"Ik woon hier zelf in de buurt en rij wekelijks een paar keer naar Parijs, waar ik mijn antiekzaak heb," legt Franck uit, "maar ik neem nooit dezelfde weg. Liever maak ik ommetjes waardoor ik de streek nog beter leer kennen en meteen ook kijk of er nergens een pandje te koop staat. Is het zo'n mooi oud huis, dan vind ik het doodjammer dat zoiets wordt gesloopt en niet wordt gerestaureerd. Daarom signaleer ik zo'n vondst meteen aan mijn kennissenkring waarvan ik vervolgens hoop dat iemand het kopen wil. Zo ging dat ook met dit huisje in het dorpje Vergies. David Mestre, een vriend, kocht het...

"Ik woon hier zelf in de buurt en rij wekelijks een paar keer naar Parijs, waar ik mijn antiekzaak heb," legt Franck uit, "maar ik neem nooit dezelfde weg. Liever maak ik ommetjes waardoor ik de streek nog beter leer kennen en meteen ook kijk of er nergens een pandje te koop staat. Is het zo'n mooi oud huis, dan vind ik het doodjammer dat zoiets wordt gesloopt en niet wordt gerestaureerd. Daarom signaleer ik zo'n vondst meteen aan mijn kennissenkring waarvan ik vervolgens hoop dat iemand het kopen wil. Zo ging dat ook met dit huisje in het dorpje Vergies. David Mestre, een vriend, kocht het meteen en ik mocht alles herstellen en decoreren." Franck is niet aan zijn proefstuk toe. Hij bewoont zelf een prachtige boerderij met muren van vakwerk die hij volgens de regels van de kunst liet herstellen. Ook in Parijs richt hij tal van appartementen in, bij voorkeur met oude bouwmaterialen en antiquiteiten. Dit huis ligt midden in het dorp. "Het was wel vervallen, maar toch oogde het mooi. Het heeft bovendien schitterende proporties, met een middendeel dat iets voornamer lijkt. Maar toch is het niet echt groot. Het staat iets verheven op het terrein, wat de knappe lichtinval verklaart. Ook dit pand was half in vakwerk gebouwd, met leem tussen de eiken balken, de traditionele bouwtechniek van de streek. Enkel de gevels aan de regenkant waren met hout bekleed. Ik heb een hele partij eikenhout gekocht om die gevels en binnen ook alle vloeren en een deel van de wanden mee te bekleden." Franck koos bewust voor eik : "Dat is immers de houtsoort van de streek. Bij restauraties moet je zoveel mogelijk de bouwmaterialen van een streek respecteren. Je moet dus de cocon, de schelp van de woning zo authentiek mogelijk herstellen. Voor de decoratie, de aankleding is de vrijheid veel groter." De structuur van het pand bleef bewaard. Op de gelijkvloerse verdieping merken we enkele kamers die in elkaar vloeien, daaronder zit de keuken. Boven en naast de woning zijn er slaapkamers met douchecellen. Overal zit modern comfort, maar alle leidingen zijn netjes verstopt. David Mestre gebruikt het pand als tweede verblijf, maar runt hier ook een B&B. De baai van de Somme kent immers nogal wat bijval bij fietsers en natuurliefhebbers. Het interieur kreeg een bijzondere decoratie. "Ik hou van wat vergane glorie. Geef mij maar een afgebladderde plank met wat resten van bladgoud, liever dan een gaaf stuk antiek," verklaart Franck, "daarom is de aankleding een beetje bewust vervallen, zonder veel antiek bourgeoismeubilair, zoals netjes in de was gezette Normandische meubelen. Nee, dit huisje mag er gezellig uitzien, met enkele excentrieke accenten, maar weigert een ecomusée te zijn." Info : www.davidmistre.fr en www.franckdelmarcelle.comDoor Piet Swimberghe - Foto's Jan Verlinde"Ik heb een hele partij eik gekocht voor de restauratie, want eik is het hout van de streek.""Geef mij maar een afgebladderde plank met wat resten van bladgoud, liever dan een gaaf stuk antiek."