Koffermaker Moynat heeft zijn nieuw vlaggenschip in de rue Saint-Honoré in Parijs, op een boogscheut van het historische hoofdkwartier van het merk aan het Palais-Royal. De nieuwe boetiek, ontworpen door de Franse, in Tokio residerende designer Gwenael Nicolas, is chic en discreet. Er staat geen rij Chinese toeristen voor de deur aan te schuiven en dat is ook niet de bedoeling van Bernard Arnault, de eigenaar van Moynat (tevens rijkste man van Europa en opperhoofd van LVMH, de luxegroep waartoe ook Louis Vuitton behoort, die veel bekendere malletier).
...

Koffermaker Moynat heeft zijn nieuw vlaggenschip in de rue Saint-Honoré in Parijs, op een boogscheut van het historische hoofdkwartier van het merk aan het Palais-Royal. De nieuwe boetiek, ontworpen door de Franse, in Tokio residerende designer Gwenael Nicolas, is chic en discreet. Er staat geen rij Chinese toeristen voor de deur aan te schuiven en dat is ook niet de bedoeling van Bernard Arnault, de eigenaar van Moynat (tevens rijkste man van Europa en opperhoofd van LVMH, de luxegroep waartoe ook Louis Vuitton behoort, die veel bekendere malletier). Moynat werd opgericht in 1849. Met Goyard (1853), Louis Vuitton (1854) en Au Départ (in 1955 door Moynat opgeslokt) behoorde het huis tot de vier belangrijkste Franse valiezenmakers. De malletiers kwamen er ongeveer tegelijk met de spoorwegen, die in Frankrijk tussen 1840 en 1860 werden aangelegd. "Treinreizigers vervoerden hun spullen in houten koffers die onder de banken werden geschoven", vertelt Guillaume Davin, directeur van Moynat. "Die koffers hadden standaardafmetingen, ze waren 33 cm hoog. Maar je kon bijvoorbeeld wel het aantal lades bepalen. De malletiers deden toen gouden zaken." De persoon achter de zaak Moynat was een vrouw : zeldzaam in de negentiende eeuw ! Maar van het leven van die Pauline Moynat zijn slechts flarden informatie overgebleven. Davin : "We weten dat ze uit Thonon kwam, in de Savoie. Ze is erg jong zelfstandig geworden, rond haar zestiende naar Parijs getrokken. Ze is hier ook getrouwd. Ze woonde in rue de Rivoli, tegenover de Jardin des Tuileries. Ze heeft al haar geld geïnvesteerd in haar eigen zaak." Eigenlijk is het verhaal van Moynat typisch dat van een klassiek luxehuis, zegt Davin. "Je begint met een atelier. Je behaalt je eerste octrooi. Je neemt deel aan tentoonstellingen, waar je uitpakt met je savoir-faire. En ten slotte open je je eigen maison de vente." Het eerste octrooi van Moynat dateert van 1854, een copyright voor het waterdicht maken van koffers met guttapercha, een Indonesisch hars. "Moynat kreeg in die periode voor het eerst af te rekenen met concurrenten, maar stond technisch veel verder. De koffers waren lichter en steviger. Het merk had ook eigen sloten en nagels." In 1869 opende Pauline een winkel tegenover het Grand Hôtel du Louvre, waar veel Britse toeristen verbleven (enkele jaren later, nadat Baron Haussmann Parijs volledig had hertekend, kreeg de winkel zonder te verhuizen een nieuw adres : 1, avenue de l'Opéra). Haar malle anglaise was in hoofdzaak voor die Engelse reizigers bedoeld. De koffers, gemaakt van riet, waren ultralicht, zodat transportkosten beperkt bleven. Pauline begon in die periode ook een divisie lederwaren. De handtassen ( les sacs mignons, ofte schattige tassen) waren perfect afgewerkt, met gemsleer aan de binnenkant. "Mooi vanbuiten én vanbinnen, en ook voor ons is dat een streefdoel", zegt Ramesh Nair, de Indiase creatief directeur van Moynat (hij heeft lang voor Martin Margiela gewerkt, onder meer bij Hermès, waar hij na de passage