Ontbijtafspraak met Viktor Horsting en Rolf Snoeren in het restaurant van Hôtel Meurice, hun getrouwe Parijse verblijfplaats. Het Nederlandse duo heeft eerder die week een geslaagde comeback gemaakt in de verfijnde wereld van de haute couture. Dit najaar volgt nog een tweede verjaardagscadeau : de langverwachte opening van hun Parijse flagship store in rue Saint-Honoré.
...

Ontbijtafspraak met Viktor Horsting en Rolf Snoeren in het restaurant van Hôtel Meurice, hun getrouwe Parijse verblijfplaats. Het Nederlandse duo heeft eerder die week een geslaagde comeback gemaakt in de verfijnde wereld van de haute couture. Dit najaar volgt nog een tweede verjaardagscadeau : de langverwachte opening van hun Parijse flagship store in rue Saint-Honoré. Viktor Horsting : "We hebben elkaar ontmoet in 1988. We zaten bij elkaar in de klas, in Arnhem, aan wat toen nog de Hogeschool voor de Kunst heette." Rolf Snoeren : "We waren vrienden op school. En we vonden elkaars werk leuk." Viktor : "Bovendien woonden we bij elkaar om de hoek. Die opleiding was overigens bijzonder vaag. Er werd ons gezegd : nu kun je nog lekker experimenteren, maar straks is het over en dan kun je jeans gaan ontwerpen. Dan moet je normaal gaan doen. Dat was de spirit. Wij dachten : wie zegt dat ? Misschien is dit pas het begin." Rolf : "Toen we klaar waren met school, hadden we geen duidelijk plan. Maar we hadden wel door dat we niet in Nederland moesten blijven." Viktor : "Er was toen sowieso niks in Nederland. Terwijl je in België bijvoorbeeld wel een waanzinnige modescene had, en een veel betere opleiding. We zijn naar Parijs gegaan, helemaal op de bonnefooi. We wilden werk zoeken. We zijn samen vertrokken, omdat we een appartement konden onderhuren. Maar in feite was het nooit onze bedoeling om te gaan samenwerken." Rolf : "We zijn drie jaar in Parijs gebleven. We woonden met zijn drieën in een mini-appartementje. Met kaarslicht, omdat er geen elektriciteit was, heel bohemien. Onze kamergenoot liep stage bij Margiela. Wij konden geen stage vinden. Maar misschien hebben we het ook niet heel goed geprobeerd (lacht)." Viktor : "Het was heel moeilijk om in Parijs een voet tussen de deur te krijgen." Rolf : "Op een bepaald moment hebben we beslist om mee te doen aan het modefestival van Hyères in Zuid-Frankrijk. Zo konden we meteen ook zien of het leuk zou zijn om met elkaar samen te werken." Viktor : "Neen. Ik heb een jaar lang een bed gedeeld met de jongen die bij Margiela werkte, een hetero." Rolf : "En ik sliep op een kampeermatrasje. Dat rolden we elke avond uit (lacht)." Viktor : "In dat piepkleine flatje hebben we onze tien outfits gemaakt voor de wedstrijd, hartstikke leuk. We hoopten dat we in Hyères mensen konden leren kennen, en dat alles dan makkelijker zou worden - Ann Demeulemeester zat in de jury, en Sylvie Grumbach, later onze eerste PR-agente. We wonnen de drie eerste prijzen, dat was nooit eerder gebeurd. Toen we het podium op moesten, werden we aangekondigd als Viktor & Rolf. We hadden nog niet nagedacht over een naam. Viktor & Rolf vonden we leuk klinken. Nou, dachten we, dat houden we dan maar zo. In Hyères ging iedereen ervan uit dat we ons eigen label zouden beginnen. Dat stond voor iedereen vast. En toen hebben we beslist om het te proberen." Viktor : "We wisten op dat moment nog altijd niets van de modewereld. Dat je, bijvoorbeeld, een PR-agent onder de arm kon nemen (die de communicatie met de pers verzorgt). We hadden geen idee. We sloten ons op in ons appartement, en maakten dingen. Daar deden we een half jaar over, waarna we het resultaat lieten zien. De ene keer in een galerie, de andere keer met een folder. We deden mee aan een aantal tentoonstellingen en tussenin werden we gevraagd voor een paar commerciële opdrachten. Zo kwam er toch wat geld binnen." Rolf : "Op een bepaald moment hebben we beslist om ons te focussen. We wilden onszelf positioneren aan wat voor ons de top van de piramide was, de haute couture. En