De eeuwenoude pastelplant is aan een revival toe. Bourjois is de eerste cosmeticafirma die pastelolie in haar produkten gebruikt. De pastelkultuur krijgt hiermee een tweede kans.
...

De eeuwenoude pastelplant is aan een revival toe. Bourjois is de eerste cosmeticafirma die pastelolie in haar produkten gebruikt. De pastelkultuur krijgt hiermee een tweede kans. LINDA RAATSHet woord pastel heeft voor het cosmeticamerk Bourjois een biezondere betekenis. De eerste potjes make-up van het merk heetten al "les pastels" en sinds kort wordt er met pastelolie gewerkt. Toen enkele jaren geleden in de "Dépeche du Midi" een artikel verscheen over de kultuur van pastelplanten, vermoedde niemand van Bourjois dat dit de aanzet zou zijn voor een mini-revolutie binnen het bedrijf. Christine Lauth en Olivier Thierry van het Bourjois-laboratorium, waren sinds een tijdje op zoek naar een origineel ingrediënt voor hun cosmetica. De pastelplant, waarvan de zaadjes een olie leveren rijk aan onverzadigde vetzuren, leek hen de moeite om er mee te experimenteren. Pastel (Isatis Tinctoria) is een plant met veel groene bladeren tegen de wortel en een stengel waarop gele bloemen bloeien. De pastelplant was ooit de glorie en rijkdom van Toulouse, want de blauwe kleurstof van de bladeren werd gedurende eeuwen gebruikt voor het verven van kledingstukken. In de zestiende eeuw leefden zowat 100.000 mensen van de pastelkultuur. Tot de komst van indigo, een andere blauwe kleurstof uit Azië, de pastelkultuur de doodsteek gaf. En daar kon de oorkonde van Napoleon, die voor de Franse soldaten een met pastelblauw geverfd uniform voorschreef, niets aan veranderen. Tot nog toe was men enkel geïnteresseerd in de bladeren van de pastelplant, nooit in de zaadjes. Daar is nu verandering in gekomen. De heer Ruffino, eigenaar van het Chateau de Magrin waar de laatste droogoven voor pastel staat, slaagde erin zaad voor de pastelplant te bemachtigen via de Ecole Nationale d'Agriculture in Versailles. Op de binnenplaats van zijn kasteel zaaide hij een experimenteel pastelveld. Daarna nam hij kontakt op met de Ecole de Chemie in Toulouse om de mogelijkheden en eigenschappen van de pastelzaadjes te bestuderen. Olivier Thierry, verantwoordelijk voor het Bourjois-labo in Pantin, kreeg een steekkaart in handen met de eigenschappen van de olie uit pastelzaden, en van dan af raakte alles in een stroomversnelling. Pastelolie blijkt immers rijk te zijn aan polyonverzadigde vetzuren die een gunstige invloed hebben op een droge huid. Een olie die veel gemeen heeft met bernagieolie en teunisbloemolie, maar ondanks de uitstekende eigenschappen nooit eerder in de cosmetica werd gebruikt. De resultaten van het onderzoek waren zo bemoedigend dat beslist werd om pastelvelden aan te planten. Bij wijze van experiment werden de eerste 25 hektaren gezaaid in oktober 1988. In juni 90 kon voor de eerste keer geoogst worden. Enkele maanden later was Bourjois volledig overtuigd. Jean-Claude Le Joliff, direkteur van het laboratorium, tekende een exclusief kontrakt met de pastelkwekers, waarbij Bourjois zich ertoe verbindt telkens de hele oogst te kopen. Het is niet de eerste keer dat het huis Bourjois-Chanel zich voor een dergelijke operatie engageert. Zo bestaan er ook afspraken met bloemenkwekers als de familie Mul van Grasse, omdat men zeker wil zijn van de kwaliteit van de parfumextrakten uit meiroos en jasmijn. Deze bloemen zijn essentiële bestanddelen voor de Chanel-parfums n5 en n19. Toch is het de eerste keer dat een firma rechtstreeks investeert in de fabrikatie van grondstoffen voor cosmeticaprodukten. Het laboratorium van Pantin kontroleert de hele operatie van a tot z. Van de kultuur van de plant tot en met de extraktie van de olie. De pastelolie komt in het laboratorium aan in vaten van 10 liter, onder een neutraal gas om de oxydatie tegen te gaan. De maagdelijke olie wordt door koud persen van de zaadjes bekomen. Daar komt geen enkele chemische bewerking aan te pas. De olie werd voor het eerst gebruikt in de fond de teint "Teint Secret", maar er staan nog andere projekten op stapel. De pastelkultuur vergt geen grote investeringen, de plant is met weinig tevreden, ideaal dus voor nog meer toepassingen. De pastelplant, met veel groene bladeren tegen de wortel en gele bloemen op de stengel.