DRONKEN VAN VERLIEFDHEID"Drunk in love", zingt Beyoncé in haar gelijknamige hit, maar kun je dronken zijn verliefdheid ? Als je de term niet te letterlijk gebruikt, klopt de vergelijking, zegt Mark Nelissen. De emeritus professor in de gedragsbiologie aan de Universiteit Antwerpen, besprak de gelijkenissen tussen alcoholdronkenschap en verliefdheid enkele jaren geleden in de bestseller Darwin in de supermarkt. "Mensen horen het niet altijd graag, maar verliefdheid is in grote mate een geheel van chemische reacties in de hersenen. En net als de consumptie van alcohol kan verliefdheid ons onder invloed brengen, in een roes waarin ons waarnemings- en denkvermogen veranderen en we ons anders gedragen dan gewoonlijk." Hormonencocktail

Bij dronkenschap zijn we onder de invloed van ethanol, bij verliefdheid van een door de hersenen bereide cocktail van hormonen en neurotransmitters. Nelissen wijst onder meer op de rol van fenylethylamine of PEA, een vaak met amfetamine vergeleken stof die verliefde zielen opjaagt en tonnen energie geeft. Dopamine en endorfines zorgen ondertussen voor een goed en blij, soms naar euforie neigend gevoel. Daarnaast is er het knuffel- of bindingshormoon oxytocine. Onderzoekers van de universiteit van Birmingham stelden vast dat het in meerdere opzichten hetzelfde effect heeft als alcohol. Beide maken ons losser, empathischer en minder wantrouwig in het sociale verkeer, maar kunnen ook aanzetten tot agressie, jaloezie en risicovol gedrag. Niet toevallig is oxytocine betrokken bij de sterke band tussen moeder en baby : ook daar kunnen hechting en genegenheid hand in hand gaan met agressie, een vanuit evolutionair opzicht nuttige dubbelzinnigheid die maakt dat moeders hun kroost zowel koesteren als beschermen.
...

Bij dronkenschap zijn we onder de invloed van ethanol, bij verliefdheid van een door de hersenen bereide cocktail van hormonen en neurotransmitters. Nelissen wijst onder meer op de rol van fenylethylamine of PEA, een vaak met amfetamine vergeleken stof die verliefde zielen opjaagt en tonnen energie geeft. Dopamine en endorfines zorgen ondertussen voor een goed en blij, soms naar euforie neigend gevoel. Daarnaast is er het knuffel- of bindingshormoon oxytocine. Onderzoekers van de universiteit van Birmingham stelden vast dat het in meerdere opzichten hetzelfde effect heeft als alcohol. Beide maken ons losser, empathischer en minder wantrouwig in het sociale verkeer, maar kunnen ook aanzetten tot agressie, jaloezie en risicovol gedrag. Niet toevallig is oxytocine betrokken bij de sterke band tussen moeder en baby : ook daar kunnen hechting en genegenheid hand in hand gaan met agressie, een vanuit evolutionair opzicht nuttige dubbelzinnigheid die maakt dat moeders hun kroost zowel koesteren als beschermen. Liefdesdronkenschap is ook nuttig, zegt Nelissen : "Alcoholdronkenschap bestaat alleen omdat het ons pleziert. Verliefdheid is een evolutionair gevormd systeem dat voortplanting mogelijk maakt : acrobatisch stuntwerk dat een optimale samenwerking tussen man en vrouw vergt. Onder normale omstandigheden zou niemand eraan beginnen, ingebakken schroom en angst zouden ons tegenhouden. En dus brengt verliefdheid ons in een abnormale toestand, in een roes waarin we onze remmingen overboord gooien en dingen doen die anders afkeer zouden opwekken. Op dezelfde manier als dronkenschap ons doet lachen met een mop die ons in een nuchtere toestand koud laat, leidt verliefdheidsdronkenschap ook tot seksueel genot." Mensen die achteraf zeggen dat ze voor een foute man of vrouw vielen : we kennen allemaal de verhalen. Maar waarom negeren mensen op het moment zelf de signalen ? Maakten ze zichzelf iets wijs, misten ze ervaring of was er meer aan de hand ? "Wie verliefd is, is niet meer volledig baas in eigen brein", zegt neuroloog Peter De Deyn van de Universiteit Antwerpen en Rijksuniversiteit Groningen. "Niet iedereen reageert hetzelfde, maar verliefdheid plaatst ons maar al te vaak in een positie waarin we informatie niet langer