van de Belgische ontwerper achterbleef als accessoiredesigner). Begin twintigste eeuw associeerde Moynat zich met de automobielsector. "In die tijd werden auto's bijna volledig met de hand gemaakt", zegt Guillaume Davin. "Alleen de motor en het chassis waren standaard. De rest was het werk van carrossiers. Auto's hadden nog geen geïntegreerde koffers. Daarvoor ging de automobilist aankloppen bij een malletier." Moynat werkte ook in België met een carrossier, het legendarische huis Vanden Plas. De ronde onderkant van de automobielkoffers hebben Ramesh Nair geïnspireerd voor zijn ontwerpen voor de 21ste-eeuwse herintrede van het huis. Moynat was begin vorige eeuw een bekend luxemerk, maar wel discreet. "Het kreeg pas een officieel logo in 1920, veel later dan de concurrenten." Het logo en de monogramstof waren van de hand van schilder/illustrator Henri Rapin, die tussen 1905 en 1930 artistiek directeur was van Moynat. De jaren twintig waren dolletjes. Voorbeeld : op een professioneel salon in 1920 kreeg Moynat maar liefst twintig medailles, Goyard zes, Vuitton drie. Maar met de crisis van 1929 keerde het tij. "De grote vier dachten toen echt dat ze het niet zouden redden. Moynat, Vuitton, Goyard en Au Départ hebben in die periode ernstig overwogen om zich te verenigen onder een gezamenlijke paraplu. In de jaren dertig begonnen de constructeurs koffers in de auto's te integreren." Na de bevrijding daalde ook de vraag naar klassieke reiskoffers. In de naoorlogse popcultuur leek luxe heel erg voorbijgestreefd, en bovendien had Moynat geen erfgenamen. Guillaume Davin : "Geen enkele koffermaker heeft in de jaren zestig en zeventig mooie dingen gemaakt. De comeback van Louis Vuitton, bijvoorbeeld, dateert pas van eind de jaren zeventig, toen Henri Recamier de monogramstof opnieuw uitbracht, en zijn producten aan de Japanners ging tonen. Dat was in 1978." Moynat behoorde op dat moment al tot de geschiedenis. Het merk verdween in 1976. De laatste eige-naar was Henri Recamier, die op zoek was naar een nieuwe uitdaging (revanche, misschien) nadat hij Vuitton had verloren aan investeerder Bernard Arnault. Recamier deed uiteindelijk niets met Moynat, en het is op zijn minst ironisch dat het merk nu wordt heropgewekt door Arnault. "De resten van het bedrijf waren een tijd in handen van een bank. Hoe Bernard Arnault Moynat heeft verworven, weten we niet. Alleen dat het erg snel is gegaan. Hij heeft ons gevraagd om in stilte te werken. We mochten niets zeggen. Bij LVMH was bijvoorbeeld niemand op de hoogte (Moynat is eigendom van de Groupe Arnault, en behoort dus niet officieel tot LVMH, JB). Mijnheer Arnault was niet geïnteresseerd in een herlancering met veel bombast. Het was hem er eerder om te doen een stuk van het Franse patrimonium te bewaren." Twee jaar geleden was Moynat niet meer dan een naam op een contract. Davin en Ramesh reconstitueerden een archief, met bijeengesprokkelde oude koffers en documenten. Ramesh tekende een hedendaagse, fijne collectie. En in december opende de winkel, discreet, zonder veel poeha. Waar wil het duo naartoe met Moynat ? "We willen zeker de kwalitatieve kant behouden", zegt Ramesh. "We werken met de beste materialen, en bijna alle elementen worden speciaal voor ons gemaakt. We gebruiken bijvoorbeeld geen standaardsleutels : we hebben ons eigen systeem." Davin : "We streven naar een perfect product. Natuurlijk kan het altijd nog beter. Maar het gaat niet om de bestemming. Het gaat om de reis." DOOR JESSE BROUNS"MOOI VANBUITEN ÉN VANBINNEN. DAT IS OOK VOOR HET NIEUWE MOYNAT EEN STREEFDOEL"