Noem het een kwestie van voorbestemming. Of zou het puur toeval zijn dat in de CollégialeSt Barnard in Romans een rood geborduurd muiltje van paus Pius VI (1717-1799) bewaard wordt ? Wat er ook van zij, in de jaren zestig van de vorige eeuw waren er in het levendige stadje in de Drôme niet minder dan tweehonderd schoenenmerken gevestigd die zowat de hele bevolking (33.000 zielen) aan het werk zetten. Sindsdien is er veel water onder de Vieux pont gevloeid, maar drie grote prestigemerken hebben er nog hun hoofdkwartier : Stéphane Kélian, bekend om zijn handgevlochten luxeschoenen, Robert Clergerie en Charles Jourdan, waar voorlopig nog de Canadees Patrick Cox de plak zwaait. De bijbehorende fabriekswinkels, niet in een of andere kale industriezone, maar pal in het centrum, maken van Romans een populaire halte op de route naar het zuiden.
...

Noem het een kwestie van voorbestemming. Of zou het puur toeval zijn dat in de CollégialeSt Barnard in Romans een rood geborduurd muiltje van paus Pius VI (1717-1799) bewaard wordt ? Wat er ook van zij, in de jaren zestig van de vorige eeuw waren er in het levendige stadje in de Drôme niet minder dan tweehonderd schoenenmerken gevestigd die zowat de hele bevolking (33.000 zielen) aan het werk zetten. Sindsdien is er veel water onder de Vieux pont gevloeid, maar drie grote prestigemerken hebben er nog hun hoofdkwartier : Stéphane Kélian, bekend om zijn handgevlochten luxeschoenen, Robert Clergerie en Charles Jourdan, waar voorlopig nog de Canadees Patrick Cox de plak zwaait. De bijbehorende fabriekswinkels, niet in een of andere kale industriezone, maar pal in het centrum, maken van Romans een populaire halte op de route naar het zuiden. Nu is de stad op zich een bezoek al meer dan waard. Het noorden van de Drôme, het departement tussen de Rhône en de Vercors, wordt niet voor niets la Drôme des collines genoemd. Lieflijk glooiende heuvels omringen het oord, begroeid met perzikbomen en wijnstokken. In de verte de besneeuwde toppen van de voorlopers van de Alpen ; daar komt al het water vandaan dat in Romans wellustig opborrelt uit stortbeekjes, afvoerkanaaltjes en fonteinen. Wat meteen verklaart waarom hier ook in de Middeleeuwen al métissiers ettanneurs, zeemleerbewerkers en looiers, goed hun boterham verdienden. Het is midden maart en onkarakteristiek warm als we Romans aandoen, die eerste mooie dagen dat je de lente uit de lucht kunt snuiven, likken, proeven. Op de place de l'Horloge staan aan de voet van la tour Jacquemart voor het eerst dit jaar de terrassen buiten. Bij La Charrette verschijnen ravioles,caillettes en karaffen frisse rosé op tafel ; de kelner, komiek na zijn uren, noemt elke vrouw tussen 14 en 84 ma choucroute. Er wordt geflirt en gebloosd, met de jonge sla worden ook de hormonen opgeschud. Ook wie echt de gastronomische toer op wil, komt hier aan zijn trekken. In Les cèdres meer bepaald, een elegant restaurant net buiten de stad, bekroond door Michelin en Gault Millau. En het is waar, van de filet de bar cuit à l'étuvée, recouvert d'un caviar d'oeufs de hareng, fondue de jeunes poireaux à l'huile d' olive raken zelfs de meest veeleisende fijnproevers in vervoering, om nog te zwijgen over het palet van geraffineerde desserts. Is het het zachte weer of wonen er abnormaal veel gepassioneerde mensen in Romans ? Neem nu Jacques Mazade die ons rondleidt in de Collégiale St Barnard, de kerk die in de negende eeuw aan de oorsprong van de stad lag. Niet te stuiten in zijn enthousiasme manipuleert hij vernuftige mechanismen die in de sacristie de lambrisering openen waarachter dertiende-eeuwse muurschilderingen schuilgaan. Over het Mystère de la Passion, een kostbare collectie zestiende-eeuwse geborduurde wandkleden