M ichel Bouvier kwam op zijn veertiende uit de provincie in Parijs aan, geen rooie duit op zak. Maar hij bleek een durver en een doorzetter met goede smaak. Jarenlang werkte hij in restaurants en spaarde zijn centen op, tot hij zich twaalf jaar geleden rijp achtte voor de grote sprong voorwaarts. Hij investeerde zijn geld in het opknappen van een pand op de Parijse Rive Gauche en kleedde Le Saint-Grégoire op zeer Parijse wijze aan. Met die eerste ervaring kreeg Bouvier de smaak te pa...

M ichel Bouvier kwam op zijn veertiende uit de provincie in Parijs aan, geen rooie duit op zak. Maar hij bleek een durver en een doorzetter met goede smaak. Jarenlang werkte hij in restaurants en spaarde zijn centen op, tot hij zich twaalf jaar geleden rijp achtte voor de grote sprong voorwaarts. Hij investeerde zijn geld in het opknappen van een pand op de Parijse Rive Gauche en kleedde Le Saint-Grégoire op zeer Parijse wijze aan. Met die eerste ervaring kreeg Bouvier de smaak te pakken en restaureerde een paar jaar later de Tourville dat hij een Engelse sfeer en vier sterren meegaf. In een derde poging waagde hij zich aan Le Lavoisier, een hoog pand in pure Hausmann-stijl, met het typische balkon op de vijfde verdieping en vlakbij de Madeleine-kerk. Dit keer koos hij voor een wat moderner aanpak, een veel soberder stijl zonder minimalistisch te worden, maar eenvoudig bleek dat niet. Michel Bouvier had zijn huiswerk zo goed voorbereid, dat hij tijdens de opknapwerken uiteindelijk enkel de gevel en het trappenhuis overhield. Wie er binnenloopt, weet meteen dat het immense werk de moeite loonde: Le Lavoisier is een voorbeeld van hedendaagse aankleding zonder in het steriele te vallen. Hier en daar opgevrolijkt met een klassieke toets: een antiek meubeltje, een schilderij of een aardig object, zoals het gestileerde mannenhoofd in het trappenhuis, gevonden op de rommelmarkt. Op de laagste drie verdiepingen overheerst een warm zandgeel, terwijl de drie hoogste etages een café au lait achtergrond hebben. In kamernummer 18, waar we zelf thuis zijn, hoort bij de kamer een alleraardigst terrasje met een houten tafel en twee houten stoeltjes, omsloten door muren met klimop in terracottapotten. In Le Lavoisier strijken op gezette tijden jongens en meisjes uit de modewereld neer. Die vallen niet alleen voor de kamers die gezellig maar niet kneuterig zijn, en vooral voor het prettige contact met het personeel dat de klok rond drankjes naar boven wil brengen. Minibars zijn er niet, televisie wel, maar dan elegant weggemoffeld in een kast. In Parijs wordt het ontbijt vaak in kille kelders geserveerd, maar hier heerst ondergronds een warme Italiaanse sfeer, met schilderijen en lampjes op elk tafeltje.Het hotel Le Lavoisier telt 30 kamers waaronder enkele junior suites. Een overnachting met ontbijt kost er 3060 tot 6870 frank per persoon, afhankelijk van het gekozen kamertype en het seizoen. Het hotel maakt deel uit van de selectie van All Seasons in de Citytrips-brochure Parijs, en kan via de reisagent worden geboekt. Hotel Le Lavoisier, 23 Rue Lavoisier, Paris. Tel. +33-1-53 300 606, fax +33-1-53 302 300.PIERRE DARGE