Half december. Feest op nummer 13, rue de la Paix in Parijs. De vernieuwde winkel van Cartier wordt met veel toeters en bellen heropend. Onder de witte (fake) sneeuw verdringen genodigden elkaar op een eindeloos rood tapijt. Ze drinken warme wijn en blijven gefascineerd staan kijken naar reuzegrote, rode juwelenkisten met het logo van Cartier. Daarin bewegen dansers en danseressen zich in decors van weleer : het keizerlijke China, het Rusland van de tsaren, het India van de maharadja's...
...

Half december. Feest op nummer 13, rue de la Paix in Parijs. De vernieuwde winkel van Cartier wordt met veel toeters en bellen heropend. Onder de witte (fake) sneeuw verdringen genodigden elkaar op een eindeloos rood tapijt. Ze drinken warme wijn en blijven gefascineerd staan kijken naar reuzegrote, rode juwelenkisten met het logo van Cartier. Daarin bewegen dansers en danseressen zich in decors van weleer : het keizerlijke China, het Rusland van de tsaren, het India van de maharadja's... Maar een deel van het spektakel speelt zich ook af onder het publiek: zelden waren zoveel kostbare stenen samen te zien. De rijkdom straalt er af. De belangrijkste klanten, die voor de gelegenheid uit Amerika of Azië zijn overgevlogen, beconcurreren elkaar in glans en schittering. Edelstenen in het haar, aan de vingers en aan de hals. In de uitstalramen nog meer sensuele en prestigieuze juwelen, in de markantste stijlen van het huis : guirlande, tuttifrutti, art deco, parels... Om nog niet te spreken van de beroemde diamond of the South, een van de grootste (261,24 karaat) ter wereld, in een armband gezet. Sterren en beroemdheden zijn de genodigden op dit feest. We herkennen onder meer Monica Bellucci en Inès de la Fressange. De verbouwingswerken duurden zeventien maanden. "Deze renovatie grijpt niet terug naar het verleden", wordt ons meteen duidelijk gemaakt. "We kozen resoluut voor het heden. Cartier is een modern verhaal", zegt Pierre Rainero, directeur van het patrimonium. De oorspronkelijke gevel in portor (geel geaderd zwart marmer) werd zorgvuldig opgeknapt. Alle volumes kregen hun oorspronkelijke structuur terug. De architecten Sylvain en François Dubuisson tekenden een nieuwe as in de diepte, 25 meter lang. Als je nu de winkel binnenstapt, krijg je meteen een prachtig perspectief te zien. De juwelen worden beneden verkocht en op de eerste verdieping. Die zijn met elkaar verbonden door middel van een nieuwe, spectaculaire trap. Op de volgende drie verdiepingen bevinden zich de ateliers rond het atrium en op de hoogste twee etages werden de archieven ondergebracht. De winkel zelf kreeg een indrukwekkend glazen dak. Het was voor de architecten een krachttoer om het geheel toch te doen overkomen als een intimistische omgeving. Een reeks salons (waaronder het salon Edouard VII, het salon Saint-Petersbourg, het salon des Reines, waar een foto hangt van koningin Elisabeth van België met haar diadeem), tussenkamertjes, galeries en twaalf zuilen in de hal zorgen voor een aangename en gezellige sfeer. Oorspronkelijke elementen zoals de historische lambrisering of het Versaillesparket, nog voor zeventig procent aanwezig, werden vernuftig aangevuld met hedendaagse details. Dit authentieke en historische decor, dat de indruk geeft nog maar net van onder het stof te komen, herbergt technologie voor het derde millennium. Op de eerste verdieping zijn er drie historische salons : het salon der maharadja's, het salon Jeanne Toussaint (de muze van Louis Cartier, die van 1930 tot 1960 de juwelenafdeling leidde) en het salon der geuren, het rijk van Mathilde Laurent, die speciaal werd aangeworven om parfums op maat te creëren. Eerst Louis-François, dan Alfred, daarna de drie broers Louis, Pierre en Jacques, en ten slotte Claude : aan het roer van de meest prestigieuze naam in de juwelierswereld, toch bij uitstek een vrouwelijke wereld, zien we uitsluitend mannen. Louis-François Cartier is de grondlegger van de dynastie in 1847. Hij neemt dan het atelier van zijn leermeester Alphonse Picard over. Het geluk lacht hem toe. Vanaf 1856 kiest prinses Mathilde, de machtigste vrouw van Parijs (Napoleon I was haar oom en keizer Napoleon III haar neef), haar parure bij Cartier. In de top tien van de toenmalige luxewijken staat de rue de la Paix ongetwijfeld op nummer één. Juweliers, maar ook couturiers, onder wie de beroemde Worth, trekken het chique volk aan. Louis Cartier, kleinzoon en opvolger van Louis-François, beslist in 1899 om er zich ook te vestigen. Hij doet er alles aan om van zijn winkel de place to be te maken. Er wordt op geen frank gekeken. Gesculpteerd houtwerk in natuurlijke eik, stijl Louis XVI, op de gelijkvloerse verdieping, houtwerk in Louis XV-stijl op de eerste verdieping ; grote kroonluchters en zeldzame marmersoorten verlenen de zaak een buitengewoon cachet. Louis Cartier gaat voor een volkomen aparte en originele stijl. Hij is helemaal weg van het classicisme, haalt zijn inspiratie uit de achttiende eeuw en herontdekt platina. In de eerstvolgende twintig jaar verzamelt het huis vijftien verschillende brevetten van hofleverancier en oogst wereldwijd succes. De eerste horloges van Louis Cartier concurreren met die van Breguet. Hij waagt zich aan het combineren van robijn en smaragd, vindt het clipsysteem uit en maakt van het armbandhorloge een hit. Maar rond de eeuwwisseling is hij wat uitgekeken op het neoclassicisme. In 1904 introduceert hij geometrische en abstracte elementen en daarmee is hij een voorloper van de art deco. Tegen het einde van de jaren twintig bereikt deze Louis Cartierstijl een hoogtepunt : het is de zogenaamde 'witte' periode, met combinaties van platina, bergkristal en rechthoekig geslepen diamanten, moderne en sobere vormen. In de jaren 1930 komt Jeanne Toussaint in het bedrijf. Louis Cartier is helemaal weg van haar. Zij krijgt de leiding over de juwelenafdeling en introduceert een naturalistische stijl, geïnspireerd op de fauna en flora. Een stijl die tot 1950 een groot succes is. De panter wordt het troeteldier van het merk. In 1993 integreert het huis in de luxegoederengroep Richemont. Nieuwe tijden, nieuwe juwelen, maar de naam Cartier blijft vereenzelvigd met prestige. Of om het met de woorden van Edouard VII te zeggen : "Cartier is de koning van de juweliers, want de juwelier van koningen."Door Barbara Witkowska