Ze zijn naar de bijeenkomst gekomen zonder te weten wat ze mochten verwachten. Maar ze zijn er. Sommigen hebben opgevangen dat er een kunstenaar zou komen en dat ze samen iets zouden maken. Wanneer op een woensdag in september de kinderen van het centrum Chantevent in Bande samentroepen in het zaaltje waar de directeur Philippe Rapp hen heeft uitgenodigd, staat die kunstenaar er al, Arne Quinze. Ook al hebben de meeste instellingskinderen van de ngo SOS Kinderdorpen nog nooit van hem gehoord, hij weet hen al snel in te pakken.
...

Ze zijn naar de bijeenkomst gekomen zonder te weten wat ze mochten verwachten. Maar ze zijn er. Sommigen hebben opgevangen dat er een kunstenaar zou komen en dat ze samen iets zouden maken. Wanneer op een woensdag in september de kinderen van het centrum Chantevent in Bande samentroepen in het zaaltje waar de directeur Philippe Rapp hen heeft uitgenodigd, staat die kunstenaar er al, Arne Quinze. Ook al hebben de meeste instellingskinderen van de ngo SOS Kinderdorpen nog nooit van hem gehoord, hij weet hen al snel in te pakken. Heel ongedwongen vertelt Quinze over zijn dromen als kind, zijn jeugdjaren als straatjoch, zijn contacten met motorfreaks, zijn debuut als beeldhouwer en het hechte team waarmee hij al tien jaar samenwerkt. Om vervolgens te belanden bij zijn installaties met gemonteerde stukken hout, die overal in de wereld uit de grond rijzen. Als Arne Quinze op zijn laptop enkele beelden laat zien, groeit het enthousiasme. "Tot hoe hoog kun je gaan met die constructies ?" vraagt een van de kinderen. "Er zijn vrijwel geen grenzen", is het antwoord. "In Duitsland werken we nu aan een bouwsel dat zo'n honderd meter hoog wordt." Er klinkt bewonderend gefluit. "Mijn plan is om in jullie dorp een schuilhut te bouwen zoals deze", zegt hij, terwijl hij wijst naar de maquette van wit karton en balsahout, midden op de tafel. "Maar daarvoor zullen jullie wel de handen uit de mouwen moeten steken !" De kinderen zijn duidelijk gemotiveerd als ze het lokaal verlaten. Eén jongen gaat zelfs meteen zijn laarzen halen. "Ik ben klaar. We kunnen direct beginnen." Eerste opdracht : het vinden van de ideale plaats voor de artistieke hut. Arne Quinze werd in België vooral bekend door zijn Cityscape, een immense wolk van houten planken die in 2007 tijdelijk stond opgesteld in de Guldenvlieslaan in Brussel. Maar ook hier, in deze vestiging van SOS Kinderdorpen in Bande, georganiseerd als een dorp waar een veertigtal jongeren van nul tot achttien jaar worden opgevangen, is de locatie van groot belang. In elk huis zorgt een SOS-moeder voor de begeleiding van vijf of zes kinderen. Het zijn geen wezen, maar kinderen die gescheiden werden van hun ouders en hier geplaatst om persoonlijke redenen. Samen vormen ze een gezin, met een budget, schoolactiviteiten, uitstapjes. Het idee is om deze kinderen een zo normaal mogelijk gezinsleven te bieden. Dat is trouwens de doelstelling van de ngo SOS-Kinderdorpen België en van al haar zusterorganisaties in de hele wereld, gegroepeerd onder SOS-Kinderdorf International en actief in meer dan 130 landen. Probleemkinderen een familie en een toekomst bieden. Tijdens een wandeling tussen de huisjes valt Arnes oog op een ophoging aan het eind van het terrein. "Dat is de plek waar de ufo zal neerstrijken. Het zal een grote constructie zijn waarop de kinderen hun dromen kunnen projecteren, een symbool van hun home, sweet