objectief kunnen beoordelen. We gaan iemand idealiseren en creëren een beeld van die persoon, dat zelden of nooit overeenstemt met de realiteit." Onderzoeken met hersenscans bevestigen dat verliefdheid en rationaliteit niet goed samengaan. Wanneer verliefde mensen bijvoorbeeld foto's te zien krijgen van hun geliefde, vertonen ze verhoogde activiteit in de belonings- of pleziergebieden van hun brein. Maar hersendelen die te maken hebben met kritisch denken en beoordelingsvermogen worden bij verliefdheid juist getemperd. De volgens De Deyn "meest hartstochtelijke episode van relaties" leent zich dan ook niet meteen tot grote beslissingen en verregaande engagementen. De blindheid van verliefde zielen steunt ten dele op de verslavende aard van de 'geluksstoffen' die hun hersenen produceren. "Dopamine is een goed voorbeeld", zegt De Deyn. "Het is de stof die bij onverbeterlijke gokkers voor de kick zorgt, en dat doet ze ook bij verliefdheid. Telkens wanneer we onze geliefde zien of aanraken, ervaren we dat zaligmakende gevoel, en dus willen we plots niets anders meer." Daarnaast remt verliefdheid de productie van serotonine, een neurotransmitter die betrokken is bij de communicatie tussen de verschillende hersengebieden. Zo raakt het evenwicht verstoord : emoties nemen de overhand, en het wordt moeilijker om een goed beeld te krijgen van geliefden en hun intenties. "Ook dat draagt ertoe bij dat verliefde mensen geen enkel gebrek in de andere zien en zich zo op de persoon focussen. Wanneer ze met andere mensen of activiteiten bezig zijn, gaan hun gedachten onophoudelijk uit naar die ene man of vrouw. In de Angelsaksische literatuur spreekt men terecht van infatuation of verdwaasdheid." Die helpt om twee mensen bij elkaar te brengen en een relatie tot stand te laten komen, zegt De Deyn. "Globaal gesproken is zo'n toestand van extreme verliefdheid echter inefficiënt en zelfdestructief. Het is dan ook geen wonder dat verliefdheid tijdelijk is. Mettertijd verplaatsen relaties zich naar een meer realistische context en ontwikkelen de betrokkenen een nuchterdere kijk. Verliefd zijn is fijn, maar mensen putten ook veel tevredenheid uit gevoelens van geborgenheid, bescherming en zekerheid." Talloze studies suggereren dat ook mensen in langdurige relaties elkaar ophemelen. Ze merken kwaliteiten op in hun partner die anderen niet zien, negeren elkaars negatieve kanten of stellen dat die minpunten niet zo belangrijk zijn. "Of we interpreteren het gedrag van onze partner op een positievere manier", zegt Agnes Moors, professor aan de Faculteit Psychologie van de KU Leuven. "Zijn of haar koppigheid wordt dan vertaald als standvastigheid, jaloezie als een bewijs van blijvende liefde." Zulke 'positieve illusies' maken volgens Moors deel uit van een veelvoorkomende copingstrategie wanneer blijkt dat de realiteit botst met onze verlangens. "Er zijn uiteraard nog andere strategieën. We kunnen onze partner of de interactie binnen de relatie proberen te veranderen bijvoorbeeld. De ervaring met de liefde leert echter dat dat moeilijk, zo niet onbegonnen werk is. Een andere optie is de relatie verbreken en met een andere partner opnieuw beginnen. Maar de uitkomst daarvan is hoogst onzeker. Bovendien ligt de kosten-batenanalyse heel anders bij liefdesrelaties waarin we al veel geïnvesteerd hebben, dan bij een pril contact in de zoektocht naar een geschikte partner, waarbij je nog snel van mening kunt veranderen. Onbewust zullen mensen er dus toch vaak de voorkeur aan geven om de relatie en het gedrag van de partner te herinterpreteren. Het is in vele gevallen de weg van de minste weerstand." Van blindheid in langdurige relaties wil Moors dan ook niet spreken. "Noem het eerder een vorm van rationele irrationaliteit : irrationaliteit die een functie heeft, zoals het behoud van de relatie en de kwaliteit ervan bevorderen." In onderzoeken komt de mate waarin partners elkaar ophemelen niet toevallig overeen met hun tevredenheid over de relatie. "Je kunt trouwens evengoed stellen