Een geleerde Portugese mevrouw heeft een studie gemaakt over het verband tussen wilskracht en het succes van diëten. Ze heeft een chipszakjestheorie. Volgens haar kun je beter één grote zak chips kopen dan vele kleintjes. Want elke keer als je zo'n zak openmaakt, begeeft je wilskracht het en hoe vaker dat gebeurt, hoe slechter voor het welslagen van je poging om af te slanken. Dus, vreet die grote zak chips in één keer leeg vanavond. Beter in één keer veel, dan vele keren een beetje. Op termijn wint u als u zichzelf niets wijsmaakt.

Bij eten en koken raakt een mens soms werkelijk het noorden kwijt. Alleen al dat register van wat kan en niet kan in de keuken en op je bord ! Bij het kopen van een stukje vis, is het bijvoorbeeld een heksentoer om uit te zoeken wat nu 'goede' of 'foute' vis is, er spelen immers zoveel factoren mee dat je een expert moet zijn in wetten en reglementeringen om het uit te zoeken (pag. 28). In mijn wekelijkse tocht langs de rekken van de plaatselijke supermarkt in mijn dorp, zie ik steeds meer vrouwen en mannen net als ik speuren op het etiket om de herkomst van de appels of de tomaten na te trekken. Maar net zo goed stoppen we een zak diepvriesscam-pi's in ons karretje, ons er maar vaag van bewust dat die van heel ver weg komen en dus zwaar wegen op onze CO2-rekening. Bij steeds meer supermarkten maakt men er ook zaak van om alles 'traceerbaar' te maken voor de klant. Als je in de krant leest dat alweer een grote populaire keten alleen nog eieren van de vrije loop verkoopt, dan moet het onderhand wel afgelopen zijn met de batterijlegkip, zou je denken. Zo komen we weer een stap dichter bij een verantwoorde voedselketen. Meer en meer mensen hebben ook een eigen groentetuin, een paar kippen of een schaap. Of ze kopen rechtstreeks bij een leverancier van wie ze met bijna volkomen zekerheid weten dat hij betrouwbaar is.

Soms zie je bij een restaurantbezoek niet meer wat er precies op je bord ligt. Er zijn trendy plekken waar voedsel onder de vreemdste vormen wordt geserveerd en niet altijd met een succes evenredig aan de reputatie van het restaurant. Zo vertelde een van onze culinaire journalisten, nog niet zo lang geleden, over een bezoek aan The Fat Duck van Heston Blumenthal in Bray (GB). Hij was er niet voor het werk, wel om iets te vieren met vrienden. De rekening was hoog, maar de ontgoocheling was navenant groot. De hoogstandjes waren duizelingwekkend teleurstellend. Het allerergste is wel de horde jonge chefs die hun uiterste best doen om de groten in hun vak te evenaren, maar jammerlijk in de fout gaan. Het lijkt af en toe wel eens het verhaal van de "keizer zonder kleren". Iedereen prijst de nieuwe sterren de hemel in, maar ze lopen het risico even snel weer van de wolkenladder af te donderen.

Allemaal staan we bij tijd en wijle in bewondering voor de buitengewone technieken waarmee sterrenchefs voedsel verwerken. Maar modes komen en modes gaan, ook in de culinaire wereld. Onderhand is het wel zo ver gekomen, dat meer en meer gastronomen heimwee krijgen naar heel gewone bereidingen, met ingrediënten van de zuiverste en betrouwbaarste herkomst.

Het zich wat afwenden van schuimpjes, zalfjes of in je mond ontploffende bonbons is al een feit bij diegenen die in de culinaire wereld op de eerste rij staan. Het brede culinaire publiek is nog helemaal onder de indruk van de smaakchemie. Maar of het nog lang duurt ? Er zit immers iets heel vervreemdends in dat intellectuele en wetenschappelijke spelen met eten.

In een tijd waarin meubeldesign en kleren weer naar de essentie terugkeren, zou het niet verbazingwekkend zijn dat zich in de verte ook in de tafelcultuur dergelijke trend aandiende. Een retour naar het waarachtige, naar het eerlijke bijna naakte product, dat wel met vakkennis én met eerbied voor zijn essentie wordt bereid.

Reacties : tessa.vermeiren@knack.be

Tessa Vermeiren