In het vijftigste nummer van de Britse Elle Decoration staat België in de Hot 50. Dit zeer trendy blad uit toch een van de meest kosmopolitische steden van de Europese Unie noemt in zeven lijnen Vlaamse namen als architect Vincent Van Duysen, modeontwerper Dries Van Noten en meubelontwerper Maarten Van Severen.
...

In het vijftigste nummer van de Britse Elle Decoration staat België in de Hot 50. Dit zeer trendy blad uit toch een van de meest kosmopolitische steden van de Europese Unie noemt in zeven lijnen Vlaamse namen als architect Vincent Van Duysen, modeontwerper Dries Van Noten en meubelontwerper Maarten Van Severen. Sinds geruime tijd al zijn Vlamingen in het buitenland in trek en wordt hun creativiteit en vakmanschap hoog gewaardeerd. Benoît ( Van Inis) met zijn covers voor The New Yorker is daarvan het mooiste bewijs. Maar hier laten wij al dat talent een beetje verpieteren, althans van officiële zijde. Een triest voorbeeld is de modeafdeling van de Antwerpse Academie voor Schone Kunsten, wereldwijd geroemd als een laboratorium voor talent. Docenten en studenten werken er in middeleeuwse omstandigheden en worden langzaam maar zeker de strot toegeknepen door de bureaucratie. Is er een beter cultureel ambassadeur dan deze modeacademie, waarvan de afgestudeerden hun onuitspreekbare Vlaamse namen tot ver over de grenzen van Europa gemeengoed hebben gemaakt ? En die daarmee ook onze creativiteit, werklust, kwaliteit en betrouwbaarheid als label hebben verspreid ? Maar mode, architectuur, design, grafiek, juweelontwerpen, worden door de heren juryleden van dit soort academische clubs blijkbaar niet tot cultuur gerekend. Pop soms. Bart Peeters en zijn Radio's werden ooit wel bedacht met een flinke kluit geld, maar ja, Bart Peeters is dan ook een BV. Fenomenen als Moondog Jr. en dEUS vallen blijkbaar buiten het gezichtsveld van de ons-kent-ons-club die het geld verdeelt. Luc Van den Brande leent zich wel graag voor de promotie van een Eurovisie-prutsding. Kun je de gave des onderscheids verwachten van heren en dames die omwille van de populariteit op partijbijeenkomsten een eigen versie blèren van een hit uit Tien om te Zien ? Ik krijg de indruk dat het nieuwe Vlaanderen buiten het gezichtsveld van onze bestuurders en hun acolieten valt. Het Vlaanderen van de bierfeesten blijft voortbestaan. Maar daarnaast is, onopgemerkt of verwaarloosd door de kolossen van Wetstraat en omgeving, dat andere Vlaanderen gegroeid. Een jong Vlaanderen, dat met veel zelfzekerheid de wereld verovert, zonder zich te bekommeren om de pompeuze plechtstatigheid van ceremonies waarbij geld wordt rondgestrooid. Geluidloos sneuvelt hier en daar dan wel zo'n kleine maar dappere uitdrager van Vlaamse creativiteit, zoals mode- en meubelontwerper Chris Mestdagh. De eerste van de creatieve golf van de afgelopen tien jaar ? Er wordt aan dit soort voorvallen niet veel aandacht besteed in een land waar men de vreemde bezoeker op de vernieuwde nationale luchthaven verwelkomt met fresco's van begijnen, garnaalvissers te paard, rondbuikige burgemeesters, en boeren met blauwe kiel en geruite zakdoek. Geschilderd op het niveau van een parochiezaaltafereel uit de jaren vijftig. Jong talent heeft niet de connecties die nodig zijn om in de etalage van het land te mogen liggen. En is meestal ook te dwars om in de pas te lopen voor een paar honderdduizend frank. Tessa Vermeiren