home", zegt de kunstenaar. Hijzelf zal het skelet bouwen. Daarna zullen de bewoners van Chantevent er hun tekeningen ophangen op zeildoeken die samen de huid van het schuiloord vormen. "We zullen ook aan de andere SOS-kinderdorpen in de hele wereld vragen om tekeningen te maken die hun verwachtingen tot uitdrukking brengen. En volgende lente zullen we dat allemaal hier in België monteren", zegt Quinze. Met enkele schetsen, maquettes en technische berekeningen op zak strijkt een vijftal kompanen van Arne Quinze neer in het dorpje in de Ardennen. Het is half oktober en de ploeg geeft zichzelf 48 uur om de plannen in werkelijkheid om te zetten. Het wordt een paviljoen van zestien meter lang, zeven meter breed en zes meter hoog, waarin meer dan vijf kilometer hout wordt verwerkt. "Voor ons is dit wat eenvoudiger dan onze andere projecten, maar we hebben ons aangepast aan de jongeren", zegt Arne Quinze nog voor hij met zijn boor in de hand de constructie beklimt. Want als er gewerkt moet worden, is iedereen gelijk. In een eerste fase gaat het erom op de liggers te klimmen en de structuur te stabiliseren met spanribben. Daarna wordt de bekleding aangebracht, op het gevoel. Het resultaat ziet er zowel spontaan als doordacht uit. Vanaf 16 uur komen de eerste jongeren van school. Ze sprinten naar Arne en zijn kornuiten. Die spelen hun rol, laten de stoersten onder hen materialen aanslepen en beantwoorden allerlei vragen. Van op een afstand observeert Hilde Boeykens, directrice van SOS Kinderdorpen België, de ontwikkelingen. Het evenement wordt gesponsord door Louis Vuitton, die in 2010 een wereldwijd partnerschap aanging met deze organisatie voor een periode van vijf jaar. "Vaak denkt men dat deze bedrijven ons helpen door geld te geven. Maar ze doen hier veel meer. Ze laten de kinderen kennismaken met een open geest, een ruime visie en een speelse aanpak", zegt Hilde Boeykens, die erop wijst dat ze niet voor dit avontuur koos om de aandacht te trekken en giften te verzamelen, maar "om op een positieve manier de kinderen van het centrum in de kijker te zetten, via de media, en om hun de kans te geven zich te uiten en in dialoog te gaan. Wat door hun sociale achtergrond niet altijd makkelijk is." Ook Louis Vuitton is verheugd over deze samenwerking met de kunstenaar. Het is trouwens niet de eerste keer, want Arne Quinze construeerde voor Louis Vuitton al eens een pop-upstore in München. "Wij zijn actief in een wereld van plezier en luxe", zegt Nicolas Barré, directeur van Louis Vuitton Benelux. "Daarom willen we aan de mensen die minder geluk hebben iets teruggeven. Maar de projecten die we ondersteunen, moeten wel in overeenstemming zijn met de waarden van ons merk : de knowhow - in dit geval die van Arne Quinze - en de overdracht van knowhow." Nicolas Barré wijst er ook op dat het niet gaat om een publiciteitsstunt, maar om maatschappelijke betrokkenheid. "We blijven doelbewust op de achtergrond, we willen alleen maar dit evenement mogelijk maken", benadrukt de directeur. Arne Quinze deelt die houding : "Als je op een punt bent gekomen dat je genoeg hebt om anderen te helpen en je dromen hebt verwezenlijkt, ben je verplicht dat succes te delen. Als iedereen die de middelen heeft dat zou doen, zou het leven er veel mooier uitzien." DOOR FANNY BOUVRY - FOTO'S STUDIO ARNE QUINZE"JE MOET NIET BANG ZIJN OM TE DROMEN. JE BEDENKT EEN ONGELOOFLIJKE CONSTRUCTIE ÉN JE BOUWT ZE OOK ECHT."