Voor u denkt dat de Congolese sapeurs een nieuwe trend zijn : de wortels van het fenomeen liggen in de jaren twintig. André Grenard Matsoua, de eerste Congolees in Parijs, keerde toen terug naar Brazzaville. De intellectueel was daarbij uitgedost als een chique en elegante Franse aristocraat. In de toen nog Franse kolonie veroorzaakte 's mans garderobe meteen ophef. Matsoua was echter ook een mensenrechtenactivist en onafhankelijkheidsstrijder. Zijn politieke discours leverde de beruchte kledingstijl al gauw navolging op in de Bakongowijk van Brazzaville, al zat daar uiteraard ook de fascinatie voor de 'gesofisticeerde' blanken er voor iets tussen.
...

Voor u denkt dat de Congolese sapeurs een nieuwe trend zijn : de wortels van het fenomeen liggen in de jaren twintig. André Grenard Matsoua, de eerste Congolees in Parijs, keerde toen terug naar Brazzaville. De intellectueel was daarbij uitgedost als een chique en elegante Franse aristocraat. In de toen nog Franse kolonie veroorzaakte 's mans garderobe meteen ophef. Matsoua was echter ook een mensenrechtenactivist en onafhankelijkheidsstrijder. Zijn politieke discours leverde de beruchte kledingstijl al gauw navolging op in de Bakongowijk van Brazzaville, al zat daar uiteraard ook de fascinatie voor de 'gesofisticeerde' blanken er voor iets tussen. Aan de overkant van de Congostroom, in Kinshasa, werden de sapeurs een (oppositie)beweging in de jaren zeventig, toen zanger Papa Wemba er doorbrak met zijn flamboyante outfits. Die druisten flink in tegen de traditionele kledingvoorschriften die voormalig president Mobutu propageerde tijdens de zaïrisering van het land. De oprichting van de Sape, of Société des Ambianceurs et des Personnes Élégantes, in 1979 geeft de subcultuur vleugels, en dankzij Congolese emigranten komen Europese merknamen binnen handbereik. Samen met verhuurbedrijven en gespecia-liseerde winkels zijn uitgeweken familie-leden en vrienden trouwens nog altijd de belangrijkste outfitleveranciers van de sapeurs. "De Congolese sapeurs verzorgen hun outfit tot in de puntjes, ze leven er haast voor", zegt Bruno Van Gils (30), concept- en designmanager van het Belgische maatwerklabel Café Costume. De telg van het bekende kleermakersgeslacht richtte het merk op in 2006, samen met zijn nichten Angelique en Saskia. "Met onze tailoring à la carte dromen we van zulke klanten. Zelf moeten we mannen nog vaak overtuigen om ons te vertellen welke kleding ze mooi en comfortabel vinden. Voor sapeurs is dat een klein kunstje. Zelfexpressie en individualiteit zijn de sleutelwoorden van hun beweging, en van Café Costume." Van Gils twijfelde dan ook geen moment toen rapper Baloji ( zie kader) hem voorstelde om zijn nieuwe videoclip van outfits te voorzien. "Met Soulwax en Arsenal als klant is Café Costume goed thuis in de Belgische muziekwereld", zegt Van Gils. "Via via raakten we ook bevriend met Baloji, die we nu al enige tijd kleden. Toen hij me vorige zomer vertelde dat hij een clip zou draaien met echte sapeurs in Kinshasa, was ik meteen verkocht. Te meer daar de vijftigste verjaardag van Congo en het WK-voetbal in Zuid-Afrika het continent dit jaar in de verf zullen zetten." Zodoende trok Van Gils eind november voor vijf dagen naar Kinshasa, met in zijn koffers maar liefst 35 herenkostuums - veelal in nostalgische jarenvijftigkleuren. "Het was geen plezierreis. We moesten zo snel mogelijk locaties vinden voor de videoclip en een fotoshoot, het was dus zaak er meteen in te vliegen. Bovendien gaat alles er op zijn Congolees : afspraken en tijdstippen