dat liefde ziend maakt", besluit Moors. "Mensen beoordelen een negatieve eigenschap van hun partner altijd in verhouding tot andere kenmerken. Ze zien het hele plaatje en hebben daardoor misschien een realistischere kijk dan buitenstaanders. Ander onderzoek suggereert dan weer dat partners door het goede in elkaar te zien het beste uit elkaar naar boven halen. Het lijkt erop dat het benoemen van een kwaliteit die partner aanmoedigt om zich in die zin te gedragen. Misschien maakt de liefde dus zelfs helderziend." Liefdespijn zit niet alleen in het hoofd, maar kan ook de werking van het hart beïnvloeden. Studies van onder meer een Amerikaanse, Deense en Britse universiteit waarschuwden de voorbije jaren dat mensen de eerste dagen en weken na het overlijden van hun geliefde een verhoogd risico lopen op een hartaanval, een hartritmestoornis of andere hartproblemen. Allerlei factoren kunnen dan, zelfs bij jongere en voordien gezonde nabestaanden, een hartziekte in de hand werken : de psychologische schok van het verlies die tot een snellere hartslag en verhoogde bloeddruk leidt, maar ook tot slapeloosheid, een gebrek aan eetlust, roken en drinken, en verwaarlozing van de eigen medicatie. Het 'gebroken hart' is ook bekend bij cardiologen, het gaat dan om een stressgerelateerde hartspierziekte waarbij een deel van het orgaan acuut verzwakt. "Een hart dat normaal functioneert, knijpt in zijn geheel samen", vertelt Ivo van der Bilt, een Nederlandse cardioloog die het fenomeen al meer dan tien jaar bestudeert. "Bij een gebroken hart knijpt de onderkant niet of nauwelijks samen. Het breekt dus niet letterlijk in twee, maar vervormt wel." In Japan heet het syndroom 'tako-tsubo cardiomyopathie', naar de keramieken pot die gebruikt wordt om inktvissen te vangen. Op die bolle pot met een smalle snek lijkt ook een hart dat 'breekt'. De aandoening wordt veroorzaakt door acute en extreme emotionele stress en de manier waarop het lichaam daarop reageert, aldus van der Bilt. "Denk aan liefdesverdriet, het plotse overlijden van een dierbare, hevige ruzie, een verkeersongeval of hevige pijn, maar ook aan onverwachte blije gebeurtenissen zoals de loterij of een sportwedstrijd winnen. In al die gevallen krijgt het hart op korte tijd vanuit de hersenen een grote dosis van het stresshormoon adrenaline. Sommige harten raken dan overprikkeld en reageren met een ontstekingsreactie. Die kan meteen optreden, vlak na de stresserende gebeurtenis en de adrenaline-opstoot die ermee gepaard gaat, maar ook enkele dagen later." Wie met het gebroken-hartsyndroom te maken krijgt, ervaart symptomen die aan een hartaanval doen denken : een drukkend gevoel of pijn op de borst, en kortademigheid. "Daarom wordt de aandoening niet altijd herkend. Je moet ze uit het verhaal van de patiënt halen en andere oorzaken uitsluiten. Bij een hartaanval zijn de kransslagaders verstopt, bij een gebroken hart niet." Nog een verschil is dat een gebroken hart geen medicatie of ingreep vergt : in de meeste gevallen verdwijnt de aandoening vanzelf binnen de twee weken, en laat ze geen blijvende schade achter. "Een doktersbezoek blijft wel absoluut noodzakelijk", benadrukt de cardioloog. "Alleen zo kun je een echte hartaanval - die altijd een aangepaste behandeling vergt - elimineren." In principe kan de aandoening iedereen overkomen, zegt van der Bilt. "Ook mensen met een verder perfect gezond hart. Ze komt vaker voor bij vrouwen die de menopauze achter de rug hebben, maar echte risicofactoren, zoals een hoge leeftijd, zijn nog niet gevonden." Een gezonde levensstijl kan dan ook geen mirakels verrichten. "Die is uiteraard goed om hart- en vaatziekten te voorkomen, maar bij een gebroken hart gaat het om iets helemaal anders. En acute vormen van stress zoals een overlijden of hevige angst bij een ongeluk kun je helaas nooit uitsluiten." l Tekst Wim Denolf & Foto's Naomi Kolsteren"Bij een gebroken hart knijpt de onderkant niet of nauwelijks samen. Het breekt dus niet letterlijk in twee, maar vervormt wel"