Ondertussen is het een maand geleden, maar het beeld laat mij niet los. Bert Anciaux die op de IJzerbedevaart zijn tranen van woede niet kon verbergen. Dat, samen met een openhartig interview in het weekblad Humo over het plezier van vliegen in je dromen, vrijen in een zwembad en af en toe een jointje roken met je vrouw, maakte dat een vechtersbaas-parlementariër hem later in de Zevende Dag schamper bestempelde als een huilende druggebruiker. Per definitie onbetrouwbaar dus en niet geschikt voor het politieke vak ?
...

Ondertussen is het een maand geleden, maar het beeld laat mij niet los. Bert Anciaux die op de IJzerbedevaart zijn tranen van woede niet kon verbergen. Dat, samen met een openhartig interview in het weekblad Humo over het plezier van vliegen in je dromen, vrijen in een zwembad en af en toe een jointje roken met je vrouw, maakte dat een vechtersbaas-parlementariër hem later in de Zevende Dag schamper bestempelde als een huilende druggebruiker. Per definitie onbetrouwbaar dus en niet geschikt voor het politieke vak ? Mag een politicus zijn tranen en gevoelens de vrije loop laten ? Stijgt hij dan in onze achting of maakt dat hem tot een verwerpelijk sujet ? Is daar bij u aan tafel ook over gediscussieerd ? Bij ons in ieder geval wel, en ik was niet weinig verbaasd te constateren dat precies die openhartigheid en emotionaliteit van de VU-voorzitter, die ondertussen al lang geen jonge hond meer is, de reden was waarom een aantal vrouwen én mannen in mijn omgeving voor Bert Anciaux hadden gestemd bij de jongste verkiezingen. Veel meer dan omwille van hun affiniteit met het programma van zijn partij. En dat was lang voor de bovengenoemde emotionele uitbarsting. Het tonen van gevoelens wordt geduid als een teken van eerlijkheid en menselijkheid, en dit in tegenstelling met hoe politici tegenwoordig wel vaker overkomen : als kille robotten. Merkwaardig toch, hoe over het algemeen als vrouwelijk beschouwd en dus afkeurenswaardig gedrag, tranen van machteloosheid en woede, in deze tijd door een grote groep getolereerd wordt bij een man die in een politieke sleutelpositie zit. Wie hebben we publiek nog zien huilen in het politieke milieu ? Annemie Neyts, toen ze jaren geleden als kandidaat-voorzitter van de liberale partij de duimen moest leggen voor Guy Verhofstadt. Toen was de publieke reactie er eerder een van meewarigheid. Bill Clinton schrikt er evenmin voor terug om met rode ogen voor de camera te komen. Maar van hem wordt gezegd dat hij een goed acteur is, minstens even goed als Ronald Reagan, en dat hij zijn gevoeligheid virtuoos gebruikt. Een internationaal onderzoek blijkt uitgemaakt te hebben dat Belgen zowat het meeste huilen op de hele wereld, ook de mannen. Maar we doen het meestal in de slaapkamer, in ons eentje of bij iemand die ons heel goed kent. Diezelfde International Study about Crying, uitgevoerd door de Nederlander Ad Vingerhoets van de Katholieke Universiteit Brabant, toont trouwens aan dat mannen met veel zelfvertrouwen meer huilen dan mannen die niet zo zeker zijn van zichzelf. En bovendien blijken mensen met maag- en darmklachten, typische stresskwaaltjes van nijdige binnenvetters, minder vaak hun tranen de vrije loop te laten dan hun gezondere soortgenoten. Kortom, tranen zijn goed voor de gezondheid. Waarom zouden mannen niet mogen huilen ? En welke gulden regel zegt dat een politicus zijn emotie alleen mag uiten in botte scheldpartijen of door met de vuist op het spreekgestoelte te slaan ? Alleen emotionele Neanderthalers proberen tranen te ridiculiseren. Zij zijn immers gespeend van het vermogen om zich te verplaatsen in een ander, de grootste handicap van deze tijd. Tessa Vermeiren