raakt hij helemaal niet uitgepraat. Die arme nonnetjes die jarenlang kromgebogen steek per ultrafijne steek aan dit meesterwerk gezwoegd hebben, om stekeblind van te worden. En dan is er dat rode muiltje van Pius VI, de onfortuinlijke kerkvader die door Bonaparte gevangen genomen en over de Alpen gesleurd werd waarna hij in 1799 in het naburige Valence van uitputting stierf. Als een relikwie wordt het in een glazen schrijn bewaard. Maar één muiltje maakt natuurlijk de lente niet. Doortrapte schoenfetisjisten komen pas echt aan hun trekken in Le musée international de la Chaussure, waar in de voormalige cellen en kapellen van het prachtig gerestaureerde Couvent de la Visitation in een beurtrol acht- van de beschikbare tienduizend stuks worden tentoongesteld. Van de gemummificeerde voeten van het Oude Egypte over Romeinse sandalen, middeleeuwse pantoffels met lange punten, torenhoge Venetiaanse plateauschoenen en robuuste musketierslaarzen tot minuscule slofjes voor de misvormde ingebonden voetstompjes van Chinese vrouwen, hier is vierduizend jaar geschoeide geschiedenis van vijf continenten vertegenwoordigd. De petite histoire is nooit ver weg. Nu ja, petite, met schoenmaat 48 deed Karel de Grote zijn naam alle eer aan. Duidelijk een kwestie van erfelijkheid, zijn moeder heette immers Bertha met de GroteVoeten. Niet geheel terecht, overigens, want één voet was aanzienlijk groter dan de andere. Karel VIII (15de eeuw) had dan weer twaalf tenen, keurig verdeeld over twee voeten. De notie linker- en rechterschoen is overigens een concept dat niet in alle tijden en culturen bekend was : eeuwen aan een stuk propten grote delen van de mensheid hun voeten zo goed en zo kwaad het ging in slecht passende omhulsels. Een van de meer lugubere collectiestukken is een aboriginal sandaal uit mensenhaar, doordrenkt met menselijk bloed. Geregeld komen hedendaagse ontwerpers in het Musée de la Chaussure inspiratie opdoen. Niet alleen in de historische, maar ook in de 'hedendaagse' afdeling waar uitgebreide collecties van onder anderen Paco Rabanne, Roger Vivier, Andrea Pfister, Laure Bassal en Patrick Cox te bewonderen vallen. Een aardigheidje zijn de ontwerpen van Carlo Pompeï voor films als Asterix en Titanic. Blijkt dat zowel Kate Winslet als Leonardo di Caprio over ferme overzetboten beschikken ; mocht dus allemaal niet baten, toch niet in de film. Zei ik al dat Romans een hoog percentage gedreven mensen telt ? Een van hen is ongetwijfeld Jean-Michel Couvreur, directeur industriel van de Tanneries Roux, de befaamde leerlooierij die in 1803 gesticht werd en de meest gerenommeerde namen uit de wereld van de maroquinerie ( Delvaux,Vuitton, Longchamp, Hermès, groep Richemont), de schoenen ( Clergerie,Todd's, Church) en de horlogerie ( Rolex, Breitling) tot zijn klanten kan rekenen. Leer bewerken is gekkenwerk zal hij tijdens ons bezoek aan de werkplaatsen telkens opnieuw herhalen. Un métier de fou, je houdt het alleen vol als je echt een zwak hebt voor het materiaal. In het Oosten behoren de leerlooiers traditioneel tot de allerlaagste kasten. Niet iets waar je meteen aan denkt als je een perfect afgewerkte Delvaux koestert. Maar het begin van zo'n tas is dus wel degelijk een koeien- of beter kalver- of stierenvel compleet met bloed, vet en stront. Een beest dat niet eens voor z'n vel gekweekt wordt en bijgevolg geen enkele garantie voor kwaliteit biedt. Nog zo'n paradox : koeienvel wordt per kilo ingekocht en leer per vierkante meter verkocht. Als je bedenkt dat zo'n huid in 25 dagen zo'n tachtig bewerkingen ondergaat voor het de looierij als luxeleer verlaat, begin je te begrijpen waarom een mooi paar schoenen, qua grondstof alleen al, kost wat het kost. De meeste van de 103 werknemers