D e man beoordeelt de vrouw graag aan de hand van lichaamsdelen die hem niet met een priemende blik op zijn plaats kunnen zetten. Er staan wel meer van die spitse zinnen in het hoofdstuk dat Rik Torfs aan de vrouw wijdt in zijn Lof der lankmoedigheid. (Uitgeverij Van Halewyck). Een man kan volgens deze woordkunstenaar maar beter niet tegen een vrouw zeggen dat ze intelligent is, want dan vraagt ze toch of hij haar dan niet mooi vindt. Kortom, vroeger had je slimme vrouwen en mooie vrouwen. Een slimme vrouw hoedde zich ervoor om te verleiden, en een verleidelijke vrouw was zelden verstandig. Op dat kompas kon je blind varen. Helaas voor de mannen, die volgens Rik Torfs nogal simpel in elkaar zitten, is de wereld waarin ze meer en meer te maken hebben met vrouwen in machtsposities niet meer een-duidig.

Vroeger stond achter elke sterke man een sterke vrouw. Maar volgens Torfs is de man achter een sterke vrouw gewoon een goedgeluimde man, die zich neerlegt bij de begrenzingen die zijn geslacht hem oplegt. Hij maakt zich vrolijk om zijn eigen gebreken. Hij is een clown die niet genoeg nadenkt om verdriet te hebben en niet genoeg moed heeft om zich op recepties te misdragen.

Met andere woorden, de man, de koning van de wereld, is in de nieuwe maatschappelijke constellatie uit het paradijs verdreven. De man zit in een dipje, schrijft Rik Torfs. Er zit maar één ding op : hij moet zich wat onhandig gedragen, zijn onmacht achter stuntelen verbergen zodat de vrouw hem aaibaar en zelfs lief gaat vinden. Maar pas op, dames, dat is slechts een mannelijk middel om informele macht te veroveren. Bij afwezigheid van de brute macht van vroeger, die nu aanzien verliest.

Als de wereld al is veranderd, dan zou dat volgens de slimme professor zijn omdat mannen de maatschappij en de mens willen redden, enkel om hun eigen ijdelheid te strelen, terwijl vrouwen nog meer geloven in idealen, maar er zich angstvallig voor hoeden daarvoor levens op te offeren.

Je weet niet goed op welk been te dansen met al die ronkende uitspraken van Torfs. Hebben lankmoedigheid en meewarigheid iets met elkaar te maken ? Over de man Rik Torfs weet de doorsneelezer en televisiekijker vrijwel niets. Behalve dan dat hij professor kerkelijk recht is aan een katholieke universiteit. Een professor die af en toe in aanvaring is gekomen met zijn collega's en meerderen. Hij die zondagavonden lang mensen ironische, maar toch indringende vragen stelt, blijft altijd de toeschouwer. Ook in dit boek. Hij lijkt wel een geslachtloze engel, die hoog boven het gewriemel van al die stervelingen zweeft, die beheerst worden door passie en verteerd door nijd en jaloezie. Net als over het geslacht der engelen zou men uren kunnen vissen naar of discussiëren over de geaardheid, het karakter, het dagelijkse leven van Rik Torfs, zonder dat zijn alledaagse geheimen en geheimpjes ooit worden ontsluierd. Zijn volste recht natuurlijk.

Je zou kunnen denken dat Torfs van vrouwen houdt, na alle ronkende loftuitingen in dat ene hoofdstuk. Maar zoals altijd zit het venijn in de staart bij hem. Vrouwen, schrijft hij, ridiculiseren de blik die de man op de wereld en de vrouw werpt. Maar zij slagen er zelf niet in een verfrissende blik op de wereld te ontwikkelen. De wereld volgens de vrouw bestaat nog altijd niet.

Vrouwen hebben zich volgens hem gewoon meester gemaakt van de wereld volgens de man. Ze hebben nog niet bewezen dat er een zachtere samenleving kan bestaan.

Misschien is er wel geen alternatief, omdat vrouwen zowel als mannen mensen zijn. De man die de vrouw per se op een piëdestal wil installeren, haar tot volmaaktheid en heiligheid wil verheffen, heeft haar niet lief en beschouwt haar niet als gelijke. Hij gunt haar niet haar kleine kantjes en haar gebreken, omdat ze dan te veel op hemzelf gaat lijken, te veel een spiegel wordt voor eigen onvermogen. Ze is dan niet langer maagd, maar een te vrezen duivelin.

tessa blogt !

Van muizen en mensen, op www.knack.be

Reacties : tessa.vermeiren@knack.be

Tessa Vermeiren