Tweehonderd meter van de afrit Stekene beland je bij Geert Verbeke. Tot voor vier jaar leidde hij hier een transportbedrijf met tachtig man. Maar hij kampte met gezondheidsproblemen en stopte de onderneming om zich toe te leggen op zijn grote liefde : kunst. Een niet voor de hand liggende switch voor een transporteur : "Zestien jaar geleden kwam ik in contact met beeldhouwer Herman Van Nazareth. Ik had een mooi beeld van hem gezien op een rotonde. Ik belde hem, bezocht zijn atelier en er ontstond een band. Jarenlang heb ik zijn beelden naar tentoonstellingen gevoerd. Via deze weg leerd...

Tweehonderd meter van de afrit Stekene beland je bij Geert Verbeke. Tot voor vier jaar leidde hij hier een transportbedrijf met tachtig man. Maar hij kampte met gezondheidsproblemen en stopte de onderneming om zich toe te leggen op zijn grote liefde : kunst. Een niet voor de hand liggende switch voor een transporteur : "Zestien jaar geleden kwam ik in contact met beeldhouwer Herman Van Nazareth. Ik had een mooi beeld van hem gezien op een rotonde. Ik belde hem, bezocht zijn atelier en er ontstond een band. Jarenlang heb ik zijn beelden naar tentoonstellingen gevoerd. Via deze weg leerde ik steeds meer kunstenaars kennen." Intussen begon Geert kunst te verzamelen. "Eerst abstracte kunst en daarna collages. Ik heb wellicht de grootste verzameling collages van ons land, uit de periode van 1915 tot nu, met werk van onder anderen Paul Joostens, Marcel Mariën, Jean-Jacques Gaillard, Luc Tuymans en Jan Fabre." Dat kleine museum is op zich een reden om de Verbeke Foundation te bezoeken. Geert maakte van zijn transportbedrijf, ruim twaalf hectare groot, waarvan vier hectare tentoonstellingshal, een kunststichting. "Ik inspireer me op de prachtige stichting 'Insel Hombroich', net over de Duitse grens, waar kunst en natuur samengaan, net als hier. Mijn project is lang niet zo rijk gestoffeerd, maar ik wil wel in die richting evolueren." In zijn vaste collectie treffen we werk aan van Louis De Cordier, Chantal Grard, Geoffrey De Beer, Martin uit den Bogaard en Koen Vanmechelen. De schemerzone tussen kunst en design is de tweede grote tentoonstelling van Verbeke. Hij vindt de spanning tussen beide disciplines boeiend. "Nogal wat ontwerpers maken nog amper een onderscheid : veel design wordt kunst. Neem bijvoorbeeld de uitgezaagde kasten van Hannes Van Severen of de strakke meubelstructuren van Hans De Pelsmacker. Ik kreeg zelf belangstelling voor design via het verwerven van een verzameling beelden en meubelontwerpen van de vooroorlogse kunstenaar Maurice Carlier." De onbekende Carlier ontwierp in de eerste helft van de vorige eeuw constructivistische meubelen, waarvan er weinig werd uitgevoerd. Nu brengt Geert Verbeke een schitterend metalen bankje (net de Grand Arche de la Défense in Parijs) van Carlier op de markt, waarvan hij de productie samen met ontwerper Frans Van Praet heeft ontwikkeld. Van Praet zette de techniek op punt om het uit metaalplaat te snijden. Hij exposeert er trouwens ook zijn eigen ontwerpen en installaties. Op deze ietwat surreële plek, in een industrieel complex midden in de natuur, werkt de combinatie van design met beeldende kunst en installaties inspirerend. Verbeke wil geen museum bouwen, maar een dynamisch platform bieden aan jonge kunstenaars én gevestigde waarden. De tentoonstelling 'Schemerzone tussen kunst en design' in de Verbeke Foundation, Westakker, 9190 Kemzeke-Stekene, loopt tot 4 mei 2008. Voor meer info : www.verbekefoundation.comDoor Piet Swimberghe I Foto's Michel Vaerewijck