te kruisen met de legendarische BMW M5. Tegelijkertijd kreeg het interieur een opwaardering en kregen diverse mechanische componenten een beurt, zodat de interne wrijvingen verminderden. Daardoor komt een trekkracht vrij die meer dan indrukwekkend is: met een maximaal koppel van 553 Nm (waarvan 80 procent beschikbaar vanaf 1300 toeren per minuut) redt de krachtigste Jaguar zich uit elke netelige situatie. Van een verkeerd ingeschat inhaalmanoeuvre tot het ontwijken van een plotseling overstekende voetganger. Om de overmoedig geworden rijder in moeilijke momenten bij te staan, werd elke uitvoering voorzien van traction control, dynamic stability control, evenals ABS met elektronisch gecontroleerde spreiding van de remdruk. Gekoppeld aan een zestrapsautomaat van de Duitse fabrikant ZF, waarmee eerder alleen de BMW 7-serie werd uitgerust, zorgt de R bovendien voor een optimaal gebruiksgemak. Omdat hij schokvrij schakelt en zich aanpast aan de rijstijl van het moment. De met een druktoets bediende elektronische parkeerrem is niet alleen plaatsbesparend, maar draagt ook bij tot het rijcomfort. Toch zit een groot deel van de verfijning onderhuids - en wordt slechts zelden gebruikt. Het vernieuwde S-type krijgt een adaptive restraint technology system mee met sensoren die op basis van de aanwezigheid en de zitpositie van de inzittenden voorin twee airbags, side-airbags, hoofdairbags en gordelspanners aansturen. Voeg daar de geruisloze werking van de motor bij en men begrijpt dat Jaguar zich overtroffen heeft met zijn R, die 71.500 euro zal kosten. Veel rijders zweren bij de Duitse mechaniek, omdat ze ervan uitgaan dat het met de betrouwbaarheid van Jaguar niet helemaal goed zit. De cijfers spreken hen tegen, en nu komt daar nog een argument bij: nieuwe Jaguars krijgen drie jaar garantie mee, zonder kilometerbeperking.