zo zijn we coutureshows beginnen te geven." Rolf : "Ja. In één zin samengevat." Viktor : "We hadden de middelen niet om ready to wear te maken, en we hadden er ook geen zin in. Prefinancieren, op voorhand onze stoffen kopen : dat interesseerde ons niet. Wij wilden alleen maar ideeën tonen." Rolf : "Voor ons was dat een belangrijk moment : beslissen dat we couture zouden gaan maken. Omdat we daarmee in het systeem zijn gestapt van de mode : collecties ontwerpen, shows geven, de pers uitnodigen. We hadden al die jaren hard gewerkt, maar we stonden er nooit bij stil dat we dat werk ook aan zoveel mogelijk mensen moesten laten zien." Viktor : "Die kleren waren natuurlijk wel belangrijk. Zowel de kleren als de presentatie waren een middel om iets te zeggen, en vaak ging dat over mode. Dat is er altijd wel een beetje blijven inzitten." Rolf : "We hadden geen businessplan, maar we waren ook niet helemaal gek. Het idee was : als we dit doen, dan gebeuren er vanzelf dingen, en zo is het ook gegaan. Met de coutureshows zijn we op korte tijd behoorlijk bekend geworden, en zo zijn we met prêt-à-porter kunnen beginnen. Wat, in tegenstelling tot de couture, een zakelijke overweging was. Van aandacht alleen kun je niet leven. We hadden géén business." Rolf : "Nou ja, dan nog." Viktor : "We waren zelf ook toe aan iets nieuws. Ideeën de wereld insturen is leuk, maar uiteindelijk wil je toch ook echte mensen kleden." Rolf : "Het mocht échter worden. We hadden vijf coutureshows achter de rug, we waren intussen al enkele jaren bezig." Rolf : "Onze mode is sculpturaal en draagt vaak een statement uit, over de mode zelf." Viktor : "Voor ons blijft het gewoon mode. Het is niet omdat iets in een museum staat, dat het kunst is. Misschien ligt het tegen een grens aan. Wij vinden het vooral leuk dat in een museum iedereen onze kleren kan zien. Want shows zijn uiteindelijk alleen bestemd voor de happy few." Rolf : "We gingen met een partner in zee (het Italiaanse Gibo). Dat maakte alles makkelijker. Maar we zijn wel terechtgekomen in de mallemolen van een industrieel proces, en daar hadden we totaal geen ervaring mee. We moesten onze creativiteit op een andere manier organiseren, binnen een andere structuur, en dat heeft tijd gekost." Viktor : "Je moet bijvoorbeeld al in een heel vroeg stadium beslissen met welke stoffen je wilt gaan werken - nog voor je een duidelijk idee hebt van wat je wilt doen. Terwijl de stoffenkeuze voor ons altijd aan het eind kwam. Wij zochten eerst een idee, vervolgens de vorm, en ten slotte het materiaal dat bij die vorm paste. Goed, in de industrie werkt dat niet zo. Weten we nu, na twintig jaar." Rolf : "Nu denken we : dat hadden ze ons toen op school wel eens kunnen leren." Viktor : "We waren te klein om zowel couture als prêt-à-porter te blijven doen. Daarom zijn we toen gestopt met de coutureshows. We hebben wel altijd een element van couture behouden in de shows, we hadden altijd een aantal meer uitgesproken stukken. Omdat we producten wilden tonen, maar ook een verhaal wilden blijven vertellen." Rolf : "Op dit moment scheiden we de twee weer. We doen opnieuw coutureshows, omdat we merken dat er tijdens de gewone modeweken niet altijd tijd of ruimte is om een verhaal te vertellen. Daar tonen we voortaan onze draagbare visie. En tijdens de coutureweek presenteren we onze theatrale, conceptuele kant." Viktor : "Op een bepaald moment nam L'Oréal contact met ons op. Ze vroegen of we geïnteresseerd waren om parfums te ontwikkelen. Ze zagen een groot potentieel in ons merk. Omdat we verhalen vertelden, en verder keken dan alleen kleren. We hadden een merk neergezet, hoe klein ook. En zo zijn we partners geworden met het grootste cosmeticabedrijf ter wereld. Flowerbomb, ons eerste parfum, was geweldig, precies wat we wilden doen. En L'Oréal vond het allemaal goed." Rolf : "Ze stonden voor alles open. Er was nog geen business, er kon dus niets kapot worden gemaakt. Ik denk ook dat de mensen van