La Colle Noire zou zijn "echte thuis" worden, schreef hij in zijn memoires. Hier wilde hij de ommuurde tuin uit zijn jeugdjaren herscheppen. "Een huis waarin ik me kan terugtrekken, als God me een lang leven gunt", zo hoopte hij. Helaas, die wens ging niet in vervulling, Dior overleed op zijn tweeënvijftigste. La Colle Noire, zijn persoonlijke eigendom, werd jaren na zijn overlijden aangekocht door Parfums Christian Dior (in 2013) en na een nauwgezette renovatie in zijn oorspronkelijke luister hersteld. Door de aankoop van deze unieke plek herwaardeerde het Parijse modehuis de uitstraling en de epicurische kracht van de couturier-parfumier die verliefd was op dit stukje Provence.
...

La Colle Noire zou zijn "echte thuis" worden, schreef hij in zijn memoires. Hier wilde hij de ommuurde tuin uit zijn jeugdjaren herscheppen. "Een huis waarin ik me kan terugtrekken, als God me een lang leven gunt", zo hoopte hij. Helaas, die wens ging niet in vervulling, Dior overleed op zijn tweeënvijftigste. La Colle Noire, zijn persoonlijke eigendom, werd jaren na zijn overlijden aangekocht door Parfums Christian Dior (in 2013) en na een nauwgezette renovatie in zijn oorspronkelijke luister hersteld. Door de aankoop van deze unieke plek herwaardeerde het Parijse modehuis de uitstraling en de epicurische kracht van de couturier-parfumier die verliefd was op dit stukje Provence. Wanneer de uitvinder van de New Look beslist om het indrukwekkende huis te kopen, loopt hij eens te meer vooruit op zijn tijd. Terwijl het op dat moment veeleer bon ton is om een moderne villa aan de Franse Rivièra te laten bouwen, kiest hij resoluut voor een bouwvallig landhuis, op een landbouwdomein van vijftig hectare. Zijn gehechtheid aan het zuiden gaat echter ver terug. Toen de familie met financiële tegenslagen kampte, zag zijn vader, Maurice Dior, zich gedwongen om Rhumbs, de legendarische villa in het Normandische Granville, te verkopen. Iedereen vestigde zich vervolgens in Callian, in het achterland van het departement Var. Christian ging in Parijs als mode-illustrator samenwerken met zijn vriend René Gruau. Maar telkens als hij de kans zag, zakte hij af naar de Midi, naar zijn zus Catherine met wie hij een sterke band had. Daar ook ging hij schuilen tijdens de bezetting en de Tweede Wereldoorlog. Na de oorlog laat het succes niet lang op zich wachten. In 1951 doet hij het financieel zo goed dat hij aan een droomhuis begint te denken. Zijn zus Catherine informeert hem dat La Colle Noire te koop staat. Dit landhuis uit 1858 heeft twee torens waardoor de inwoners van het dorp Montauroux al gauw over een kasteel spreken. Het is indrukwekkend, maar wel vervallen. Toch blijkt dit het huis te zijn waar hij al zo lang van droomt. André Levasseur, voormalig medewerker van de ontwerper: "Hij bezocht wel 36 huizen in het hele land, maar dit was wat hij wilde. Het was een soort herberg geweest, een mooie mas die al betere tijden had gekend. In zijn ogen was dit een sprookjeskasteel. Hij maakte er een schitterend huis van, zíjn huis. Zelfs al lag het domein op vijftig kilometer van de zee en midden in de velden. Het was wat hij wilde." Dat bijna alles moest worden hersteld, schrikte hem niet af, integendeel. "Hier kon hij eindelijk alle facetten van zijn talent tot uitdrukking brengen", zegt Frederick Bourdelier, directeur erfgoed bij Christian Dior Parfums. Christian Dior neemt, als voormalig student architectuur, het oude buitenhuis onder handen en zorgt voor een grandioze metamorfose. Daarbij schakelt hij André Svetchine in, een meester in de vernieuwde Zuid-Franse architectuur, terwijl hij zelf de werkzaamheden superviseert, tot aan zijn vroegtijdige dood. Anderhalf jaar voor Diors dood, wanneer er nog twee ontvangstruimtes moeten worden afgewerkt, nodigt hij zijn vrienden uit. De vijftien pagina's van het gastenboek van La Colle Noire zijn gevuld met meer dan 300 handtekeningen, onder meer van de vele kunstenaars uit de streek. In het tuinprieel vinden er vaak uitgebreide lunches plaats, in het gezelschap van Marie-Laure de Noailles en Marguerite Maeght. De chef-kok zorgt voor heerlijke gerechten en heeft zijn armen maar uit te strekken om te oogsten wat de boomgaard en de moestuin hem bieden. "Hij wilde echt de vruchten plukken van het land rondom het huis", zegt Frédéric Bourdelier. "Zo kwam zijn