1956 was voor de rhônewijnen een bijzonder jaar : de mistral raasde twee weken met windsnelheden boven de 100 kilometer per uur en dat bij temperaturen van min 15 graden. In Bordeaux, waar het even koud was, vroren bijna alle niet-ideaal ingeplante wijngaarden kapot. De betere kiezelbodems van de grands crus classés leden echter nauwelijks schade. In de Rhônevallei gingen alle olijfbomen eraan (niet de wortels, die het jaar nadien al weer uitschoten), maar wonderlijk genoeg ondervonden de wijngaarden nauwelijks hinder. Dat deed de boeren besluiten om van de wijnbouw hun voornaamste activiteit te maken.
...

1956 was voor de rhônewijnen een bijzonder jaar : de mistral raasde twee weken met windsnelheden boven de 100 kilometer per uur en dat bij temperaturen van min 15 graden. In Bordeaux, waar het even koud was, vroren bijna alle niet-ideaal ingeplante wijngaarden kapot. De betere kiezelbodems van de grands crus classés leden echter nauwelijks schade. In de Rhônevallei gingen alle olijfbomen eraan (niet de wortels, die het jaar nadien al weer uitschoten), maar wonderlijk genoeg ondervonden de wijngaarden nauwelijks hinder. Dat deed de boeren besluiten om van de wijnbouw hun voornaamste activiteit te maken. De bodem in de zuidelijke Rhônevallei mag dan wel erg verscheiden zijn, maar stenig en droog afgewaterd is hij in elk geval : grand cru classé-achtig met grind, zand, rolstenen, mergel, zandsteen, keien... Alles kun je er aantreffen, maar geen drassige zware gronden zoals in de Dordognevallei in Bordeaux, waar veel beter suikerbieten zouden staan. Er is dus veel Côtes du Rhône : meer dan 40.000 hectare met 10.000 wijnboeren. De wijngaarden zijn beplant met grenache, mourvèdre en syrah. Grenache geeft een rijke basis van kleur en alcohol en er moet minstens 40 procent van zijn in de uiteindelijke assemblage, syrah geeft neus, mourvèdre zorgt voor structuur en bewaarpotentieel. De meest indrukwekkende Côtes du Rhônewijnen zijn gegroepeerd in de cru's : Châteauneuf du Pape, Lirac, Tavel en Vacqueyras. Het is de natte droom van de meeste wijnbouwers om, via een tussenstap van Côtes du Rhône Villages, het cruniveau en de status mét de prijs ervan te halen. Daardoor wordt er al eens gezondigd, met te veel extractie en met onnodige maar modieuze houtlagering. De meeste wijnen hebben echter een roeping van zacht fruit, vooral dankzij de recente, veel betere technologie en de excellente jaren 2006 en 2007. In de meer perifere appellations, die wel administratief bij de Rhône worden gerekend, zoals Coteaux du Tricastin, Côtes du Lubéron, Côtes du Ventoux en Costières de Nîmes, zal men ver moeten zoeken om iets beters dan simpelheid aan te treffen. Mooie kleur met spanning van de lagering. Zachte kruidige neus met goed gezond oud hout. Aangename smaak met volgehouden fruit over heel het smaakgebied en goede lengte. Een prototype van evenwichtige moderne rhônewijn. Moet passen bij een stoofpot. (Delhaize : 6,99 euro). Geconcentreerde kleur en krachtige neus met getemd rood fruit. Smakelijke aanzet met goed structurerende tannines. Wijn die wat moet liggen. Voor bij de barbecue. (GB/Carrefour : 5,95 euro). Lichte kleur met wat getaande evolutie maar een neus met structuur en nuance, en fruit. De smaak is aangenaam evenwichtig, zelfs met wat lengte. Moet passen bij een gebraden poularde. (GB/Carrefour : 4,18 euro). Krachtige kleur met een rode nuance. Neus met getemd rood fruit en diepte na opschudden. De smaak zet stevig aan maar valt dan wat weg. Moet passen bij geroosterd vlees. (Colruyt : 4,75 euro). Vrij lichte kleur en goede, presente neus van licht rood fruit met een toets peper. De smaak is eenvoudig maar correct en houdt goed samen. Moet passen bij goede charcuterie. (Delhaize : 2,19 euro). Kleur met een bijna inktachtige concentratie. Zuivere neus met diep fruit en kruidigheid. De smaak is stevig en gestructureerd. Deze wijn kan enkele jaren liggen en versmelten. Moet passen bij het grote werk met geroosterd rood vlees. (Colruyt : 6,85 euro). Door Herwig Van Hove