Welke beelden komen me voor de geest als ik aan Italië denk ? Meisjes met stiletto's op een Vespa. Elegante dames van een zekere leeftijd voor de etalages van de Milanese Via Montenapoleone, de zonnebril gebeiteld in een kapsel waaraan heel lang geföhnd moet zijn om het er zo verzorgd nonchalant te laten uitzien. De karakterkop van wijlen Gianni Agnelli, Fiatbaas en playboy, een citroen-gele kasjmier trui achteloos over de schouders gedrapeerd. Sofia Loren in Una giornata particolare, een koningin in een gebloemde schort, omdat ze in die film een verwaarloosde huissloof moest verbeelden. Dat bruidspaar op de Campidoglio in Rome - zij in een ivoorkleurige kanten jurk, hij met ivoor-kleurige puntschoenen onder zijn driedelige pak - dat gewillig en onvermoeibaar de instructies opvolgt van de fotograaf, duidelijk een belangrijker figuur in de huwelijksceremonie dan de pastoor.
...

Welke beelden komen me voor de geest als ik aan Italië denk ? Meisjes met stiletto's op een Vespa. Elegante dames van een zekere leeftijd voor de etalages van de Milanese Via Montenapoleone, de zonnebril gebeiteld in een kapsel waaraan heel lang geföhnd moet zijn om het er zo verzorgd nonchalant te laten uitzien. De karakterkop van wijlen Gianni Agnelli, Fiatbaas en playboy, een citroen-gele kasjmier trui achteloos over de schouders gedrapeerd. Sofia Loren in Una giornata particolare, een koningin in een gebloemde schort, omdat ze in die film een verwaarloosde huissloof moest verbeelden. Dat bruidspaar op de Campidoglio in Rome - zij in een ivoorkleurige kanten jurk, hij met ivoor-kleurige puntschoenen onder zijn driedelige pak - dat gewillig en onvermoeibaar de instructies opvolgt van de fotograaf, duidelijk een belangrijker figuur in de huwelijksceremonie dan de pastoor. Toegegeven, net als die van zoveel andere noorderlingen, is mijn visie op het land wellicht geïdealiseerd. Natuurlijk is Italië veel complexer dan prentbriefkaarten vol citroenbomen, olijfgaarden en glooiende Toscaanse heuvels. Of de films van Roberto Benigni. Maar nergens is mensen kijken zo boeiend als op een terras in Rome, Firenze of Amalfi. Niet voor niets is de passeggiata, waarbij Italianen zich vlak voor zonsondergang op straat begeven om te kijken en bekeken te worden, een nationaal ritueel. En ja, ik beken : als er zo'n zwartharige adonis in scherpgesneden pak passeert, het jasje losjes over de schouders en met expansieve gebaren pratend tegen een collega, dan mag mijn blik daar graag bij talmen. Het mag ook een grijsharige zijn. En ik ben lang niet de enige die zo reageert. "Waar zijn de mannen het meest sexy ?" was één van de vragen van een enquête in opdracht van een merk van verzorgingsproducten voor mannen. "In Italië", antwoordde 68 procent van de respondenten uit veertien verschillende landen, waar Italië niet eens bij hoorde. Wat meer is, zowel mannen als vrouwen waren die mening toegedaan. Ciao bello !Veel heeft te maken met het concept bella figura, een moeilijk te vertalen idioom, maar samen met la famiglia en voetbal datgene waaraan de modale Italiaan het meest belang hecht, aldus de vooraanstaande socioloog Franco Ferrarotti. Er is het esthetische aspect, wat zeg ik, de cultus van het esthetische in alle onderdelen van het dagelijkse leven. De Alessifruitpers op het Moltenikastje. Beddengoed in het fijnste Frettelinnen, besprenkeld met een paar druppels Acqua di Parma. Gemarmerd, handgeschept briefpapier uit Firenze. En ook de gastronomie is een symfonie van geuren en kleuren, van smaak en vormgeving. Farfalle, fiocchi, fusilli. Penne, pipe, pappardelle. Spaghetti, spaghettini, spaghettoni. Bavette, bandelle, bucatini. Hoeveel vlindertjes, schelpjes en buisjes heeft één land nodig ? Van de meest banale tot de meest exotische, de lijst van Italiaanse pasta's is eindeloos. Pure architectuur voor de ogen, maar ook voor de maag, want bij elke pastasoort hoort de juiste saus, bolognese is voer voor de regelrechte beotiërs onder de toeristen. De volmaakte harmonie van schoonheid en functionaliteit, oog voor kwaliteit en detail, het maakt onmiskenbaar deel uit van de Italiaanse levensstijl. Het helpt allicht als je opgroeit met de erfenis van twintig eeuwen kunst en cultuur in je voortuin. Hoe ook, na een dagje Rome juich je het alleen maar toe dat de Italianen het als hun nationale plicht lijken te beschouwen om het beste te maken van wat moeder natuur hen heeft meegegeven. Het verkeer wordt geregeld door bloedmooie agentes, het wemelt er van de pastoors die zo op een kalender kunnen. Zelfs de hogere clerus is niet vrij van enige ijdelheid : in de Via Cestari, de Schuttershofstraat