voorliefde voor oude bomen duidelijk tot uiting, naast die voor geurige bloemen, zoals de rozen en jasmijnstruiken die hij liet aanplanten op het domein. Ook op dat vlak was hij visionair : wonen in een prachtige omgeving en je eigen producten consumeren, is dat vandaag niet het idee van echte luxe ?" Misschien is het ook een manier om de angsten tot bedaren te brengen van een generatie die heeft geleden onder de rantsoenering in de oorlog. "Als ik dicht bij de aarde ben, voel ik me veilig", lezen we in de memoires van de man die maar al te graag een gentleman-farmer wilde zijn. Een kluizenaar is hij alleszins niet, want hij maakt tal van uitstapjes in de omgeving, tot aan de Middellandse Zee. Zijn verblijven in La Colle Noire gaan vaak gepaard met escapades in zijn Austin Princess, van Porquerolles tot Saint-Tropez. Hij maakt ook kennis met de Provençaalse keuken van zijn vriend en chef-kok Raymond Thullier, en is dol op de bouillabaisse van de Auberge de la Mère Perrat in Mandelieu-la-Napoule. In de winter zag je hem vaak op de truffelmarkt in Aups. En nooit miste hij het jaarlijkse dorpsfeest van Saint-Barthélemy. Elk jaar nog is er een speciale dienst ter gelegenheid van zijn sterfdag, 24 oktober 1957. " Een jaar na zijn dood werd het domein verkocht. Uiteindelijk kwam het pas drie jaar geleden weer in handen van het Huis Dior, via het dochterbedrijf Parfums. In 2012 kon het erfgoedteam tijdens een veiling georganiseerd door de erfgenamen van Catherine Dior de hand leggen op vrijwel alle objecten die toebehoorden aan de couturier. De hersamenstelling - een titanenwerk - kon beginnen. "Gelukkig voor ons," aldus Frédéric Bourdelier, "was André Svetchine niet alleen een goede architect maar ook een gepassioneerde fotograaf. In het archief dat zijn zoon Luk ons naliet, vonden we alle technische tekeningen, maar ook alle correspondentie met zijn opdrachtgever over La Colle Noire en tientallen zwart-witfoto's. " Dankzij krantenknipsels uit de periode toen het huis door Catherine Dior werd verkocht, kon de hersamenstelling van het meubilair worden aangevat. "Gelukkig bleven de structuur van het gebouw, het lijstwerk, de alkoven en de uitkragingen allemaal intact", vervolgt Frédéric Bourdelier. Als er bepaalde meubels of originele schilderijen ontbreken, gaat het interne architectenbureau van de groep LVMH, waartoe het Parijse label behoort, op zoek naar voorwerpen in de geest van de devan die tijd. Terwijl de slaapkamer van Christian Dior en de badkamer met de extravagante zwaanvormige kranen worden hersteld in hun oorspronkelijke staat, worden de slaapkamers op de etage omgevormd tot zeven suites, waarvan er verschillende een eerbetoon zijn aan de kunstenaars - Picasso, Bérard, Dalí - die ooit in een van de chambres à donner, zoals de heer des huizes ze noemde, verbleven. In juni werd het huis ingewijd, maar voorlopig kan het alleen worden bezocht op uitnodiging. "Ons doel is zeker niet er een museum van te maken", benadrukt Frédéric Bourdelier. "Als je erin rondwandelt, is het een beetje alsof je onderricht krijgt van Dior, zonder woorden. Het is een onderdompeling in de artistieke en esthetische visie van een van de grootste ontwerpers van de twintigste eeuw." En toch is de klok hier niet blijven stilstaan in het jaar 1957, want de keuken wordt opnieuw gebruikt en het honderdtal olijfbomen zal binnenkort weer olie leveren. Op de overige vijf hectare werden dit najaar nieuwe wijnstokken aangeplant, met een Premier Grand Cru Bordeaux die ook in handen is van LVMH, in de hoop roséwijn te kunnen produceren. Langs de rand van de fraaie waterpartij komen zo'n duizend rozen van Grasse, als aanvulling op de bloemenoogst van de exclusieve partners van François Demachy, die parfums creëert voor Dior sinds 2006. "Dit is geen siertuin", benadrukt landschapsarchitect Philippe Deliau. "Hier wordt op de creatieve wijze die mijnheer Dior eigen was, een compositie gemaakt van bloemen, wijnstokken en olijfbomen. Alles is voortdurend in beweging." Te midden van deze groeiende en bloeiende natuur kon de modemaker de drukte van Avenue Montaigne achter zich laten en ook "Christian Dior achter zich laten, om gewoon Christian te worden."Tekst Isabelle Willot & Foto's Christian Dior Parfums"In zijn landhuis kon Christian Dior eindelijk alle facetten van zijn talent tot uitdrukking brengen"