De hysterie om de vernietigde embryo's in centra voor invitrofertilisatie kent geen grenzen. Misschien wordt er inderdaad wel achteloos omgesprongen met deze medische technieken die het onvruchtbare koppels mogelijk maken een kind te krijgen.
...

De hysterie om de vernietigde embryo's in centra voor invitrofertilisatie kent geen grenzen. Misschien wordt er inderdaad wel achteloos omgesprongen met deze medische technieken die het onvruchtbare koppels mogelijk maken een kind te krijgen. Zeven jaar geleden interviewde ik de Parijse psychoanalytica Geneviève Delaisi de Parsefal, die zich bezighoudt met de psychologische begeleiding van onvruchtbare koppels die proberen een kind te krijgen. Ze schreef daarover samen met gynaecoloog Alain Janaud het boek L'enfant à tout prix (Ed. du Seuil). Zij beweerde dat de medische wereld IVF pusht omdat er overschot-embryo's nodig zijn voor de research. Vernietigen betekent dus misschien alleen naamloos verwijderen, versluizen naar meer lucratieve kanalen. In deze hele hetze wordt echter nauwelijks gerept over de vrouwen en mannen die de verwekkers van deze embryo's zijn. Over het menselijk leed dat achter die container met duizenden diepgevroren embryo's schuilgaat. Mensen zouden zich in mootjes laten hakken om toch maar een kind te krijgen, de kroon op hun succes, het bewijs dat het leven zin heeft. Een koppel zonder kinderen wordt in onze maatschappij beschouwd als niet volledig. Nutteloos. Mooie, gezonde, slimme kinderen zijn de mascottes van een tijd waarin de macht van de wetenschap onbegrensd lijkt. In de cocooningtijd bij uitstek is het aanvaarden van kinderloosheid, als een speling van de natuur en het lot, haast ondenkbaar. Kinderen blijven dan ook uitgerekend in deze bange besloten sfeer langer afhankelijk dus kind dan ooit. We doen meer moeite om ze te krijgen en we zijn banger dan in welke tijd ook om ze los te laten. In België blijken er 20 tot 30 centra voor IVF te bestaan. Huisartsen protesteren als een minister van Volksgezondheid een wetgevend initiatief aankondigt om de wildgroei te beperken. Een ingreep kost per cyclus tussen de 20.000 en de 100.000 frank. Het ?recht? op een kind van al die geslaagde mensen is blijkbaar een lucratieve business. Aan de achterliggende ellende wordt allicht evengoed verdiend. Eén op vijf koppels in behandeling krijgt inderdaad één of meer kinderen. De anderen gaan vaak jaren door met proberen de natuur te verslaan. De kost daarvan is onschatbaar volgens Geneviève Delaisi de Parsefal. Materieel, maar niet minder emotioneel. Het gevoel mislukt te zijn, kan na zo'n lange lijdensweg zeer groot zijn. Het maanden of jarenlang klinisch omgaan met wat de vrucht van de liefde zou moeten zijn, laat een relatie niet ongeschonden. Als daarop dan toch de definitieve ontgoocheling volgt, is er de schuld die niet uitgesproken wordt, op de ander geschoven of op eigen bult geladen. Het kind dat via zo'n klinisch proces wordt verwekt, wordt vaak beladen met een verlossersrol. Het mijn kind, mooi kind, vele malen versterkt. De ontgoocheling wordt allicht ook vele malen groter als het kind vroeg of laat niet zo gezond of zwak begaafd blijkt, of zelfs het verkeerde pad opgaat. Al deze problemen zijn psychiaters en psychologen bekend. Maar daarover wordt bijna geen publiek debat gevoerd. Terwijl dit verborgen leed veel groter is dan 3000 vernietigde embryo's. Tessa Vermeiren