Omiécourt is een dorp dat verloren ligt langs de oude weg naar Parijs, de nu nagenoeg verlaten Nationale 17, waarrond talloze kerkhoven bloeien. Tijdens de Grote Oorlog werd in de streek zwaar slag geleverd en omdat de Engelsen - die ooit op één dag 19.000 doden telden - elke avond hun gesneuvelden begroeven, wemelt het er van de begraafplaatsen. Die brengen niet alleen toeristen naar de regio, ze worden nu ook bondgenoten van de bewoners die zich opmaken voor de strijd tegen de plannen voor een de...

Omiécourt is een dorp dat verloren ligt langs de oude weg naar Parijs, de nu nagenoeg verlaten Nationale 17, waarrond talloze kerkhoven bloeien. Tijdens de Grote Oorlog werd in de streek zwaar slag geleverd en omdat de Engelsen - die ooit op één dag 19.000 doden telden - elke avond hun gesneuvelden begroeven, wemelt het er van de begraafplaatsen. Die brengen niet alleen toeristen naar de regio, ze worden nu ook bondgenoten van de bewoners die zich opmaken voor de strijd tegen de plannen voor een derde Parijse luchthaven in de buurt. Omdat die kerkhoven Engels territorium zijn, geloven de omwonenden dat er niet aan zal worden geraakt, en dat een startbaan er dus onmogelijk kan komen. Wie het dorp binnenrijdt, kan de borden "refusons de vivre avec les avions" niet missen. Dominique en Véronique de Thezy duimen voor het behoud van de rust van het landschap: het domein waarop hun kasteel staat, werd in het verleden al eens middendoor gesneden door de aanleg van de N17. Het grote kasteel aan de oostelijke kant van de weg werd tijdens de Eerste Wereldoorlog verwoest; het kleinere huis waar we vanavond slapen, werd daarna uitgebreid door de familie van Dominique die het domein sinds vier generaties bezit. Zeven jaar geleden streken de huidige bewoners er neer, en de kasteelheer beschrijft dat als de vervulling van een kinderdroom. Maar het was wel even slikken toen de laatste huurders vertrokken waren en de eigenaars het huis in een erbarmelijke staat terugvonden. Drie jaar later werden de eerste kamers bewoonbaar gemaakt, en niet toevallig waren die voor gasten bestemd. Pas later dacht het echtpaar aan het eigen comfort.De gastenkamers zijn opvallend ruim, en bemeubeld met stukken uit grootmoeders tijd. Een oude klok, een paar antieke kandelaars, een marmeren schouw en enkele oude kasten sieren de kamer waarin we slapen. De rust is compleet, het uitzicht op de weiden ongestoord. En de badkamer werd volledig vernieuwd."Aanvankelijk werden we voor gek versleten en achteraf bekeken, is er inderdaad een beetje gekte nodig om aan zo'n klus te beginnen", zegt de gastheer. "Maar we vonden het toch de moeite." 's Morgens serveert hij zwijgend een ontbijt met vier soorten jam, broodjes, croissants en koffie.Château d'Omiécourt is via afrit 13 van de snelweg Parijs-Lille te bereiken. Het heeft drie gastenkamers, waarvan er één als 'suite familiale' wordt omschreven en eigenlijk uit twee kamers bestaat, elk met een badkamer. Twee personen betalen er 50 euro, voor een eenpersoonskamer wordt 47 euro gevraagd, ontbijt inbegrepen.Château d'Omiécourt, route Chaulnes, Omiécourt (Somme), Frankrijk.Tel. +33-322-83 01 75, fax +33-322-83 21 83.tekst en foto's Pierre Darge