van Roux zijn laaggeschoold ; wat hen tot vaklui maakt, is dat ze 'het' in de vingers hebben. De meest intrigerende afdeling is voor mij de 'martelkamer', waar leerstalen naar de behoeften van de klant aan allerlei tests onderworpen worden. Water, zweet, licht, wrijving, ze moeten er allemaal tegen kunnen. Maar ook weer niet te veel, want leer dat alle elementen weerstaat, is geen leer maar plastic. Monsieur Couvreur streelt liefkozend een vel soepel zwart leer met slangenmotief ; duidelijk un fou du métier. Er zijn ook mensen die zich op latere leeftijd tot het leer bekeren. Neem nu Armel Besançon, een voormalige informaticus die op een dag vaststelde dat hij de IT-wereld meer dan zat was en zich omschoolde tot ambachtelijk schoenmaker, gespecialiseerd in maatwerk. Een trend zo blijkt, want als we hem opzoeken in zijn atelier in een oud vakwerkhuisje heeft hij net bezoek van Lea Clement, voormalig journaliste bij Elle en Madame Figaro die uit het vak stapte en na haar opleiding een eigen schoenenworkshop in Montpellier opstartte. Moet geweldig zen zijn, schoenen maken, de twee zien er in elk geval intens gelukkig uit. Wie zijn schoenen op maat laat maken ? Mensen die kicken op het gepersonaliseerde van een paar volledig naar hun wensen gemaakte schoenen. Of mensen met rare voeten. Armel toont de moules van een paar vaste klanten : mijn God, wat er allemaal mis kan lopen met voeten. Un pied gras schoeit overigens een stuk gemakkelijker dan un pied sec, verklaart de sympathieke schoenmaker. Comment ? Wel, dat een goed in het vlees zittende voet qua flexibiliteit een stuk minder problemen geeft dan een knokige. Wat zo'n op maat gemaakt paar schoenen dan wel mag kosten ? Ach, moeten we het echt over geld hebben ? Na lang aandringen geeft hij toe : zo'n 700 euro per paar. En twee maanden productietijd. Maar daarna loop je gegarandeerd op wolkjes. Dat doe ik ook, maar dan na een bezoek aan de fabriekswinkel van Charles Jourdan. Nergens zoveel schoenwinkels bij elkaar gezien als in Romans overigens. Daarnaast is er voor de shopaholics ook nog Marques Avenue, het grootste outlet-complex van Zuid-Frankrijk in een trendy gerenoveerde kazerne op wandelafstand van het stadscentrum. De collecties van de twee vorige seizoenen van Bensimon,Apostrophe, Ventilo, Dim,Blanc Blue en Princess Tam Tam voor 30 à 60 procent van de winkelprijs, een mens zou van minder hartritmestoornissen krijgen. Bij Jourdan word ik warm onthaald door Simonne Barry, een Française zoals ze ze tegenwoordig te weinig maken. Een figuurtje als een topmannequin, onberispelijke make-up, opvallende juwelen op een zwart jurkje, vuurrode nagels. Madame Barry werkt al 36 jaar bij Jourdan, ze spreekt over monsieur Charles jr als over een heilige. Toen ze nog in de ateliers werkte, stonden haar voeten model voor die van Farah Diba, die krek dezelfde maat had. Ook in de fabriekswinkel komen illustere klanten, fluistert ze, vaak leden van de Parijse beau monde op weg naar hun tweede verblijf aan de Côte d' Azur. Ja kijk, als zelfs het schoon volk niet vies is van een koopje. Een halfuur later neem ik ontroerd afscheid van Madame Barry, die eerstdaags met pensioen gaat. Soms is het geluk een paar zwarte enkellaarsjes, bij voorkeur voor een derde van de prijs. n Tekst Linda Asselbergs I Foto's Michel VaerewijckLeer bewerken is gekkenwerk, je houdt het alleen vol als je echt een zwak hebt voor het materiaal. Is het het zachte weer of wonen er abnormaal veel gepassioneerde mensen in Romans ? Water, zweet, licht, wrijving : in de 'martelkamer' moeten de leerstalen er allemaal tegen kunnen. Wie schoenen op maat wil, spreekt niet over geld, maar moet wel twee maanden geduld oefenen. Daarna loopt hij/zij gegarandeerd op wolkjes.