Mijn moeder stierf aan kanker toen ik drie was. Mijn vader was actief bij de vakbond en in de plaatselijke politiek, waardoor hij vaak uithuizig was. Mijn groot- ouders vingen mij op. Zij hadden een volkscafé op twintig meter van het ouderlijk huis. Een kind dat zijn moeder verloren heeft, dat wekt natuurlijk veel medelijden op. Mijn opa, tevens mijn peter, was een robuust en imposant figuur. Een ex-bokser. Hij nam mij in bescherming. Ik werd stevig in de watten gelegd, waardoor ik er allerminst een trauma aan heb overgehouden.
...