worden niet gerespecteerd, mensen zeggen ja terwijl ze nee bedoelen en de politie houdt je voortdurend tegen. Gelukkig kom ik al sinds mijn zestiende in onze productieateliers in Tanger, en reis veel, dan weet je dat het niets uithaalt om tegen een lokale mentaliteit in te gaan." Naast driedelige maatpakken en zwaluwstaarten, vaak in zorgvuldig gecombineerde zuurstokkleuren, zweren sapeurs bij accessoires : van dassen, foulards, juwelen, zonnebrillen en sigaren tot handschoenen, wandelstokken en bolhoeden. "Er zijn veel subgroepen onder de sapeurs", benadrukt Van Gils. "Sommigen zien er clownesk uit of flirten met hiphop en Schotse rokken, anderen zijn veeleer klassiek gekleed. Er zijn dus clans, zowel onder oudere als jongere sapeurs, maar de rivaliteit blijft vriendschappelijk." De sapeur als olijke dandy - die de komende lente de vrouwencollectie van Paul Smith inspireert en ook opduikt in een fototentoonstelling over de Sape in het Parijse Musée Drapper ( tot 11 juli) - toont volgens Van Gils slechts één aspect van het fenomeen. " Sapeurs willen allemaal graag elegant voor de dag komen en opvallen, het liefst in westerse merken. Maar het zijn lang niet allemaal excentrieke dandy's. De regels van het spel zijn ook vaag. Of hij klassieke herenschoenen dan wel modieuze gympen draagt, beslist elke sapeur voor zich. Hij kan ook moeilijk anders : één kleur of accessoire te veel en hij lijkt op een vogelverschrikker. Sapeurs moeten bewust met hun outfit omgaan." Ook de meest discrete sapeur zal zichzelf echter verkopen als de beste, getuigt Van Gils : "Het zijn geboren showbeesten. Hun gedistingeerde lichaamstaal zit hen echt in het bloed, van de manier waarop ze koffie drinken of een sigaar roken tot hun danspasjes. En ze missen geen enkele kans om hun schoenen of andere accessoires in de verf te zetten. Het kostte de figuranten geen enkele moeite om te poseren." De christelijke overtuiging van vele sapeurs en de sterke morele grondslag van de beweging maakt van de Congolese dandy's graag geziene gasten op trouwpartijen, begrafenissen, verjaardagsfeesten en muziekfestivals. Anderen vallen, vooral op zondag, te bewonderen als straatkunstenaar. Onbesproken zijn de heren echter niet. Critici verwijten de sapeurs onverantwoordelijkheid en het negeren van de echte problemen. Het geld dat ze aan dure merkkleding geven zou beter besteed zijn aan goede huisvesting en een degelijke opleiding, luidt een veelgehoorde opmerking. Het contrast tussen hun optimistische blingbling en de levensomstandigheden van de doorsnee-Congolees, die minder dan een dollar per dag verdient, is groot, beaamt Van Gils : "Zeker in een chaotische miljoenenstad als Kinshasa zijn armoede en verval overal aanwezig. Een glimlach kan bij de hartelijke Congolezen echt deuren openen, maar al die ellende laat sporen na. Iedereen zoekt wanhopig naar geld, de stad ligt erbij alsof er net een bombardement heeft plaatsgevonden en niets functioneert zoals het hoort - zeker de corrupte overheidsinstellingen niet. Hoop om ooit naar Europa te kunnen reizen, iets anders hebben jongeren er niet." Van Gils benadrukt in de eerste plaats dan ook de positieve kant van de sapeur-beweging : "Voor mij gaat het om een filosofie die mensen aanmoedigt om op het rechte pad te blijven en onder moeilijke omstandigheden toch trots te zijn op zichzelf. Sapeurs houden zich letterlijk en figuurlijk staande in hun designerkleding, terwijl de samenleving rond hen in puin ligt." - Info : www.cafecostume.com, www.dapper.com.fr. Door Wim Denolf - Foto's Kurt stallaert