van de clerus, hebben bisschoppen en kardinaals de keuze uit de laatste nieuwe trends qua mijters en kazuifels en bijpassende accessoires als paarse sokken en elegante rode schoenen. Maar fare bella figura gaat verder dan dat. Letterlijk betekent het : een goede indruk maken, je beste beentje voorzetten. Dat heeft met uiterlijk en elegantie te maken, maar ook met houding en zelfvertrouwen en bovenal : weten hoe het hoort. Het tegenovergestelde van fare bella figura is fare brutta figura, gezichtsverlies lijden, een modderfiguur slaan. In de Via Condotti rondlopen alsof je net van het strand komt bijvoorbeeld. Zich loyaal, respectvol en volgens de situatie gedra-gen is cruciaal voor het in stand houden van de bella figura, zowel in familiale kring als in zakelijke relaties, beweert Beppe Severgnini, een in Londen gestationeerde Italiaanse journalist die met La bella figura een insidersgids tot de Italiaanse geestesgesteldheid schreef. Mochten meer naties het principe naleven, we zouden een stuk dichter bij de wereldvrede komen, beweert hij nog. Vertel dat aan Ahmadinejad ! Toch is la vita niet altijd dolce in het land van de bella figura. In naam van de schoonheid is men bereid veel op te geven. Politici worden beoordeeld volgens hun glimlach, professionelen volgens hun kantoor, secretaressen volgens de lengte van hun benen, boeken volgens hun cover, auto's volgens hun design en mensen volgens hun titel. In de trattoria is elke klant dottore en als je Severgnini mag geloven is één Italiaan op vier voorzitter van een of andere vereniging. Nergens anders wordt zoveel waarde gehecht aan de eerste indruk. Nog voor je je mond opendoet, word je afgerekend op kleren, schoenen, accessoires en houding, die hier, meer nog dan elders, geacht worden boekdelen te spreken over sociale status, familiale achtergrond, opleidingsniveau en leeftijd. Stijl gaat boven inhoud, trends worden er niet gevolgd, maar gemaakt. En ja, een mens moet wat over hebben voor de schone schijn. In de film Mari del Sud (2001) komt een zakenman er net voor z'n geplande vakantie in de South Pacific achter dat zijn vennoot er met de centen vandoor is. Liever dan gezichts-verlies te lijden, sluit hij zich samen met vrouw en kinderen twee weken op in de kelder. Een onschuldige komedie ? Allesbehalve, zo blijkt uit een enquête in Il Messaggero : zo'n 19 procent van de Italianen zou dit jaar om allerlei redenen niet met vakantie gaan, maar een derde daarvan zou er alles voor doen om de schijn op te houden, van het vergaren van reisfolders tot het onderbrengen van de kamerplanten bij de buren. Wie jaren tegen de dwang van het schoonheidsideaal vocht, was Telesforo Iacobelli ( what 's in a name ?), tot zijn dood in 2008 voorzitter van de Club dei Brutti, de club van de mottigaards, zeg maar. Hun thuisbasis is Piobicco, een middeleeuws stadje dat zichzelf in 1995 uitriep tot Wereldhoofdstad van Lelijke Mensen. Bij leven had Telesforo een mopsneusje, wat hem naar eigen zeggen lelijk parten speelde in een land waar een welgeschapen reukorgaan sinds togaheugenis de voorkeur geniet. "Er is iets grondig mis met een maatschappij waar niemand van je houdt als je niet mooi bent. In Italië kun je ver geraken met een mooi lichaam. Als je dat niet hebt, heb je een probleem. Al te veel mensen zien daarvan af." Als voorzitter van de Club dei Brutti werd Telesforo intussen opgevolgd door zijn dochter Roberta. Puur nepotisme, als je 't mij vraagt, want naar de foto te oordelen is ze lang niet mis. Wie het onmiskenbaar ver bracht in Italië is Silvio Berlusconi, een kruising tussen Juan Perron en Al Martino, immer zonge-bruind en goedlachs. Voor buitenstaan-ders kan zijn succes onbegrijpelijk, ja zelfs absurd lijken, maar voor Italianen is hij gewoon één van hen : hij houdt van z'n familie en van mooie vrouwen, van geld, voetbal en lekker eten. En ja, natuurlijk is hij een ritselaar van het zuiverste water en erger dan dat, maar je moet toegeven : de man weet zich te verkopen. En de grootste ritselaar van allemaal zijn, je moet het maar flikken. "Wat hij voor zichzelf kan, kan hij ook voor ons", moeten veel Italianen gedacht hebben. Volgens mensen die het weten kunnen, is er nog meer aan de hand. Van de tijd van Caesar en Augustus over Mussolini tot op heden schijnen de Italianen behoefte te hebben aan een sterke man aan het roer. Komt dat doordat thuis mamma de touwtjes stevig in handen heeft ? Hoe ook, geen beter uithangbord voor la bella figura dan Silvio Berlusconi. Want zeg nu zelf : in welk ander land heeft de premier tijdens zijn derde ambtstermijn meer haar dan tijdens de eerste ? Door Linda Asselbergs