Mijn oproep om de hoofddoek te verbieden voor overheidsvertegenwoordigers en leerlingen in openbare scholen is niet in dovemansoren gevallen. De discussie over de hoofddoek, maar belangrijker nog, over de positie van de vrouw in de moslimwereld is volop losgebarsten. Dat laatste was ook het doel van mijn oproep. De meeste mensen die er op reageerden brachten tal van zinvolle opmerkingen aan waardoor het debat op een hoog niveau werd gevoerd.
...

Mijn oproep om de hoofddoek te verbieden voor overheidsvertegenwoordigers en leerlingen in openbare scholen is niet in dovemansoren gevallen. De discussie over de hoofddoek, maar belangrijker nog, over de positie van de vrouw in de moslimwereld is volop losgebarsten. Dat laatste was ook het doel van mijn oproep. De meeste mensen die er op reageerden brachten tal van zinvolle opmerkingen aan waardoor het debat op een hoog niveau werd gevoerd. De column van Tessa Vermeiren ( Weekend Knack, 21 januari) vormt daarop een eenzame uitzondering. In naam van het politiek correcte denken vindt ze dat mijn mening niet gepast is of onderdeel vormt van een partijpolitieke strategie. Daarvoor verwijst ze naar een komend VLD-congres en de komende verkiezingen. Als ik haar gedachtegang zou volgen, dan kan ik nooit meer mijn mening geven want er zijn altijd congressen en verkiezingen op komst. Ze lijkt te vergeten dat politici ook een voorbeeldfunctie hebben. En vanuit mijn functie van minister van Binnenlandse Zaken lijkt het me zelfs evident dat ik iets langer dan anderen blijf stilstaan bij de fundamentele principes van onze rechtsstaat. Ze verwijt me een 'macho-gedrag'. Misschien zou ze zich als zogenaamde feministe veeleer zorgen moeten maken over het 'macho-gedrag' van veel moslimmannen tegenover hun vrouwen, dochters en zusters. Mannen die hun vrouwen, dochters en zusters verplichten om thuis te blijven, om geen omgang te hebben met derden en om zich te sluieren in aanwezigheid van anderen. Mannen die hun dochters en zusters uithuwelijken met andere mannen die ze nog nooit gezien hebben. Mannen die met hun jonge dochters op reis gaan naar hun land van herkomst om ze religieus te besnijden. Mannen, zoals de Saudische prinsen, die Annemie Neyts weigeren te ontvangen zolang ze geen hoofddoek draagt. Ze verwijt me 'bevoogdend' op te treden tegenover allochtone meisjes. Ze bedoelt waarschijnlijk dat die meisjes de hoofddoek 'uit vrije wil dragen' en dat ik mij daar niet mee moet moeien. Dat is typisch een cultuurrelativistische houding. Omwille van de traditie of gewoontes van een specifieke groep is het volgens Vermeiren niet langer toegestaan om daar kritiek op te hebben. Dus geen woord over de dwang op meisjes om zich al op acht of negen jaar te moeten hullen in doeken, geen kritiek op de praktijk van de gedwongen huwelijken, geen kritiek op de sharia en geen kritiek op de koran die het slaan van vrouwen toestaat. Ze stelt dat door het verbod van de hoofddoek 'meisjes van school zouden worden gehouden en aldus verstoken van serieuze toekomstkansen'. Hiermee geeft ze impliciet aan dat de hoofddoek in veel gevallen onderdrukkend is. Het is hetzelfde argument als diegenen die beweren dat zonder een hoofddoek 'die meisjes minder bewegingsvrijheid zullen hebben'. Ze weten dus dat die meisjes onderdrukt worden en dat die hoofddoek wordt opgelegd. Feministen als Tessa Vermeiren getuigen van weinig moed. Ze staan langs de kant, weten wat er gebeurt, maar kijken omwille van het politiek correcte denken opzij. Ze zwijgen over de echte oorzaken en rekenen op een automatische integratie, terwijl iedereen weet dat het de verkeerde kant opgaat. In Nederland en Frankrijk zwijgen de feministen niet langer. In Nederland stellen moslima's als Ayaan Hirsi Ali, Naima El Bezaz en Nahed Selim de hypocrisie van de moslimmannen en van de zogenaamde feministen in het Westen aan de kaak. In Frankrijk hebben Chahdortt Djavann en Samira B ellil gewezen op de vrouwonvriendelijke praktijken bij tal van moslims in onze contreien. De problemen die ik aanhaalde zijn geen akkefietje maar een zaak die elk beschaafd mens en zeker een westerse feministe zou moeten beroeren. Omdat vrouwen die onderdrukt worden al onze steun verdienen. Patrick Dewael, minister van Binnenlandse Zaken. Antwoord van Tessa Vermeiren. Het doet mij genoegen dat de minister ook meningen van overjaarse westerse feministen in ogenschouw neemt. Interessanter is allicht de mening van een genuanceerde al- lochtone politica als Yamila Idrissi (SP.A) die deze week in onze rubriek InZicht verschijnt ter gelegenheid van 40 jaar Marokkaanse migratie. Zij legt de vinger op de wonde : de sluier is slechts een symptoom. Socio-economische integratie, werkgelegenheid en onderwijs voor meisjes én jongens zijn de sleutel tot integratie en emancipatie. Niet het verbieden van sluiers of baarden. Het is natuurlijk veel makkelijker aan de symptomen te sleutelen dan aan de grond van de zaak. Patrick Dewael stelt de zaken lichtelijk verkeerd voor als hij beweert dat ik de enige ben met een mening die afwijkt van de zijne. Ofwel leest hij de pers zeer selectief.