L'Oréal intern iets nieuws wilden proberen. Twintig jaar na Armani nemen we jullie, zeiden ze. Ongelooflijk." Viktor : "We speelden al van bij het begin met het idee van een emporium, met het idee dat mode meer is dan alleen een jurk." Viktor : "Niet echt." Rolf : "Ik denk dat we ons allebei aangetrokken voelden tot mode omdat het een zeker mysterie uitstraalde. Dat hele aura van glamour, dat er nu niet meer is, dat vonden we verleidelijk. We wilden niet letterlijk Yves Saint Laurent worden, maar dat aura van high luxury, mysterie, glamour en chic sprak wel tot onze verbeelding. ' Viktor : "Margiela en Comme des Garçons, merken die experimenteel waren en toch konden overleven, inspireerden ons wel." Viktor : "We noemen het weleens : conceptual glamour. " Rolf : "In feite is het een balanceeract." Rolf : "Door het succes van de parfums is onze naambekendheid veel groter geworden. Het werd snel evident dat we een sterkere partner moesten vinden voor onze klerenlijn. Na lang nadenken zijn we in zee gegaan met Renzo Rosso (de zakenman achter Diesel en Only The Brave, de holding die onder meer ook Maison Martin Margiela overkoepelt). We hadden ook gewoon een financier kunnen zoeken. Maar een financier die creativiteit begrijpt, is moeilijk te vinden. Net als een financier die bij wijze van spreken een textielfabriek heeft staan in zijn achtertuin." Viktor : "We hebben het nooit helemaal zelf willen doen. Winkels openen, adverteren, collecties prefinancieren - dat vergt niet alleen pakken geld, het is ook een hele organisatie. We zijn nog altijd onder de indruk als we in Italië naar de fabriek gaan. Dat is bijna een militaire organisatie. Ik heb enorm veel respect voor iemand als Dries Van Noten, die alles zelf doet. Je verdient natuurlijk meer als je het zelf doet. Maar je hebt ook veel meer zorgen." Rolf : "Ons bedrijf is nu beter georganiseerd, wat het voor ons gemakkelijker maakt. We kunnen ons terug voluit concentreren op het creatieve werk. Sinds ruim een jaar loopt dat heel goed. En daardoor kunnen we nu de couture herlanceren, een winkel openen in Parijs. Rome is ook niet op een dag gebouwd." Viktor : "Naast talent en geluk is ook uithoudingsvermogen van essentieel belang geweest. Dat wordt weleens onderschat. Talent is één ding. Maar er is altijd wel wat. Een collectie die minder goed verkoopt, of minder goed wordt ontvangen. Er zijn tijden geweest dat het echt moeilijk was. Maar ondertussen schreef de pers wel dat we fantastisch waren. Of omgekeerd. Er is vaak een heel rare discrepantie tussen het beeld dat er over een merk bestaat en de realiteit." Rolf : "We lezen geen reviews meer. We horen of een show goed is ontvangen, en krijgen een algemeen overzicht. Iedereen mag natuurlijk schrijven wat ie wil. Maar als ontwerper ben je kwetsbaar. " Viktor : "Je kunt elkaar steunen. Je kunt gemakkelijker relativeren. Dat is een waardevol aspect van onze samenwerking." Viktor : "Voor ons is samenwerken vanzelfsprekend. We zeggen vaak dat we het alleen nooit zouden hebben gewild, of gekund." Rolf : "We maken zelden ruzie. Als we het oneens zijn, klopt er iets niet. Als er iets is, dan wordt dat uitgesproken. We analyseren alles. We gaan niet schreeuwend door het pand rennen, dat is niet onze stijl." Viktor : "Achter elke beslissing zit een reden. Als een jurk roze is, dan is daar een verklaring voor. Daardoor kun je natuurlijk wel eens vast komen te zitten in je eigen gedachtewereld." Viktor : "Je bedoelt dat we onszelf vaak opvoeren in de shows ? Iedere keer zeggen we : waarom moet dat nu weer ? We zijn helemaal geen podiumbeesten. Maar als we een idee hebben, dan moeten we het ook zelf uitvoeren. Niemand anders kan dat doen. Al zijn we nog zo zenuwachtig." Rolf : "Als wij daar staan, dan is dat het gevolg van een idee. En dan moet het ook. Liever niet, misschien, maar het moet gewoon." DOOR JESSE BROUNSViktor : "Ideeën de wereld insturen is leuk, maar uiteindelijk wil je toch ook echte mensen kleden"