Soms zou ik willen dat ik mij eens goed kwaad kon maken. Dat moet opluchten, zo lekker uitrazen. Mensen die door hard kijven hun gram halen, ik verwens ze, maar stiekem ben ik er ook jaloers op. Helaas ben ik met een overdosis empathie geboren, een hinderlijke eigenschap die maakt dat ik me zelfs met de ergerlijkste zeurkousen kan vereenzelvigen. Bovendien ben ik ook redelijk sloom, mijn brein heeft de neiging kwaadaardig bedoelde uitlatingen met enige vertraging te ontcijferen. Bedenk er dan nog maar eens een snedig antwoord op.
...

Soms zou ik willen dat ik mij eens goed kwaad kon maken. Dat moet opluchten, zo lekker uitrazen. Mensen die door hard kijven hun gram halen, ik verwens ze, maar stiekem ben ik er ook jaloers op. Helaas ben ik met een overdosis empathie geboren, een hinderlijke eigenschap die maakt dat ik me zelfs met de ergerlijkste zeurkousen kan vereenzelvigen. Bovendien ben ik ook redelijk sloom, mijn brein heeft de neiging kwaadaardig bedoelde uitlatingen met enige vertraging te ontcijferen. Bedenk er dan nog maar eens een snedig antwoord op. Sommige mensen lijken wel kwaad geboren. De vrouw van mijn voormalige tandarts, bijvoorbeeld, die haar man als secretaresse bijstond. In al de jaren dat ik de praktijk frequenteerde, heb ik haar niet één keer weten glimlachen. "U bent vijf minuten te laat", snierde ze. Of ze insinueerde dat ik mijn rekening van de vorige keer nog niet betaald had, terwijl er in grote letters 'voldaan' op stond. Vreemd genoeg was haar man de beminnelijkste mens ter wereld, met van die twinkelende pretogen. Hoe die twee elkaar gevonden hadden, het is me nog steeds een raadsel. Als ik me weer eens door die zuurbom geschoffeerd voelde, bedacht ik wat ik bij een volgende confrontatie zou zeggen. "Bent u een natuurtalent of hebt u lang geoefend om zo chagrijnig te worden ?" Iets van die strekking. Maar wees maar eens ad rem met je mond vol boor- en dregapparatuur. En zelfs volledig cariës- en tandsteenvrij zou ik zoiets nog in geen honderd jaar hardop durven te zeggen. Intussen is de praktijk gesloten, waarschijnlijk wegens een terminaal beledigd patiëntenbestand. Vaak zijn mensen kwaad op de verkeerden. Loketbedienden bijvoorbeeld. Die arme man onder het bordje 'internationaal' kan het ook niet helpen dat de Thalys naar Amsterdam vijf minuten voor vertrek ineens afgelast blijkt. Groot is mijn mededogen voor de werknemers in de banksector die tegenwoordig voortdurend kwaaie aandeelhouders en gefrustreerde spaarders over zich heen krijgen. Alsof Cindy van het Dexiafiliaal van Antwerpen Metropool persoonlijk verantwoordelijk is voor de Amerikaanse rommelkredieten. In sommige beroepen krijg je vrijwel uitsluitend te maken met lui die over de rooie gaan. Parkeerwachters, om maar iets te zeggen, en bagagebehandelaars die uitgescholden worden omdat iemands koffertje aan de andere kant van de Oceaan op het tarmac bleef staan. Soms is hardnekkig zen blijven terwijl alle anderen uit hun dak gaan de enige adequate strategie. Zo maakte ik ooit een tussenlanding in Abu Dhabi waar alle vluchten richting Europa dramatisch overboekt bleken. De transitbalie, bemand door één schriel jongmens onder een theedoek werd bestormd door tientallen verontwaardigde westerlingen. De man, een zenuwinzinking nabij, keek hulpzoekend rond. Zijn blik viel op mij, onverstoorbaar glimlachend. Een half uur later was ik op weg naar Parijs, comfortabel geïnstalleerd in business. Misschien had Matteüs toch gelijk toen hij preekte dat de zachtmoedigen de aarde zullen beërven. Linda Asselbergs