Tekst Peter De Potter / Productie Olivier Rizzo / Foto's Luc Praet / Haar en make-up Peter Philips
...

Tekst Peter De Potter / Productie Olivier Rizzo / Foto's Luc Praet / Haar en make-up Peter PhilipsMartin Margiela: binnenkant werd buitenkantDe feitenErg veel weetjes over Martin Margiela zijn er niet, want deze Belgische ontwerper heeft er van bij het begin van zijn carrière voor gezorgd dat zowel hijzelf als zijn geschiedenis naar de achtergrond verdween. Hij laat zich nooit of te nimmer fotograferen, en interviews geeft hij al jaren niet meer. Het enige middel waarmee hij wenst te communiceren, is zijn werk. Margiela studeerde van 1977 tot 1980 aan de Antwerpse Modeacademie. Later ging hij aan de slag in Parijs, als assistent van Jean Paul Gaultier. Hij vestigde zich voorgoed in de Franse hoofdstad, en samen met de Belgische (toenmalige) boetiekeigenares Jenny Meirens stichtte hij er in 1988 La Maison Margiela, zijn/hun eigen zaak dus. Margiela presenteerde zijn eerste vrouwencollectie in oktober 1988. In 1997 bracht hij een mannencollectie uit ('10'), die hij eerder liet omschrijven als een "garderobe van items". In 1998 werd Margiela aangesteld als hoofdontwerper van de vrouwencollecties van het Franse luxehuis Hermès. Het belangSinds Martin Margiela kijkt geen enkele fashionista nog neer op tweedehands kleren of rommelmarkttrouvailles. Margiela recycleert oude kleding en doet research in stocks, maar altijd om de mode vooruit te duwen, of beter, om de ware ziel van kleren te vinden. Vergeeld en versleten maakt hij chic, en van de binnenkant maakt hij de buitenkant. Hij is voortdurend op zoek, mogelijk naar het geheim van mode. Niet voor niets noemt hij zijn kleren "suggesties", "voorstellen". Margiela maakt het soort kleren dat discussies uitlokt, niet zozeer over het esthetische aspect, maar over de werkelijke eigenheid ervan. Want bovenal maakt hij het onzichtbare zichtbaar: naden en stiksels naar buiten, rafels niet afgeknipt, voeringstof als bovenlaag, etc. Hij 'deconstrueert' kleren, niet om ze kapot te maken, maar om de artisanale structuur ervan de aandacht te geven die ze verdient.Met deze methode ontwierp hij, misschien zelfs ongewild, de blauwdruk van de "Belgische stijl", die sinds zijn komst veel overeenkomsten met zijn werk vertoont. Toch blijft Margiela vele van zijn landgenoten voor: door op zijn manier na te denken over volumes (zie zijn experimenten met oversized kledingmaten), door op andere manieren zijn kleren te presenteren (op onmodische locaties of via video's) en door resoluut te reageren tegen de logocultuur (zie zijn befaamde witte, onbeschreven etiketten in al zijn kledingstukken). Het klantenprofielHet mag niet verwonderen dat wie Margiela draagt, iets van mode afweet. De rest blijft nog steeds opmerken dat er "draden op uw rug hangen, mevrouw" (de steken van het Margiela-label staan altijd aan de buitenkant van het kledingstuk). Aldus delen de Margiela-fans een geheim, en het genot van dit stiekeme gevoel zorgt voor nog meer voldoening dan het dragen van andere designeroutfits. Margiela staat voor enigma: zijn kleren wijken af van de norm maar zijn toch democratisch voor allen met een maatje te veel of met een andere lichaamsbouw dan die van een topmodel. Margiela is vooral populair bij klanten die weigeren mee te doen aan de Amerikaans-geïnspireerde consumptiecultuur, maar er iets persoonlijks en mysterieus voor in de plaats willen.